+ Meer informatie

'Oort' en de loonstrookjes in jan

4 minuten leestijd

Het zal niemand ontgaan zijn dat ons belastingstelsel per 1 januari ingrijpend gewijzigd is. Een deel van de wijzigingen is bedacht door een commissie waarvan prof. Oort voorzitter was. Vandaar dat de veranderingen meestal worden samengevat onder de naam 'Oort'. Het duidelijkst was 'Oort' zichtbaar op de loonstrookjes die de werknemers deze maand bij de uitbetaling van het salaris kregen.

Dit leidde tot verontrustende berichten in kranten, met koppen als "Fiscale vernieuwing dupeert lagere inkomens" en "Gestroomlijnd belastingstelsel pakt ongunstiger uit dan voorgespiegeld". Dit liet de verantwoordelijke staatssecretaris. Van Amelsvoort, natuurlijk niet op zich zitten. Binnen de kortste keren verscheen een persbericht van het ministerie van financiën met geruststellende mededelingen. Alleen in bepaalde gevallen zouden mensen met lagere inkomens er netto op achteruitgaan, zoals bij voorbeeld jongere alleenstaanden.

Nu is het heel moeilijk om vergelijkingen te maken. Voor de meeste mensen is immers het salaris per 1 januari in meer of mindere mate verhoogd. We moeten dan berekenen hoe veel de werknemer overgehouden zou hebben -als nu nog belasting geheven zou worden volgens het oude regime. Zo las ik ergens de volgende vergelijking over het minimumloon voor achttienjarigen. Dit is nu 912,10 gulden per maand, bruto wel te verstaan. Het nettoloon is normaal gesproken vanaf 1 januari 735,04 gulden. Dit zou onder de oude tarieven 746,73 gulden zijn. Een 'verlies' van bijna twaalf gulden per maand. Aan de andere kant is het basisloon nu hoger dan in december vorig jaar, waardoor het ^'verlies' in nettoloon in het loonzakje vergeleken met december minder groot is en soms zelfs geheel wordt opgeheven.

Hogere inkomens hebben meestal wel een nettovoordeel, ook als we vergelijken met de oude tarieven toegepast op het loon van januari. Een vaste regel is moeilijk te geven omdat het uitrekenen van de belasting van factoren afhankelijk is die vaak van persoon tot persoon verschillen.

Controleren

Het is wel zaak om de nieuwe loonstrookjes kritisch te bekijken en te vergelijken met die van vorig jaar en met die van vergelijkbare collega's. Ook een loonadministrateur kan fouten maken. Als u reden hebt om te twijfelen aan de juistheid kunt u het beste met de loonadministratie contact opnemen om na te gaan hoe uw salaris precies berekend is.

Zelfstandigen en anderen die niet onder de heffing van loonbelasting vallen, krijgen pas volgend jaar volledig met 'Oort' te maken. Toch moeten ook zij daar nu al rekening mee houden. Dit geldt in de eerste plaats voor de voorlopige aanslagen. Deze worden vastgesteld aan de hand van de inkomensgegevens van het vorige jaar. Daarbij wordt zo goed mogelijk rekening gehouden met de gevolgen van 'Oort'. Wanneer u echter meent voor een te hoog bedrag te zijn aangeslagen, kunt u (gemotiveerde) bezwaren indienen door middel van een schattingsformulier 1990, dat bij de aanslag verzonden wordt. Als de belastingdienst daarmee instemt, zal de aanslag verminderd worden.

Overigens kunt u ook een schattingsformulier insturen als u de aanslag te laag vindt. Door te streven naar een aanslag die zo goed mogelijk met de werkelijkheid overeenkomt, wordt bereikt dat de definitieve aanslag geen onaangename verrassingen te zien geeft. Het komt nogal eens voor dat men bij het betalen op de voorlopige aanslag denkt zo goed als overal van af te zijn. Als de aanslag echter op verkeerde gegevens berust, kan het gebeuren dat de definitieve aanslag veel hoger is dan waarop gerekend werd. En dan moet er maar voldoende geld in huis of op de bank zijn om de aanslag te betalen.

In enkele gevallen ontvangt men geen voorlopige aanslag. Dit geldt voor belastingplichtigen met meer dan één dienstbetrekking en personen van rond de 65 jaar. Zij krijgen bij de aangifte 1989 een schattingsformulier, aan de hand waarvan de inspecteur beoordeelt of er alsnog een voorlopige aanslag 1990 moet komen.

Aftrekposten

In de tweede plaats wil ik wijzen op een ander gevolg van de Oort-wetgeving, namelijk de beperkte aftrekbaarheid van verschillende aftrekposten. Dit geldt zowel voor zelfstandigen als voor loontrekkenden. Allerlei kosten die men tot dit jaar maakte in verband met de dienstbetrekking of andere werkzaamheden kon men voor de berekening van de inkomstenbelasting aftrekken van het inkomen. Voor verschillende kosten kan dit nu niet meer. Het is dacht ik goed om deze consequenties van het nieuwe systeem nu al te bedenken. Ook hiermee kunnen onaangename verrassingen voorkomen worden.

De belastingdienst heeft een brochure uitgegeven waarin de belangrijkste verschillen tussen de jaren 1989 en 1990 worden beschreven. Doel van de brochure is duidelijk te maken waar nu precies het verschil tussen het oude systeem en het systeem-Oort zit. Zo wordt onder meer aandacht besteed aan de zogenaamde overhevelingstoeslag, de tariefgroepen en de loonberekening. De brochure is verkrijgbaar bij de postkantoren, de bibliotheken en de belastingkantoren. Voor algemene vragen over de gevolgen van de nieuwe wetgeving kan men ook terecht bij de belastingtelefoon, van 8.00 tot 17.00 uur, telefoon 06-0543.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.