+ Meer informatie

Stadstuinstukjes

3 minuten leestijd

Het kan in januari soms zo voorjaarsachtig zijn, dat je de tuin wilt aanpakken. Dode planteresten verwijderen, zodat het nieuwe groen de ruimte krijgt. Toch is dat niet verstandig. Die oude resten beschermen de planten mooi tegen vorst, en strenge vorst kan nog tot in februari voorkomen. Ook een nestkastje ophangen, een leuk karweitje voor deze tijd, laat ik achterwege. De buren hebben twee poezen, welker route naar en van huis door onze tuin loopt. Wij wonen op de hoek en als ze bij ons over de schutting springen zijn ze 'buiten'.

Soms komen ze met iets in hun bek de oversteek maken: een muis, vogel, een (nog levende) kikker. Als de katten een in mijn nestkastje geboren jong vogeltje te pakken kregen zou ik dat afschuwelijk vinden. Dan maar geen nestkast.

Achter in onze tuin staat de schuur, met daarnaast een betegeld gedeelte, dat overdekt is. Dat was al zo en het is best handig. Je kunt bij regen een reparatie aan je fiets verrichten terwijl je droog staat. Op die plek hebben de vorige bewoners wat grote patioblokken achtergelaten, van die betonachtige open dingen die een poos in de mode zijn geweest. Op die op-elkaar-gestapelde stenen voer ik vaak wat verplant-werkzaamheden en dergelijke uit. Nadeel is dat de stenen vrij laag zijn. Onlangs zag ik in een blad een tuinwerktafel. Dat lijkt me wel wat. Lekker op hoogte, en eronder kun je een plank maken voor allerhande spullen. Zou prima op deze plaats passen.

Het wordt onderhand tijd om wat te zaaien. Elk jaar krijg je zulke kriebels, terwijl de tuin op een gegeven moment toch vol staat. Nu zaai je natuurlijk vooral eenjarigen, die na een zomer zijn verdwenen. Behalve de leeuwebekjes dan. Ook witte Alyssum ofwel sneeuwkleed lijkt behoorlijk winterhard. Of misschien zaait dat zichzelf wel. Hoewel ik geen fan ben van afrikaantjes, is het wellicht handig ze toch weer eens te nemen. Bij rozen geplant gaan ze namelijk rozemoeheid tegen, een soort uitputting van de grond. En voor m'n rozen heb ik heel wat over, zelfs afrikaantjes. Op zich zijn het echt geen lelijke plantjes, en de kruidige geur vind ik ook niet vies, maar dat knaloranje staat helemaal niet bij mijn roze, rode en abrikooskleurige rozen. Het zaaien van afrikaantjes is wel een oppepper als er eens een zaaisel is mislukt. Want deze zaadjes komen altijd op, en al heel snel ook. Ik moet dan altijd aan de gelijkenis van het zaad denken: „... gelijk een mens zaad in de aarde wierp, (...) en dat het zaad uitsproot en lang werd, dat hij zelf niet wist hoe."

Binnenkort wil ik eens naar een tuincentrum, want het artikel in Terdege, vorig jaar, over de camelia heeft me nieuwsgierig gemaakt. Deze prachtige plant, die in het Latijn een 1 extra krijgt, bloeit begin februari. De bloemen lijken wel wat op die van de Chinese roos, maar de camelia kan in de tuin en schijnt zelfs tegen -18°C te kunnen. Zo vroeg in het jaar is er meestal niet veel kleur in de tuin te bekennen en valt zo'n camelia extra op. Ik vrees wel dat er een fors prijskaartje aan de plant hangt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.