+ Meer informatie

Abstracts

3 minuten leestijd

Het venijn van de religie

Jan van der Stoep

Religie staat opnieuw in het centrum van de maatschappelijke belangstelling. Dat is opmerkelijk, want lange tijd is gedacht dat met de modernisering ook de religie wel vanzelf zou uitsterven. Overigens betekent deze ‘terugkeer’ van de religie niet dat religie daarmee altijd positief wordt benaderd. Integendeel, meer dan ooit zijn mensen zich ervan bewust dat geloven ook een venijnige kant heeft, dat het kan werken als een vergif en de samenleving uiteen kan splijten. De hernieuwde aandacht voor religie, zo wordt duidelijk gemaakt, hangt nauw samen met veranderingen in de inrichting van de publieke sfeer die wel eens net zo ingrijpend zouden kunnen zijn als de veranderingen die zich ten tijde van de verzuiling voltrokken. Daarom is het van belang om ten aanzien van de rol van de staat, de nationale betekenis van het gereformeerde erfgoed en het denken in termen van volksdelen, Kuypers concept van soevereiniteit in eigen kring te heroverwegen en te actualiseren.

Vrede met verschil en verlangen. Graham Ward over de mens als beeld van God

Marco Derks

In dit artikel wordt de antropologie van de anglicaanse theoloog Graham Ward besproken. De centrale gedachte daarbinnen is dat de mens geschapen is naar het beeld van de drie-enige God. Zodoende wordt een antropologie geschetst met seksuele differentiatie, verlangen, tijd en ruimte als belangrijkste elementen. Deze worden alle besproken aan de hand van de manier waarop het lichaam van Christus in beeld wordt gebracht in de Schrift en de theologische traditie. Dat leidt tot Wards pleidooi voor het erkennen van de (gender)instabiliteit van het lichaam en voor een herwaardering van de erotische liefde. Ook op tijd en ruimte ontwikkelt Ward een specifiek christelijk-theologische visie. In dit alles wil hij laten zien hoe Christus, die nog steeds op verscheidene manieren lichamelijk aanwezig is in deze werkelijkheid, ons verlost uit het seculiere nihilisme.

Dietrich Bonhoeffer en George Bell, het verhaal van een politieke vriendschap

Guido de Graaff

De auteur stelt zich ten doel de politieke theologie van Dietrich Bonhoeffer in de bredere context van diens biografie te plaatsen. Aanleiding hiervoor is de blijvende belangstelling voor Bonhoeffers theologie, vooral in samenhang met zijn opmerkelijke rol in het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog en zijn uiteindelijke executie. Voor een realistisch beeld van Bonhoeffers theologie en biografie richt de auteur zich op de sociale context van diens politieke inzet. Deze context wordt geconcretiseerd aan de hand van Bonhoeffers vriendschap met George Bell. Aan de hand van hun gezamenlijke verhaal wordt inzichtelijk gemaakt hoe de vriendschap een basis vormde voor hun praktische invulling van de verantwoordelijkheid tot politiek handelen zoals beschreven in Bonhoeffers Ethik. De auteur typeert de politieke relevantie van hun vriendschap met de begrippen ‘gezamenlijke oordeelsvorming’ en ‘vertrouwen’. Deze typering vormt vervolgens de basis voor zijn bespreking van ‘politieke vriendschap’ binnen het kader van christelijke politieke ethiek.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.