+ Meer informatie

DE DUIVEL OP KOUSENVOETEN ?!

10 minuten leestijd

Het leven van alledag is volop in beweging en dat merken we dagelijks om ons heen. Gewild of ongewild worden we geconfronteerd met allerlei verandenngen, zowel op school als thuis. Veel verandenngen zijn met te stuiten en krijgen steeds meer hun greep op het maatschappelijk leven. Een van die veranderingen is het fenomeen internet. Internet is big business. Dat blijkt met alleen uit de belangstelling om te beleggen in internet-en communicatiefondsen, maar ook uit het feit dat de groei van het aantal nieuwe aansluitingen op het internet zeer snel stijgt. De groei van de verkoop van het aantal computers stijgt nog steeds en vooral internet is daar debet aan. De prijzen van de computers zijn dermate gedaald, dat bijna iedereen zich een computer kan permitteren. En mocht een dergelijke investenng nog gezien worden als te hoog, dan is het mogelijk om via de PTT een Net.Box te halen die aansluitbaar is op de TV. Voor een paar tientjes per maand kan men op eenvoudige wijze het internet op.

Internet is een manier van (inter)nationaal communiceren via e-mail en zoeken van informatie met behulp van een personal computer. Met de computer, een modem en via een telefoon- of een kabelverbinding krijgt men toegang op een wereldwijd net met miljoenen pagina’s vol tekst, beelden en geluid. Zoals men vroeger naar een bibliotheek ging om informatie op te zoeken uit bijvoorbeeld een encyclopedie of een specialistisch boek, kan men nu via internet alles te weten komen. Het is zelfs mogelijk om tegen betaling (en dat kan heel eenvoudig via het intoetsen van een creditcardnummer) informatie in te zien of aan te schaffen. Zowel t.a.v. de informatie als het kopen van producten zijn er bijna geen grenzen.

Ze kan vanëren van literatuur of de vraag met welke doelstellingen christelijke en andere levensbeschouwelijke hulpverleningsorganisaties hun werk willen doen tot pornografische afbeeldingen met kinderen of de vraag hoe men een kneedbom in elkaar kan zetten. Kortom, indien men iets wil weten over wat dan ook, dan is dat te vinden op internet, al of met tegen betaling. Een andere mogelijkheid is om via internet bneven te versturen of direct te communiceren met een ander, het zogenaamde chatten (letterlijk kletsen.) Korte zinnetjes intypen en bijna gelijk een kort antwoord terugkrijgen. Dat kan eventueel met meer mensen tegelijkertijd.

Ondanks deze ontwikkelingen, waarvan uit onderzoeken blijkt dat ze vele opgroeiende gezinnen, maar ook individuele personen raken, is er binnen de kerken nauwelijks enige discussie gaande over dit medium. De vraag kan gesteld worden of een dergelijke discussie noodzakelijk is. Er zijn voldoende mensen die niet inzien waarom de kerk zich hierover zou moeten uitlaten. Men kan zich dan ook afvragen of een dergelijke ontwikkeling gezien moet worden als een technische verworvenheid waar de kerk geen boodschap aan heeft. Voor zover bij mij bekend wordt er niet of nauwelijks in de kerkelijke pers gesproken over het internet.

Dagbladen van christelijke signatuur zoals het Reformatorisch Dagblad, het Nederlands Dagblad of Trouw laten zich, ook in opiniërende zin, weinig gelegen liggen aan dit medium. Zo nu en dan zijn enige verontrustende berichten te lezen tussen al het andere nieuws. En dan gaat het meestal om de verslaglegging van het feit dat er door een internet-adverteerder een slachtoffer is gemaakt, al of niet op zedelijk gebied. In grote lijnen blijft het daarbij. En dat wekt bevreemding.

Internet kent nauwelijks grenzen

Internet geeft ons de mogelijkheid om datgene te zien en te horen wat ons hart ingeeft. Het kan nieuwsgierigheid opwekken, maar het kan ook in een behoefte voorzien wanneer het gaat om informatie. Internet is niet per definitie fout of goed. Het is ook niet een zaak van afkeurenswaardig of aanbevelenswaardig.

Internet is een vrij medium waar allen, zowel bedrijven, stichtingen, verenigingen als personen hun boodschap kwijt kunnen.

Op internet surfen is voor anderen met controleerbaar. Men kan individueel datgene bekijken wat men wil. Naar buiten toe hoeft niemand te weten waar men zich mee bezig houdt.

Sterker nog, men kan ‘zwaar in de leer zijn en licht in het leven’, zonder dat het aan het daglicht komt. Het gevaar is dan ook groot dat velen van ons een middel in handen hebben om datgene te zoeken wat het hart beweegt en dan in negatieve zin. In de meeste gevallen is ons kerkmensen niets vreemd.

Helaas geldt dat op vele terreinen, zowel binnen als buiten het huwelijk en gezin. In een artikel van het RD werd geconstateerd dat er veel moeite en zorg is om incestueuze praktijken binnen het gezin. En dat stelt je voor de vraag waarom dergelijke misstanden binnen de gereformeerde gezindte relatief veel voorkomen. Dat een dergelijke problematiek actueel is, moge blijken uit het feit dat over het ondenwerp door deputaten Pastoraat in de Gezondheidszorg in onze kerken een aantal toerustingsavonden is belegd.

Heeft dat te maken met de sterke sociale controle binnen onze gezinnen of de kerken? Of moeten we ons afvragen of sexuele gevoelens en driften niet gereguleerd kunnen worden, omdat er niet over gepraat kan worden en alles als zondig wordt gezien?

Kan internet in dat licht bekeken ook niet gezien worden als een potentieel gevaar voor ons zielenleven? Immers alles wat goed en fout is biedt internet. Diverse reformatorische scholen hebben onlangs gepleit om het ‘schonen’ van het Net. Er zijn onlangs 150000 gratis Surf Safekaarten verspreid op zevenhonderd scholen in 240 grote plaatsen. Deze campagne is gestart om te waarschuwen voor de kwalijke gevolgen van Internet. De campagne is speciaal gericht op jongeren onder de 16 jaar en is een initiatief van het Meldpunt kinderporno en de Nederlandse afdeling van een internationale organisatie tegen kinderprostitutie. Wat dat betreft zijn er vele zorgen bij diverse internationale organisaties over de ongebreidelde mogelijkheden van dit medium. Daarbij heeft men nog met eens aandacht gevraagd voor geweldsuitingen en alles wat daaraan toegevoegd kan worden. De zorgen zijn zo groot, omdat het er alle schijn van heeft dat Internet niet meer te controleren is. Wat het oog ziet, hoeft nog niet de werkelijkheid te zijn. Kwaadwillende figuren of organisaties kunnen zich heel sociaal presenteren, maar verkeerde bedoelingen hebben of misbruik willen maken in het in hen gestelde vertrouwen.

De grens ligt bij ons zelf

Het zoeken naar informatie op internet is met waardenvrij. In het zoekproces dienen we zelf grenzen te trekken voor wat betreft het onderwerp. Alles wat ingetypt wordt, kan opgezocht worden, tenzij het onderwerp met bestaat. In dat zoeken hoeft het niet ondenkbaar te zijn dat ons hart weleens toegesloten is voor waarden en normen die we geleerd hebben vanuit de bijbel. Daarbij kan ons denken en doen meer geleefd worden vanuit het vlees dan vanuit de Geest. Dan beslist de mens en stelt hij zijn eigen wet. Het zich onderwerpen aan de wil van God is dan met ter sprake. Op dat moment is de mens eigengereid en geneigd tot het kwaad.

Een zekere autonomie is hem dan met vreemd. Het is op zulke momenten dan ook nodig te bidden een vijand van de zonde te zijn. Bidden helpt om met de kracht van de Geest de grenzen vast te stellen. Paulus spreekt tegenover de gemeente van Efeze dat onze levenswandel geheel anders moet zijn dan die van de ongelovigen. Hij spreekt ook over het bedroeven van de Geest. Juist wanneer we dingen doen, waarvan we weten dat ze niet goed zijn om te doen.

Niet alleen schelden, liegen en bednegen, bitterheid, gramschap en toorn zijn daar voorbeelden van, maar ook het doelbewust opzoeken van dingen in ons leven die God met welgevallig zijn.

Daarbij zijn vele voorbeelden te noemen. U zult ze als ambtsbroeder wel kennen; wellicht hebt u over dergelijke zaken gesproken op ambtsbezoek. U zult de argumenten kennen waarom men wel iets doet of nalaat. De strijd tussen het zondigen en zich keren naar God is een strijd van een mensenleven. Steeds weer grenzen zoeken, over de grens gaan en na die tijd moeten erkennen dat er grenzen zijn overschreden die niet overschreden hadden mogen worden. Juist veel zaken, waar God ons voor waarschuwt, hebben een geweldige aantrekkingskracht. Nog moeilijker wordt het als ‘iedereen het als normaal beschouwt’, het gevoel ‘dat het nog zo erg niet is’.

Aandacht hiervoor op het huisbezoek?

Is het niet wat overdreven om tijdens het huisbezoek hierover te spreken? Natuurlijk. Het gaat niet om internet. Het gaat niet om een TV-programma of een film. Waar het in feite om gaat is welke waarden en normen je wilt hanteren binnen het christen-zijn, binnen het christelijke gezin. Maar vooral ook hoe de persoonlijke verhouding is met God en hoe de mens als zondaar leeft vanuit genade. En dan gaat het er niet om te controleren of te preken, maar wel om de vraag hoe de dagelijkse omgang met God is en hoe dat gestalte krijgt in de dagelijkse praktijk. Hoe vaak daar in tekort geschoten wordt en hoe groot onze behoefte aan vergeving en genade is. En al blijft na ontvangen genade de neiging tot zonde, ze doet wel al meer de zonde ontdekken. Dat is een groeiproces. Juist jongeren dienen hierm te groeien. In de periode van puberteit en jong-volwassenheid zal het niet meevallen om het ene met het andere in verband te brengen. Vooral met omdat de huidige wereld, en daartoe behoren ook chnstenen, zo overtuigd is van de positieve ontwikkelingen die (digitale) techniek, electromca en moderne communicatiemiddelen met zich meebrengen Middelen die in pricipe waardenvrij worden aangeboden. In de prediking en tijdens de catechisatie is hier nauwelijks of geen aandacht voor. En dan ben ik geen pleitbezorger van het roepen van allerlei verboden vanaf de kansel, maar wel appelleer ik aan de waarden en normen die kinderen van God dienen te sieren. En dat wij geheel anders moeten zijn dan de wereld. Dat vraagt op zijn minst bezinning, ook binnen de gezinnen. Die bezinning begint niet met het doen afsluiten van een internettoegang. Wordt er thuis de toestemming onthouden dan is er wel een mogelijkheid te internetten in de bibliotheek, op school of bij vrienden. Waar het om gaat is de persoonlijke keuze die telkens gemaakt moet worden ten aanzien van het ingetypte ondenwerp en bij de klik van de muis. De klik van de muis is het amen op dat wat het hart beweegt.

Het gaat om de Geest

De Geest werkt in ons hart en in ons leven, wanneer we betrokken zijn op God en op zijn Woord. Dat we God willen zoeken en naar zijn geboden willen leven is dankzij de Geest.

Want er is niemand die God zoekt en niemand die naar Hem vraagt. De Geest gaat altijd in tegen het vlees. Het is dan ook de uitwerking van het Woord door de Geest wanneer we kiezen Gods weg te gaan. En dat is bekering. Een ommekeer maken van de wereld naar Chnstus. Daar is strijd voor nodig. Een kenmerk van de Geest is dat Hij Christus verheerlijkt en dat aan zondaren verkondigt. De beleving van het geloof en van de genade wordt dan geproefd. En dat brengt ons telkens terug bij God en zijn gebod.

Dat gaat vaak langzaam. En het gaat struikelend en steeds weer opstaand. Niets is ons mensen vreemd om van die geboden af te wijken, ook al geeft de buitenkant soms een ander beeld. De verleiding van de duivel hoeft met altijd in neonlicht geschreven te zijn. Meestal zijn het verleidingen op kousenvoeten. Niet hoorbaar en zichtbaar voor anderen en des te verleidelijker.

Weest waakzaam !

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.