+ Meer informatie

Ter overweging

3 minuten leestijd

Dr. B. Wentsel, Hij voor ons, wij voor Hem. Over gerechtigheid, verzoening en gericht. Uitgeversmaatschappij J. H. Kok, Kampen, 1973. 175 blz., f 13,90.

Uit titel en ondertitel van dit boek valt reeds af te leiden, wat de strekking er van is. De auteur zegt er zelf van dat hij belangstellende gemeenteleden op be vattelijke wijze enig inzicht wil trachten te geven in de achtergrondvragen in zake de verzoening. Hij releveert daar om de inhoud van enkele belangrijke studies die niet voor iedereen even toe gankelijk zijn. Hij heeft ook de ambts dragers op het oog, want zij hebben tot taak „koerscorrecties toe te passen ten aanzien van die projecten die de kerk in een verkeerde baan brengen”. Het geschrift is opgedragen aan de Ge reformeerde Kerken in Nederland.

Wie geen vreemdeling is in kerk en theo logie, weet dan wel, dat de verschijning van de dissertatie van dr. H. Wiersinga de aanleiding was tot het schrijven van deze studie. Maar in het eerste hoofd stuk noemt dr. Wentsel veel meer: de Nieuwe Catechismus, de discussie in de Ned. Herv. Kerk — waarom ontbreekt hier de naam van prof. dr. P. Smits ? — D. Sölle, J. Moltmann, R. Budiman.

„Je staat er alleen voor”, uitgave 1973, Agon Elsevier.

Dit hoofdstuk is in hoofdzaak informa tief, maar wie het gehele boek leest, ziet dat de nieuwe opvattingen over de verzoening ook zeer beslist worden af gewezen. Wentsel staat sterk in zijn po lemiek, omdat hij zich steeds beroept op bijbelse gedachten.

Terwijl een synodale commissie zich in een voorlopig rapport van november 1972 maar vaag uitliet (blz. 155, 156), schrijft Wentsel over Wiersinga: „Door zijn verabsolutering van het effect aspect van de verzoening, wordt het fun dament van de verzoening gedeeltelijk ondermijnd en komt de auteur terecht in een openlijke en duidelijke ketterij” (142).

Hij is wel van mening dat met de ge reformeerde belijdenis het laatste woord over de verzoening niet gezegd is. Het twaalfde hoofdstuk bevat een eigen po ging tot herformulering van het belijden aangaande de verzoening.

Waarschijnlijk houdt het met deze opzet verband, dat hoofdstuk elf gewijd is aan de voorvragen inzake het belijden. Dit gedeelte van het boek is m.i. het meest aanvechtbaar.

Bewegen de drie formulieren zich in een harnas dat voor onze tijd verouderd is ? Is het genoeg, wanneer een nieuw be lijden een duidelijke relatie heeft met het belijden der vaderen ? Is er in de Heid. Catechismus een toon van persoonlijke betrokkenheid bij het heil, terwijl de Ned. Geloofsbelijdenis te vergelijken zou zijn met een beschouwelijk leermodel ? (blz. 124-127). Tilt dr. Wentsel niet zwaar aan de problemen van een nieuw belijden ?

Er is meer waarover kritische vragen te stellen zouden zijn. Maar ik wil dit boek liever aanbevelen als een studie van gereformeerde signatuur en van goed gehalte.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.