+ Meer informatie

We willen niet meer aan zijden draad bungelen

Geref. Kerken gaan met dreigement naar GOR in Athene:

6 minuten leestijd

DEN HAAG (ANP) - De afgevaardigden van de Gereformeerde Kerken zullen de Gereformeerde Oecumenische Raad (GOR) in Athene verlaten, als lidkerken van de raad opnieuw hun standpunt over homoseksualiteit ter discussie stellen. „Wij willen binnen de GOR niet aan een zijden draadje blijven bungelen", zegt dr. L. J. Koffeman, functionaris oecumene van de Gereformeerde Kerken.

„Een nieuwe oproep van de GOR om ons pastoraal advies aan de gemeenten in te trekken, is pastoraal onaanvaardbaar, gelet op de plaats die de homoseksuele kerkleden in onze kerk hebben. De GOR kan het ook zelf niet verdragen, dat ze telkens over het lidmaatschap van één kerk spreekt", meent dr. Koffeman.

„Laten we ophouden met haarkloverijen en eindelijk eens onderzoeken, wat we als kerken voor elkaar kunnen betekenen", voegt de voorzitter van de gereformeerde synode, ds. P. Boomsma, eraan toe. De delegatie zal erop aandringen dat er zo snel mogelijk een besluit over het lidmaatschap van de Gereformeerde Kerken wordt genomen.

De GOR, waarbij 27 gereformeerde en presbyteriaanse kerken zijn aangesloten, vergadert van 25 mei tot en met 5 juni in Athene, waar hij te gast is bij de Evangelische Kerk van Griekenland.

Homofilie

Het pastoraal advies uit 1979 van de gereformeerde synode aan de plaatselijke kerken om „de homofiele naaste te aanvaarden en toe te laten tot het avondmaal en de kerkelijke ambten" -ook als men een en ander praktizeert-, wordt al sinds de GOR-vergadering van 1980 sterk bekritiseerd.

Nadat in 1984 een voorstel om de gereformeerden uit de organisatie te zetten het net niet had gehaald, riep de GOR in 1988 in de Zimbabwaanse hoofdstad Harare de Gereformeerde Kerken op hun standpunt over homoseksualiteit te herzien. Maar een voorstel om dit advies van een ultimatum te voorzien, werd met grote meerderheid verworpen. Voor drie behoudende kerken, waaronder de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland en de Gereformeerde Kerk in ZuidAfrika (de Dopperkerk) was dit laatste besluit reden uit de GOR te stappen.

De christelijke gereformeerden zullen geen gehoor geven aan de uitnodiging van het GOR-bestuur om een waarnemer naar Athene te sturen. „De GOR is voor ons een afgesloten hoofdstuk", aldus ds. J. Westerink, die als deputaat de Christelijke Gereformeerde Kerken vertegenwoordigde in Harare.

Verontrust

Hoewel de gereformeerde synode kort na Harare het dringende verzoek van de GOR om een andere houding tegenover homoseksualiteit in te nemen naast zich neerlegde, adviseert het "interim committee", het bestuur, de lidkerken de Gereformeerde Kerken niet uit de GOR te zetten. De motivering luidde: „Er zijn onvoldoende gronden om aan het lidmaatschap een einde te maken". Het bestuur verklaarde zich „diep verontrust" te tonen over de opvattingen van de Gereformeerde Kerken over homoseksualiteit en het gezag van de Bijbel.

Het GOR-bestuur bleek ontvankelijk voor de kritiek van Nederlandse zijde dat de Gereformeerde Kerken telkens „de wind van voren krijgen", zonder dat er ooit in GOR-verband een studie is gewijd aan homoseksualiteit en de manier waarop met de bijbelteksten daarover moet worden omgegaan.

Koffeman en Boomsma hopen op een uitgebreide discussie over het rapport "Hermeneutiek en ethiek", dat de discussie over het gezag van de Bijbel binnen de GOR inhoud moet geven. Diverse GOR-kerken hebben het de Gereformeerde Kerken kwalijk genomen dat zij in 1983 het rapport "God met ons" over het gezag van de Bijbel als „confessioneel verantwoord" naar de plaatselijke kerken stuurden.

Bijbel/niet de enige

In het rapport "Hermeneutiek en ethiek" wordt vastgesteld dat de Bijbel in ethische zaken wel een belangrijke rol speelt, maar niet de enige factor bij beslissingen op dit terrein is. Ook de culturele, sociale en historische context behoort bij een oordeel over ethische kwesties een rol te spelen. De gereformeerde synode was het in grote lijnen eens met het rapport, al wordt er volgens haar te weinig recht gedaan aan de eigen aard van het Oude Testament en wordt -volgens sommige synodeleden- „ten onrechte de indruk gewekt dat homoseksualiteit per definitie samenhangt met asociaal gedrag, aids en promiscuïteit".

Boomsma verwacht een bijzonder boeiende, maar geen gemakkelijke discussie over het onderwerp. Voor hem staat de vraag centraal, hoe de kerk in deze tijd gestalte kan geven aan haar kerk-zijn. Voor Koffeman staat voorop dat er rekening moet worden gehouden met de culturele bepaaldheid van het denken van de mens. Hij wil graag over het gezag van de Bijbel praten, maar dan niet toegespitst op homoseksualiteit. De bespreking is volgens Koffeman van groot belang voor de toekomst van de Raad. „In plaats van elkaar met bijbelteksten om de oren te slaan, zouden de lidkerken zich moeten afvragen, hoe zij het Evangelie in hun situatie kunnen verkondigen". Hij noemt als voorbeeld de Indonesische lidkerken die werken in een door de islam gedomineerde omgeving.

Apartheid

Behalve de Gereformeerde Kerken zal ook de Nederduitse Gereformeerde Kerk in Zuid-Afrika (NGK) zich moeten verantwoorden. De grootste blanke kerk in Zuid-Afrika zal haar houding tegenover de apartheid moeten verduidelijken. Zij heeft de theologische rechtvaardiging van de apartheid veroordeeld, maar wilde in maart dit jaar geen stemadvies geven bij het referendum over de voortzetting van het hervormingsbeleid van de regering-De Klerk.

De apartheid kwam ook vier jaar geleden in Harare aan de orde. Het leek een uiterst moeizame discussie te worden tussen de NGK en twee vroegere dochterkerken voor respectievelijk kleurlingen en zwarten: de Nederduitse Gereformeerde Sendingkerk, toen nog onder leiding van dr. Allan Boesak, en de Nederduitse Gereformeerde Kerk in Afrika (NGKA). De blanke predikant dr. Nico Smith, werkzaam in de NGKA, bracht uitkomst met wat door NGK-voorzitter prof. Johan Heyns „een antwoord op ons gebed" werd genoemd.

Een consultatie, die pas na een tussenkomst van het GOR-bestuur in maart 1989 in het Zuidafrikaanse plaatsje Vereeniging kon worden gehouden, hief de verdeeldheid echter niet op. De NGK veroordeelde de apartheid, maar de andere kerken verweten haar daaruit geen praktische consequenties te trekken.

Belhar

Prof. Heyns, nu vice-voorzitter van de NGK, verwacht echter niet dat zijn kerk in Athene fel zal worden aangevallen voor haar jarenlange steun aan de apartheid. De Sendingkerk is overigens inmiddels uit de GOR gestapt. De kerk voerde financiële redenen aan voor dit besluit, maar ze was ook het getreuzel beu over de opneming van 'haar' belijdenis van Belhar, waarin elke theologische rechtvaardiging van apartheid wordt afgekeurd, in de reeks van belijdenisgeschriften waardoor de GOR zich laat leiden.

De GOR bestaat in 1996 50 jaar en hoopt dan ongeveer 50 leden te hebben, een haalbaar aantal, denkt Boomsma. Vooral in de ontwikkelingslanden zijn er nog diverse kerken die lid willen worden, verwacht hij. De uitbreiding van de GOR is ook om financiële redenen noodzakelijk. De vermindering van het ledental de afgelopen vier jaar heeft ertoe geleid dat de reserves eind dit jaar uitgeput zullen zijn, waarschuwt het bestuur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.