+ Meer informatie

WANNEER ZIJN WE ALS CHRISTENEN HERKENBAAR VOOR ELKAAR?

6 minuten leestijd

Wanneer, in plaats van waaraan

U hebt het goed gelezen: wanneer zijn we herkenbaar? Er staat niet: waaraan zijn we herkenbaar? Dit laatste ligt wel in de vraagstelling opgesloten. Het is echter meer statisch dan de formulering in de titel.

‘Waaraan’ vraagt om een lijstje van kenmerken. Vroeger was een bekend antwoord op de vraag naar het ‘waaraan’: aan gepraat, gelaat en gewaad (eventueel in een andere volgorde).

‘Wanneer’ vraagt vooral naar de manier van doen, naar het optreden in een bepaalde situatie. ‘Wanneer’ wijst op de dynamiek van het handelen, op het existentiële van de manier van doen.

De redactie heeft mij het onderwerp voorgelegd. Ik vind het een moeilijke vraag. Er kunnen zeer verschillende antwoorden gegeven worden. Dat gebeurt ook metterdaad.

Het probleem is, dat velen het antwoord alleen dan bevredigend vinden, als ze in het doen en laten van de andere herkennen wat zij zelf karakteristiek vinden voor het christen-zijn. Dat betekent, dat we nogal eens een subjectieve maatstaf hanteren. Wat ik wezenlijk vind voor het zich als christen openbaren, is de maatstat waaraan ik de ander meet.

Op die manier komen we niet tot een bevredigend antwoord. We verzanden in de willekeur van het subjectivisme.

Hoe komen we er dan wel uit? Alvorens op die vraag een antwoord te geven - of tenminste een poging daartoe te wagen - wijs ik op nog een ander probleem. Dat is het feit dat geen kind van God, geen enkele gelovige volmaakt is. leder van ons heeft maximaal een klein beginsel van deze gehoorzaamheid (antwoord 114 van de Heidelbergse Catechismus). Hier is de bekende uitdrukking op zijn plaats, dat een christen een tweemens is - de oude en de nieuwe mens (antwoord 88 van de Catechismus).

Hoe zul je met die tweeheid als christen herkenbaar zijn? Ik laat de vraag nog even overeind staan.

Leer en leven

Wanneer zijn we als christenen herkenbaar? Het antwoord verloopt langs twee sporen, die een onverbreekbare eenheid vormen. Ik gebruik nu de tweeslag van leer en leven, van spreken en doen, van mond en hand. Het christen-zijn komt uit in wat we zeggen en in wat we doen. Geen van beide kunnen we weglaten. Wie handelt, zonder daarbij het getuigenis te voegen, praktizeert een christendom dat stom is, een Christenleven dat doet raden naar de herkomst van de motivatie.

Wie alleen met de mond belijdt, maar zijn belijden niet met de daad bezegelt, heeft, zegt Jakobus (2:26), een dood geloof.

Christen-zijn is herkenbaar aan de eenheid van woord en daad, van belijden en levenspraktijk, van getuigenis en van doen. De onderscheiding mag nooit een scheiding worden.

Ik gebruik de tweeheid van mond en hand. De verbinding tussen het gebruik van deze twee Organen ligt in het hart.

Geen mens kan christen zijn of zich als christen openbaren, zonder dat zijn hart door Jezus Christus is aangeraakt, ja vernieuwd. Hij zal door Christus vervuld worden, zoals Paulus daarover schrijft in Efeziërs 3:17 e.v.

Herkenbaar zijn als christen zit nooit in het uiterlijk alleen, wat men ook onder dat uiterlijk verstaat. In die herkenbaarheid speelt het hart een belangrijke rol. We hebben het wel eens over uitstralingskracht. Die kracht komt van binnenuit, vanuit het hart. Niet dat wij die kracht van onszelf bezitten. Ze wordt ons door Christus geschonken.

Als we die gave, ja als we Christus Zelf niet in ons hart hebben, zijn we geen christen (zie antwoord 32 van de Catechismus). Hoe zouden we dan als christen herkenbaar zijn? Niemand kan zeggen: Jezus is Heere, dan door de Heilige Geest (1 Korintiërs 12:3).

De navolging van Christus

Herkenbaarheid is er alleen als we Jezus Christus belijden door de kracht van de Geest in ons.

Wie Hem zo kent, wordt ook aan Hem gelijkvormig gemaakt. Door de kennis van de kracht van Zijn opstanding, wordt het patroon van Christus in ons leven afgedrukt (Filippenzen 3:10). Dat patroon blijkt uit zelfverloochening, het opnemen van het kruis en dan Christus volgen (Matteüs 16:24). Het is opmerkelijk dat juist Petrus deze woorden zo goed heeft verwerkt. Dat blijkt vooral uit 1 Petrus 2:21, waar hij over Jezus als een voorbeeld spreekt. Hij concretiseert het voorbeeld-zijn van Jezus in duidelijke trekken (vers 22-24).

We zijn als christenen herkenbaar, als onze belijdenis omtrent de Heiland en Zaligmaker overeenstemt met het navolgen van Jezus Christus.

Dat wil - nogmaals - niet zeggen dat we volmaakt zijn. De navolging dwingt ons juist tot de erkenning van onze onvolkomenheid. De belijdenis daarvan is een niet onaanzienlijk stuk van de zelfverloochening.

Juist toen ik in hart en hoofd met dit artikel bezig was, las ik Jakobus 3:13-18. Daar gaat het over de hemelse wijsheid. Deze wijsheid is een zaak van hoofd en hart, van woord en wandel.

Jakobus ziet de wijsheid uitkomen in werken, die met zachtmoedigheid worden gedaan, zonder leugen en bedrog.

De wijsheid van boven is zuiver en vreedzaam, bescheiden en vriendelijk, onpartijdig en ongeveinsd. Jakobus schrijft scherp: waar deze trekken ontbreken, verkeren we op het domein van de duivel. Daar regeert vleselijkheid. Dat is ongeestelijkheid.

Onze conclusie is: christen-zijn is een totaalpakket van woord en daad, van belijden en dat belijden in het leven van de navolging van Christus tot uitdrukking brengen.

De vraag is of wij herkenbaar zijn in gelaat, gepraat (ik voeg er toch ook aan toe: in) gewaad als een volgeling, een discipel, een leerling van Jezus Christus.

Onze zondige tekorten en schuldige gebreken werpen een smet op die herkenbaarheid. Tegelijk mag ik zeggen: we zullen daarvan zo’n last hebben, dat we met die smet geen vrede hebben. Dat zal in houding en woord tot uitdrukking komen. Ik bedoel in ootmoed en schuldbelijdenis.

Het onderwerp krijgt in de bede om en de gave van de hemelse wijsheid uit Jakobus 3:13-18 een praktische toespitsing.

Wie dit artikel voor zichzelf en samen met anderen wil verwerken, beginne bij dat schriftgedeelte. Laat er ook in kerkdiensten gebeden mogen worden om uitstralingskracht. Dat is het geheim van wat Paulus zo prachtig omschrijft als een leesbare brief van Christus zijn (2 Korintiërs 3:2 e.v.).

Liefde, bescheidenheid, geduld, ootmoed en goed spreken over God en Zijn Zoon Jezus Christus horen erbij, zal iemand herkend worden als christen.

Zoals heel ons leven onvolkomen, zo ook deze schets. Mocht er toch een vonk van het ware christen-zijn overspringen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.