+ Meer informatie

Nationale parken van Palawan beschermd gebied?

Vijftien boswachters van Wereldnatuurfonds tegen een zwaar bewapend privé/leger

9 minuten leestijd

Veel landen in de Derde Wereld hebben enorme schulden aan het buitenland. Een van de manieren om een deel van die schuld af te lossen is het schuldenruilplan. Het Wereldnatuurfonds krijgt het beheer over een stuk natuur in ruil voor een forse kwijtschelding. Niet alleen het regenwoud zelf, maar ook allerlei bedreigde plant- en diersoorten en koraalriffen kunnen zo beschermd worden. Manfred van Eijk bezocht twee "aankopen" op de Filippijnen en vroeg zich af hoe doeltreffend die bescherming is.

Als de laatste zonnegloed achter de Zuidchinese Zee verzonken is, barst het oerwoudcarrillon in volle sterkte los. Een orkest van snerpende krekels, vogelgefluit, apegebrul, gelispel en geklop vormen het onafgebroken geluidsdecor in deze nacht. Ik zit op het strand van Palawan en kijk uit over de baai van St. Paul's, waar de vissers de lichten in hun boten hebben aangestoken om zo de vissen te lokken. Vroeger viste men dichterbij en had men geen licht nodig. De tropische wateren van Palawan zijn zo rijk aan vis, datje kort voor je middagmaal maar even in de rivier of de zee hoefde te graaien. Overbevissing, Japanse concurrentie en erosie zijn de oorzaken van een ernstige teruggang van de vangst.

De laatste
Men had mij verteld dat op Palawan de laatste tropische regenwouden op de Filippijnen te vinden zouden zijn. Dit westelijk gelegen eiland dankt haar ongereptheid aan de tamelijk geïsoleerde ligging. De ecologische vernieling van de Filippijnen begon begin deze eeuw op het eiland Luzon, bekend van de rijstterrassen en de hoofdstad Manilla. Daarna waaierden de kolonisten uit over de Visayas, een eilandengroep zuidelijk van Luzon, in de zomer geregeld bezocht door tyfoons. Hierop volgde het zuidelijkste eiland, Mindanao, waar noordelijke kolonisten en Japanse houtmaatschappijen het bos in de fik staken en omkapten. De rijkdom van Palawan werd pas later ontdekt. Het eiland was al lang door inheemse volken als de Batak bewoond en die hadden, tezamen meteen mengeling van Chinese handelaars, sultans en Spaanse kolonisten, niet zo' n haast om het te exploiteren. De laatste tien jaar is de kapsnelheid van houtbedrijven en kolonisten echter enorm toegenomen.

Schuldenruilplan
Puerto Princesa is de hoofdstad van het eiland Palawan. Het is een stoffig nest van 60.000 inwoners en wordt geheel beheerst door het openbaar vervoer, dat in de vorm van een paar duizend tricycles (overkapte brommers met zijspan) bonkend en knetterend rondjes door de stad trekt. Het is een uit de kluiten gegroeid dorp, waar de bevolking de volumeknop van de transistorradio op voluit draait, zodat men in elk hotel, elke winkel of straathoek kan genieten van sentimentele Amerikaanse snottermuziek of Frank Sinatra. Nee, dan liever zo snel mogelijk de stad uit met een jeepney (een soort uitgetrokken jeep met zitbankjes, bedoeld voor ongeveer vijftien passagiers, maar meestal volgeduwd en behangen met vijftig personen). Ik was op weg naar St. Paul's, een van de nationale parken in de Filippijnen en een van de drie beschermde gebieden op l> Palawan. St. Paul's had me aangetrokken, omdat het samen met het noordelijker gelegen El Nido onderdeel vormde van het schuldenruilplan van het Wereldnatuurfonds. De organisatie koopt hierbij een deel van de schulden van een land af, in ruil voor het beheer van een van de parken. De regeringen van Ecuador, Bolivia en Costa Rica vonden dit een heel aardig idee, waarna het Wereldnatuurfonds grote stukken oerwoud "aankocht". In Azië kwamen de Filippijnen het eerst aan de beurt. De schuldenruil (700.000 gulden) betrof de parken St. Paul's en El Nido, beide nog in zeer goede staat en met een mogelijkheid tot uitbreiding. Daarnaast werd er nog wat geld bestemd voor training en onderzoek.

Koraalriffen
Hoe belangrijk is El Nido? Het park (eilanden, baaien, bergen en koraalriffen) beslaat bijna anderhalf miljoen hectare, een gebied zo groot als de helft van België, met hoge dipteracarpbossen, vloedbossen en kokospalmen. Het wemelt ervan bedreigde diersoorten als de" dugong" (Indische zeekoe) en de zeeadelaar, maar je kunt er in een onbewaakt ogenblik ook nog een zeeschildpad, de civetkat of een krokodil tegenkomen. Het verhaal wordt eentonig, maar ook dit park wordt bedreigd. Houtbedrijven op Palawan hebben geregeld last van een slecht gevoel van oriëntatie en willen nog wel eens de grenzen van het park overschrijden. Maar zelfs als ze er niet binnendringen, veroorzaken ze door de naburige kap zulke ernstige erosie dat de koraalriffen onherstelbaar beschadigd worden. Niet alle koralen zijn even sterk. Sommige soorten hebben te weinig weerstand om zich te kunnen reinigen van de donkere laag zand, waarmee ze worden bedekt. Vaak krijgen ze infecties en sterven af. De gevolgen zijn catastrofaal voor de visvangst, die van deze kraamkamer, voedsel- en schuilplaats voor de vissen, afhankelijk is. Nadat men op Iriomote, een eiland in Japan, een koraalrif had vernield, was 90 procent van alle vis in de omgeving verioren gegaan. Erosie rond het Johnstonatol in de Stille Oceaan gaf zo'n ernstige vissterfte dat er voedselschaarste op het eiland ontstond.

Rijst en vis
Een derde van de totale hoeveelheid vis in de Filippijnen wordt in de zeeën rondom Palawan gevangen. Zestig procent van de vis die in Manilla gegeten wordt, komt ook daar vandaan. Wat gaat er straks gebeuren in een land waar de bevolking explosief toeneemt (nu wonen er al zestig miljoen) en de voedselbronnen teruglopen? De bevolking eet rijst en vis. Dat is het menu, van het ontbijt tot het avondmaal. Maar hoe moet dat straks, nu de rijstproduktie terugloopt, onder andere vanwege de erosie? De Filippijnen moeten in toenemende mate rijst importeren uit Thailand, Taiwan en zelfs de VS. Ook de visvangst neemt af. Niet alleen door de Japanse vloot, die de zee met veertig kilometer lange, fijnmazige drijfnetten leegvist, maar ook vanwege de erosie, die al verantwoordelijk is voor de vernietiging van de helft van alle koralen rond Palawan. Vandaar de noodzaak voor parken als El Nido en St. Paul's. Ze vormen eilanden op zichzelf in een omgeving die geel uitslaat van geërodeerde berghellingen of heiig blauw is van de rook van bosbranden.

Onderaardse rivier
St. Paul's is een baai met verschillende, dromerig mooie, witte palmenstranden. Hier mondt ook een onderaardse rivier uit, die onder leiding van een gids in een peddelbootje te bezichtigen is. Wie de acht kilometer lange rivier op vaart en in het karstgebergte verdwijnt, komt terecht in een bizar, ondergronds landschap van gladde, donkere rotsformaties, waar duizenden vleermuizen je om de oren vliegen. En dat alles onder een iel gegil van nog eens honderden zwaluwen. De gids vaart het bootje langs druipstenen, door een 65 meter hoge grot en dan opnieuw in een reusachtige spelonk genaamd "de kathedraal". ,, If you have girl, you can marryhere" (alsjeeen meisje hebt, kun je hier trouwen), galmt zijn stem tegen de rotswanden. Ik trek mijn hand schielijk terug uit het koele water als ik een zilverachtige slang zie wegschieten in het schijnsel van de kerosinelamp.

Slecht beheer
St. Paul's is een bergachtig park, vol met ondoordringbaar oerwoud, waar apen, cobra's en "bear cats" (beermarters) zich bijzonder goed thuisvoelen. Ik praat er met Adam Ausan, de verantwoordelijke man. Ausan is van de DENR, het Department of Environmental and Natural Resources (ministerie van milieu) op Palawan, een van de drie partijen inzake de schuldenruil. Behalve het Wereldnatuurfonds is ook de milieuactiegroep Haribon bij het project betrokken, maar deze is door DENR buiten spel gezet. Haribon is nu min of meer de sluis tussen de geldschieter en de beheerder van het park, de DENR. Het botert slecht tussen de twee. Haribon beschuldigt DENR van slecht beheer en de DENR vindt dat Haribon zich nergens mee moet bemoeien. De partij die niets over het park te zeggen heeft, is de bevolking zelf. Met toenemende ergernis ziet men zich de toegang tot het bos ontzegd, waar men jarenlang de rotan en het hout vandaan haalde. Maar daar is het park nu juist voor nodig. Vooral de kolonisten trekken het woud diep in, langs wegen die door de houtbedrijven zijn aangelegd, en branden het bos plat. Het zijn veelal mensen uit de Visayas, die als gevolg van armoede zijn verhuisd en op zoek zijn naar land en werk. En dan is er de Nationwide Princesa Timber Corporation, een van de houtmaatschappijen, die net buiten St. Paul's een kapvergunning heeft voor 53.000 hectare.

Uitbreiding
Nu zijn er plannen om het park uit te breiden. Van de 5700 hectare naar bijna het vijfvoudige: 25.000 hectare. Een zeer loffelijk streven, maar hoe moet dat ooit gerealiseerd worden? Allereerst heeft de Nationwide Princesa 25.000 hectare in het nog uit te breiden gebied. De houtmaatschappij zal daar nooit vrijwillig vertrekken. Adam Ausan:,,Dus zullen ze weggekocht worden." Onderhandelingen daarover zijn gaande, maar het is de vraag of de Princesa met dit plan zal instemmen. Hout levert meestal veel meer op dan een afkoopsom en de rest van het bos op Palawan is al uitgeput. Bovendien trekt DENR bij een eventuele krachtmeting aan het kortste eind. Wat moeten vijftien parkwachters met walkie-talkie in een gebied zo groot als Groningen tegen een zwaar bewapend privé-leger van een paar honderd man van de Nationwide Princesa? Ausan is al verschillende malen met de dood bedreigd, nadat hij een "aanbod tot samenwerking" van de hand had gewezen. Toch lijkt DENR-Palawan niet ongevoelig voor steekpenningen. Lito Alisnag, de chef van Haribon:,, Ze zijn beschuldigd van corruptie. We zijn hier uitvoerig van op de hoogte en deze zaak wordt door het DENRhoofdkwartier uitgezicht.''

Basketbal
Angelique Morato (Haribon) vult even later aan: ,, Elke dag staan er kisten vol papegaaien en andere vogels op het vliegveld van Puerto Princesa. Komen allemaal uit het park." En dan zijn er de huidige èn de toekomstige bewoners van het park. DENR probeerde de woede van de bevolking te sussen door welzijnswerkers te sturen. Lito Alisnag vindt dit maar flauwekul. ,, Wat moeten die dorpen nou met een paar van die jongens? Er wonen duizend mensen in de bufferzone. Daar organiseert DENR dan basketbaltoernooien; wat schiet de bevolking daarmee op? Je moet ze in het plan betrekken, want het is hun gebied, velen hebben landrechten. Wij moeten vragen of ze het park willen beschermen. Dat hebben we DENR voorgesteld en dat zou het Wereldnatuurfonds in overweging nemen." Maar DENR heeft geen behoefte haar project aan te passen. Alisnag: „DENR ziet er de noodzaak niet van in. Ze hebben nog steeds het gevoel dat ze over mensen moeten regeren en beseffen niet dat dit met overleving te maken heeft. De bevolking moet in het park kunnen blijven werken, maar op een ecologisch meer verantwoorde manier. Niet overal en alles kappen, maar meer groenteverbouw en handwerk. Ik hoop dat het Wereldnatuurfonds dat ook inziet.''

Werkloze visser
Zittend op het strand van de baai van St. Paul, zie ik dat de lichten op de vissersschepen worden gedoofd. De vissers keren terug of varen misschien wel verder, ik kan het niet zien. Twee weken geleden was ik in Davao (Mindanao) een werkloze visser tegengekomen. De zee schonk hem steeds minder en hij moest eigenlijk een motor kopen om met z' n bootje verder de zee op te gaan. Dat geld had hij niet. Hij verloor z'n baan en verkoopt nu ballons op het plein voor de kerk. Door de week eet hij rijst met zout. Alleen op zondag ook nog vis.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.