+ Meer informatie

KERKNIEUWS

5 minuten leestijd

ALPHEN A/D RIJN

Na een vierjarig verblijf nam onze herder en leraar, Ds. R. Kok, zondag 27. maart j.l. afscheid van de gemeente, wegens vertrek naar Ameide. De tekstkeuze was 2 Thess 3 : 3-5, hoofdgedachte was: „Maar de Heere IS getrouw”, wat is, 1 de kracht van uw geloof, 2. de grond van uw hoop, 3 de bron van uw liefde. Het verband van deze woorden wijst ons op de vele gevaren die de kerk des Heeren bedreigen. Overal zien wij de tekenen van de antichrist, de mens der zonde, die zich ook in het eenheidsstreven der kerken meer en meer gaat openbaren.

Het persoonlijk en bevindelijk kennen uit Christus wordt onnodig geacht, de scherpe kantjes moeten wat worden weggeveild, en zo zien wij de plaats voor Gods kerk in deze tijd al moeilijker worden. De zoon des verderfs staat tegenover de Zoon des mensen. Vandaar het vertroostende woord van Paulus, temidden van die tijd: blijft de Heere getrouw, dat is de bron der vertroosting. Hij nam Zijn kerk voor Zijn rekening, want Hij gaf Zich geheel voor haar, dat is het enige steunpunt voor het Sion Gods, alsook de grond van de hoop, die altijd een verwachtend leven geeft. Zonder die hoop is het leven zonder uitzicht. Vandaar de ernstigevraag: kennen wie die levende hoop, die ons verbindt aan de Levensvorst? Zelfbeproeving is en blijft steeds noodzakelijk, opdat wij toch niet op een valse hoop het gebouw onzer verwachting zouden bouwen. Uit Christus te leren leven doet ons meer en meer sterven maar dan ook alleen zullen wij des te meer de bron der zaligheid nodig hebben in de strijd des levens, wat alleen vrucht is vande lijdzaamheid van Christus Om in die leer te volharden weid de gemeente opgewekt, met het vermanende woord, hoe ontzettend het zal zijn als die reine leer eens tegen ons zal getuigen in de dag des gerichts. Op het persoonlijk beleven komt het aan, wat alleen door Gods Geelst ons wordt geleerd.

Afscheidswoorden werden in het bijzonder gericht tot de jeugd, gemeente, kerkeraad, organisten en koster. De burgerlijke overheid werd wijsheid toegebeden in deze steeds moeilijker wordende tijd.

Ouderling Van Brummen was de tolk van kerkeraad en gemeente om Ds. Kok dank te zeggen voor al de arbeid die hij verucht had in de gemeente, hem en zijn gade op hun verdere levensweg 's Heeren zegen rijkelijk toebiddend. De gemeente zong ten besluit Ds. en Mevr. Kok toe Psalm 12L : 4. Stelle de Heere Ds. Kok tot een rijke zegen voor de gemeente van Ameide, en gedenke Hij ook ons in Zijn gunst, opdat de ledige plaats weer spoedig moge worden vervuld.

v.d.L.

AMEIDE

Donderdag 30 maart 1966 was voor de kerk van Ameide een bijzondere dag. Zij kreeg toen een eigen herder en leraar in Ds. R. Kok.

Deze gemeente is klein. Toch ging zij tot het beroepingswerk over. Ds. Kok van Alphen a/d Rijn werd bij acclamatie beroepen. Het was een zaak des gebeds. Ds. Kok kon niet anders dan het beroep aannemen.

De bevestiging en intrede hadden beide plaats in het kerkgebouw van de Ned. Herv. Kerk. Was het gebouw bij de bevestiging al goed bezet, bij de intrede was het geheel gevuld. Er waren vele vrienden en belangstellenden schier uit het gehele land.

Ds. C. den Hertog, schoonzoon van Ds. Kok, leidde de bevestiging, die des middags plaats had. Een zoon. Drs. I. Kok, Ned. Herv. predikant, bediende het woord uit Psalm 89 : 15: „De troon van Gods genade”, 1. onverzettelijk vanwege haar giondslag 2. onwederstandelijk vanwege haar deugden. Het was een ernstig woord, dat met veel instemming werd beluisteid. De jonge Ds. Kok typeerde in zijn prediking het centrale in de woordbediening van zijn vader. Hij sprak zijn vader en zijn moeder toe en richtte zich ook persoonlijk tot de gemeente en spiak ongeveer als volgt: Reken er maar op, dat je bij mijn vader altijd doodarm de kerk uitgaat; hij neemt je alles af, maai hij geeft je moed om zalig te worden. Ds. den Hertog las het formulier voor en toen kwam plechtig het antwoord: „Ja ik, van ganser harte”. De bevestigd hield een toespraak, ging voor in gebed, liet zingen Psalm 134 : 3 en las nog de levenspsalm van zijn schoonvader, nl Psalm 12 L.

Ds. R. Kok had 's avonds als tekst Johannes 3 : 14 en 15: „De Zoon des mensen spreekt vanuit Zijn Goddelijke lastbrief”: 1. als de hoogste Profeet, 2. als de enige Hogepriester, 3. als de eeuwige Koning. Op de hem eigen wijze bediende Ds. Kok het woord. Ons veislag zou te lang worden, wanneer wij de preek hier in het kort zouden weergeven. Daarom volstaan we met deze korte aanduiding. Aan het eind van zijn prediking zei Ds. Kok, dat de lastbrief van de Zoon des mensen ook de lastbrief van Gods knechten is. Hij haalde aan, dat Ameide hem beriep en dat hij deze roeping voor Gods aangezicht heeft mogen aanvaarden. De lastbrief houdt in de prediking van Jezus Christus en Die gekruisigd. Deze lastbrief heeft hij lief. Toespiaken tot gemeente, jeugd, kerkeraad e.a. volgden. Na de zegen sprak eerst oud. Versluis. Deze liet zingen Psalm 72 : 11 Van de andere sprekers noemen we alleen oud Kalkman van Alphen a/d Rijn, die ook liet zingen Tenslotte gingen we huiswaarts. Het is een wonder in onz' ogen, wij zien het, maar doorgronden 't niet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.