+ Meer informatie

EEN NIEUWE BIJLAGE 8 K.O.

8 minuten leestijd

De generale synode 2010 was een zeer besluitvaardige synode. Als zichtbaar teken daarvan verscheen in februari 2011 het Besluitenboekje, dat de lezers van ons blad allen ontvangen hebben. Hopelijk hebt u het, persoonlijk en/of in kerkenraadsverband, ook bestudeerd, of gaat dat binnenkort nog gebeuren. Een aantal besluiten raakt de kerkorde, en voor één daarvan vraag ik in de serie ‘kerkrecht’ uw aandacht: bijlage 8 K.O.

BIJLAGE 8 K.O.

Niet alle nummers van de bijlagen in de kerkorde roepen meteen herkenning op (dat geldt overigens ook voor de artikelen zelf). Toch ligt dat met deze bijlage anders: is dat niet ‘iets’ over de samenwerking met andere kerken? Dat klopt. Daarbij moet overigens gezegd worden dat de nummering in de loop van de decennia wel gewijzigd is: ooit was het 8, daarna is het een poosje 6 geweest, nu is het weer 8. Dat ligt aan de volgorde van de bijlagen: zij volgen de nummering van de kerkorde. En aangezien er wel eens een bijlage bijkomt…

Welnu, samenwerking met andere kerken, en wel kerken van gereformeerd belijden. Oftewel kerken waarvan de generale synode van onze kerken heeft uitgesproken dat zij met ons willen staan op de grondslag van Gods heilig Woord en de gereformeerde belijdenis. Met plaatselijke gemeenten van die kerken kunnen onze kerkenraden contacten aangaan die leiden tot het zogenaamde ‘nauwer samenleven’. Dat is: het elkaar aanvaarden als een zustergemeente; en dat komt dan uit in het laten voorgaan van elkaars predikanten (kanselruil), aanvaarden van attestaties van elkaars leden, wederzijdse toegang tot elkaars avondmaalstafel etc. Zo wordt bijv. de Geref. Kerk (vrijgemaakt) in Hilversum door onze gemeente van Hilversum-Pniël op precies dezelfde manier behandeld als de Chr. Geref. zustergemeente van Hilversum-Rehoboth.

In 2009 schreef ik een drietal artikelen in Ambtelijk Contact over de details van deze bijlage. Dit omdat er in de onderscheiden procedures nogal eens wat mis gaat en er misverstanden zijn. Nu voeg ik daar het volgende aan toe.

UITBREIDING VAN HET AANTAL KERKEN

De eerste wijziging betreft het aantal kerken waarmee plaatselijk samengewerkt kan worden. Tot aan de synode van 2010 waren dat de Ned. Geref. Kerken (d.w.z. wanneer men in 1998 contacten op plaatselijk niveau had, want daarna kwam er landelijk een pijnlijke ‘kink in de kabel’), de Geref. Kerken (vrijgemaakt), en via een speciale regeling sinds 2004 een aantal gemeenten binnen de PKN, namelijk die plaatselijke gemeenten die een gereformeerde prediking begeren – in de wandeling spreken wij dan meestal van Gereformeerde Bondsgemeenten, maar dat is officieel eigenlijk geen correcte aanduiding.

Onze synode besloot in 2010 aan dit rijtje ook de Hersteld Hervormde Kerk (HHK) toe te voegen. In de artikelen die in 2009 over deze materie in ons blad verschenen, kon u al lezen dat er landelijk contacten waren die gingen over de vraag of bijlage 8 K.O. ook op deze kerken van toepassing konden zijn. En wie een scherpe lezer van de kerkelijke pers is, dacht soms bij bepaalde aankondigingen: hé, is het al zover? Nu, het is zover, althans wat onze synode betreft. Dat moet er wel

met nadruk bij vermeld worden, want binnen de Hersteld Hervormde Kerk heeft men een eigen kerk(ord)elijke route, en die route is daar nog niet volledig tot een einde gekomen. De synode van de HHK heeft reeds een positieve uitspraak gedaan, maar deze moet nog worden voorgelegd aan de classicale vergaderingen Op dit moment kan onze uitspraak tot nauwer samenleven met de HHK dus nog niet geëffectueerd worden.

De beslissing van onze synode is geen verrassing: de HHK ontstond in 2004 uit een verdrietige scheuring bij het samengaan van de Ned. Hervormde Kerk, De Gereformeerde Kerken en de Evangelisch Lutherse Kerk. Zij vindt haar geestelijke oorsprong voor een groot deel in de Gereformeerde Bond en in de kring gemeenten die zich vroeger verenigden rond het blad Het gekrookte riet. Binnen de geestelijke variatie die onze kerken kenmerkt, is er geestelijke herkenning. Dat leidde nu tot een besluit onzerzijds. Ten overvloede: zonder dat daarmee een inhoudelijke uitspraak is gedaan over de verdrietige scheur in 2004, dat zou ons helemaal niet passen!

INHOUDELIJKE VERRUIMING VAN BIJLAGE 8

Er gebeurde nog meer. Tot aan de synode van 2010 konden plaatselijke kerkenraden alleen maar predikanten van andere kerken uitnodigen van kerken waarmee zij plaatselijk samenleefden. De kerkenraad van Eindhoven bijv., die een samenwerking heeft met de plaatselijke gemeente van de Ned. Geref. Kerk, kan predikanten uit die kerken uitnodigen voor het voorgaan in de eredienst, maar kan geen vrijgemaakt gereformeerde predikanten uitnodigen: daarmee is plaatselijk namelijk geen samenwerking. De kerkenraad van Deventer kan dat wel: die heeft samenwerking met allebei, zelfs zo vergaand, dat er daar sprake is van een samenwerkingsgemeente van de drie kerken: men beschouwt zich, komend uit drie kerken, als één gemeente en treedt zo ook op.

De regeling is verruimd: voortaan mogen al onze kerkenraden predikanten uitnodigen uit kerken waarmee landelijk een samenwerking is die nog verder ontwikkeld wordt. Dit ongeacht of men nu zelf een vorm van nauwer samenleven kent of niet. Een voorbeeld: de kerkenraad van Maarssen heeft tot op heden geen gebruik gemaakt van bijlage 8 K.O. (men ziet in het Jaarboek van deze gemeente geen + of # staan, wat duidt op samenwerking met NGK resp. GKv). Toch mag deze kerkenraad nu voortaan predikanten uit de GKv uitnodigen, om maar een voorbeeld te noemen. Dat is natuurlijk geen verplichting, het is een mogelijkheid. ledere kerkenraad zal in eigen verantwoordelijkheid bepalen of en in welke mate hij daar gebruik van maakt.

Met welke kerken kan dat dan? Wel, op dit moment geldt deze verruiming voor de Geref. Kerken (vrijgemaakt) en de Hersteld Hervormde Kerk. Let wel: het is weer een besluit onzerzijds, en het is af te wachten of de regels in de andere kerken erop aan zullen sluiten. Dat moeten hun synodes beslissen. U zult er zeker nader van horen, uit de mond van het deputaatschap dat al deze contacten onderhoudt en voedt: het deputaatschap voor de eenheid van gereformeerde belijders in Nederland.

Geldt de nieuwe regel ook voor de Ned. Geref. Kerken? Dat is een lastige vraag, omdat onze synode in 1998 besloot de relatie met deze kerken niet verder uit te bouwen: er waren teveel inhoudelijke verschillen gerezen. Deputaten ‘eenheid’ hebben daarom de opdracht gekregen om op deze vraag te gaan studeren, en daar zal dan in 2013 helderheid over verschaft worden. Voorlopig luidt dus het antwoord op de hierboven aan het begin van deze alinea gestelde vraag: op dit moment niet.

Dezelfde vraag kan gesteld worden voor Gereformeerde Bondsgemeenten en ook daarop moet het antwoord luiden: daarop zal de synode van 2013 een antwoord geven, op nader advies van deputaten eenheid, die daarop gaan studeren. De regeling die in 2004 is getroffen en die plaatselijke kanselruil met die gemeenten mogelijk maakt, is namelijk lastig in algemene zin landelijk door te trekken: er bestaat geen lijst van ‘Geformeerde Bondsgemeenten’, om zo te zeggen. En in Huizen weten we wel welke plaatselijke wijkgemeenten van de PKN daar onder vallen, maar… kan men dat in Zierikzee weten? Een opdracht voor deputaten dus.

DE WEG NAAR SAMENWERKING

In bijlage 8 K.O. wordt ook de route beschreven die door een kerkenraad bewandeld moet worden, wanneer hij plaatselijke samenwerking met een andere gemeente zoekt. Ook van deze route geldt dat er een belangrijke wijziging in kwam Het is altijd zó, dat de classis toestemming voor een voorgenomen samenwerking moet geven. Daartoe diende de kerkenraad dan een heel pakket bij de classis in, waarin hij inzicht gaf in het gevolgde traject: welke gezamenlijke besprekingen waren er geweest en welke onderwerpen waren daar aan de orde geweest, en hoe was het in die besprekingen tot een gezamenlijke inhoudelijke overtuiging gekomen? Nooit was echter duidelijk vastgelegd wat de onderwerpen waren die besproken moesten zijn (we wisten dat natuurlijk uit de praktijk wel: toe-eigening van het heil, visie op de kerk enz. Dat zijn immers ook de landelijke onderwerpen die besproken worden/zijn). Ook de precieze taak van de classis gaf wel eens aanleiding tot onduidelijkheid (zie de artikelen in AC in 2009). Nu is dat alles fundamenteel veranderd. En wel aldus:

De kerkenraad die een aanvraag bij de classis doet om nauwer samen te kunnen leven met een andere plaatselijke kerk (hetzij Geref. vrijgemaakt, hetzij Hersteld Hervormd, hetzij ‘GB-PKN’) dient vooraf met de kerkenraad van die plaatselijke gemeente gesproken te hebben over

• de visie op de prediking;

• de visie op de gemeente;

• de visie op de sacramenten en de kerkelijke vermaning

en hij dient de classis te melden dat over deze drie zaken geestelijke overeenstemming is bereikt. De classis zal dus kennisnemen van de feitelijkheid van deze overeenstemming. Zij kan daar informatief op ingaan, maar zal het dus niet ‘wegen’.

Daarnaast moet de kerkenraad – zoals ook al in de oude regeling het geval was – de bewilliging van de gemeente ontvangen om tot nauwer samenleven over te gaan. Deze bewilliging (in bijlage 8 wordt gesteld at er ‘genoegzame eenparigheid’ in de gemeente moet zijn) moet ter kennis van de classis gebracht worden, en daarvan moet de classis zich dan zelf overtuigen. Dat gebeurt aan de hand van de documenten die de kerkenraad aan de classis ter hand stelt.

Wie deze procedure vergelijkt met de oude, ontdekt dat de taak van de classis op inhoudelijk gebied beperkter is geworden. Daarom is het te begrijpen dat voortaan de deputaten naar art. 49 K.O. van de particuliere synode niet meer door de classis te hulp hoeven te worden geroepen. Zij hoeven dus bij deze beslissingen geen advies meer te geven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.