+ Meer informatie

Fruitbomen zonder vruchten: hoe komt dat?

4 minuten leestijd

Wanneer u fruitbomen of -struiken in de tuin heeft is het altijd weer spannend: komen er dit jaar vruchten aan en zo ja, hoeveel? Rond deze tijd moet dat zo ongeveer duidelijk zijn. De vruchtzetting heeft plaatsgevonden en de eerste produkten zoals appels en peren beginnen weer wat op echte vruchten te lijken. Sommige tuinelaars ervaren deze geneugten niet of bijna nooit omdat de planten geen vruchten voortbrengen. Hoe komt dat? Er kunnen verschillende redenen zijn. Veel fruitsoorten hebben een bestuiver nodig. Dat betekent dat het mannelijke stuifmeel van de meeldraad van de ene bloem op de vrouwelijke stamper van de bloem van de andere plant terecht moet komen. Wanneer dat niet gebeurt, vindt er geen bevruchting plaats en ontstaan er dus ook geen vruchten. Wanneer men denkt dat dat de oorzaak is dan moet men er achter zien te komen welke soort er in de tuin staat. Als dat bekend Is kan de kweker een bestuiver leveren. Kies er zo mogelijk een met andere "kwaliteiten": heeft men een zomerappel kies dan een bewaarappel. Naast een consumptie zomerpeer zou voor een stoof- of bewaarpeer gekozen kunnen worden. Sterke groeier Planten, dus ook fruitbomen, bloeien om vruchten te kunnen vormen. De zaden uit die vruchten zijn voor de plant de garantie dat de soort kan blijven bestaan. "Kwakkelende" planten bloeien daarom meestal rijker dan de sterke groeiers waar de drang om zich voort te planten veel minder aanwezig is. Sterke groei kan te maken hebben met de mestgift en/of de onderstam. Veel mest (of een mesten composthoop naast de groeiplek waardoor de boom of struik er veel voedsel kan halen!) geeft veel groei en weinig bloei. Te veel mest maakt de plant zwak en gevoeliger voor ziekten en plagen. Een sterke onderstam zorgt ook voor een sterkere groei die vaak niet nodig is en die ervoor zorgt dat de plant pas na 4-6 jaar begint te dragen! Ook is er bij een sterke onderstam vaker sprake van beurtjaren: het ene jaar veel fruit, het andere jaar bijna niets of veel minder Een zwakke onderstam beperkt de groei en stimuleert (daardoor) de vruchtzetting. Wanneer men een fruitteeltgebied bezoekt vallen de wat vreemd gevormde boompjes op: de grootste takken zijn vastgebonden met touwtjes, op zo'n manier dat ze gedwongen worden om horizontaal te groeien. Daardoor wordt de aanmaak van bloemknoppen bevorderd en uiteindelijk dus de vruchtdracht. Maar erg fraai om te zien is het natuurlijk niet

Vogelbadje
Vogels maken de tuin extra aantrekkelijk Ze fleuren de dag op met hun gezang of gekwetter en wanneer er ondiep water in de tuin te vinden is zullen ze zich gaan baden. Wanneer men een vijver heeft dan kunnen een paar stenen of keien die boven het water uitsteken voldoende zijn. Zonder vijver kan een vogelbadje goede diensten bewijzen. Heel simpel is een bakje met water, al dan niet ingegraven in de grond. Aardiger is een speciaal vogelbadje van beton of kunststof. Dure exemplaren zijn soms uit een stuk bijzondere steen gehakt. Zelf maken kan ook. Daarvoor is nodig een zakje kant-en-klare specie die alleen nog maar aangelengd hoeft te worden en een "mal". Dat kan gewoon een ondiep gat, uitgegraven in de grond, zijn. Met de handen wordt er een kuiltje in gemaakt. Mensen met wat meer creativiteit kunnen allerlei aardige vormen en modellen bedenken. Grind, in de vochtige specie gedrukt, geeft ook een aardig effect. Heel aardig is ook om een blad, bijvoorbeeld van een rabarberplant, in de specie af te drukken. Wat er ook gemaakt wordt: er moet altijd een holletje voor het water in het badje zitten. Natuurlijk verdampt het water snel op een warme zomerdag. Maak er een gewoonte van om, met het watergeven van de bakken en potten, ook het badje aan te vullen.

Dichtslaan van de grond
De grond in sommige tuinen slaat erg snel dicht. Slempgevoelig noemen vakmensen dat. Er vormt zich een laagje dat vrijwel geen zuurstof meer doorlaat! Wanneer de grond slempgevoelig is, kan dat verbeterd worden door organische stof toe te voegen. Voor de grondbewerking wordt een flinke hoeveelheid half verteerde mest of compost aangebracht, afhankelijk van het gewas. Na de oogst wordt zo snel mogelijk een groenbemester ingezaaid met het doel de grond bedekt te houden

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.