Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

¶ Gerard Dekker, Zie hoe alles hier verandert. Het verloop van de gereformeerden, Kampen: Kok, 2016, 157 p., isbn 978 90 435 2614 2, €14,99. ¶ Gerard Dekker, De voorlopers van de revolutie. Over het maandblad Voorlopig (ad chartasreeks 29), Kampen: Vuurbaak, 2016, 127 p., isbn 978 90 5560 519 4, €17,95.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

¶ Gerard Dekker, Zie hoe alles hier verandert. Het verloop van de gereformeerden, Kampen: Kok, 2016, 157 p., isbn 978 90 435 2614 2, €14,99. ¶ Gerard Dekker, De voorlopers van de revolutie. Over het maandblad Voorlopig (ad chartasreeks 29), Kampen: Vuurbaak, 2016, 127 p., isbn 978 90 5560 519 4, €17,95.

13 minuten leestijd

De vorig jaar overleden godsdienstsocioloog Gerard Dekker was specialist op het terrein van de ontwikkelingen van het gereformeerde volksdeel in sociologisch perspectief. In de voorliggende de studie Zie hoe alles hier verandert, kondigt hij aan dat hij speciaal de orthodox gereformeerden onder de loep wil nemen. Eenvoudig is dat niet, want die zijn verspreid over heel wat verschillende kerkgenootschappen. De vorming van de Protestantse Kerk in Nederland (pkn) in 2004 heeft het bovendien niet eenvoudiger gemaakt: zij was – opnieuw – aanleiding voor afsplitsingen. We hebben dus niet van doen met één, maar met zo’n tien groeperingen met alle hun eigen spirituele accenten en de daarmee verbonden levenswijzen. De auteur verdeelt deze groeperingen onder in drie stromingen: de bevindelijk gereformeerden (Gereformeerde Gemeenten, Gereformeerde Bond in de Hervormde Kerk en pkn en sinds 2004 de Hersteld Hervormde Kerk), de orthodox gereformeerden (Vrijgemaakte Gereformeerde Kerken) en de modern gereformeerden (Gereformeerde Kerken in Nederland, in 2004 opgegaan in de pkn). Voor een sociologische beschrijving van de ontwikkelingen van de eerste twee stromingen neemt de auteur zijn uitgangspunt halverwege de twintigste eeuw. De gereformeerden werden door de buitenwacht vaak gezien als zwaar op de hand, stijf en zelfs schijnheilig. Zelf zagen zij zich als strijdbare en betrouwbare gelovigen.

De vernieuwingsbeweging (‘doorbraak’) van na de Tweede Wereldoorlog ging aan deze kerken voorbij, maar nadien ontstond er een vooruitstrevende onderstroom. Te noemen vallen de Werkgemeenschap van Gereformeerde Jongeren, de Woudschotenconferenties en eind jaren zestig het tijdschrift Voorlopig.

Aan de geschiedenis van dit blad heeft de auteur een min of meer gelijktijdig verschenen boek gewijd: De voorlopers van de revolutie. Over het maandblad Voorlopig, dat grotendeels gewijd is aan een thematisch opgezette beschrijving van de inhoud ervan. Het is dit tijdschrift dat, aldus de auteur, het beste zicht geeft op de veranderingen binnen de gereformeerde wereld die vanaf einde van de jaren zestig hebben plaatsgevonden. De auteur kan het weten, want hij zat vele jaren in de redactieraad van Voorlopig. Maar tegelijk doet deze dubbele positie: betrokken én beschrijvend, wel even de wenkbrauwen fronsen.

Op basis dus van het maandblad Voorlopig stelt de auteur vast, dat er in de Gereformeerde Kerken in Nederland (thans pkn) met name veranderingen werden bepleit op de terreinen van pluraliteit binnen de kerken, vrijheid van politieke keuze, aandacht voor andere dan calvinistische theologie en afwijzing van de traditionele leerdwang en dogmatisme, en de positie van vrouwen in de kerken. Op al deze terreinen vonden ook daadwerkelijk veranderingen plaats. Het is een weinig verrassend rijtje voor wie geen vreemdeling in Jeruzalem is. De oorzaken van deze veranderingen worden gezocht in de cultuurveranderingen die vanaf halverwege de jaren vijftig en versneld vanaf eind jaren zestig in Nederland hebben plaatsgevonden. De auteur wijst daarbij vooral op de toenemende individualisering en subjectivering, die met enige vertraging ook de interne cohesie van de betreffende kerken aantastten.

Dit deel van het boek wordt afgesloten met een ‘evaluatie van de veranderingen in het geloofsleven’ die net iets te veel weg heeft van een geseculariseerde preek. De onvermijdelijke culturele veranderin-gen moeten worden ‘erkend’ en ‘toegelaten in het geloofsleven’, het verzet daartegen wordt veroorzaakt door ‘angst voor veranderingen in de inhoud van het geloof’. Het lijkt wel cognitieve therapie!

Inmiddels op twee-derde van het boek gekomen betreft zijn analyse nog steeds de gereformeerden in hun algemeenheid. Vergeleken met zijn eerdere studies over de ontwikkelingen in de Gereformeerde Kerken (De stille revolutie, 1992) en de Vrijgemaakt Gereformeerde Kerken (De doorgaande revolutie, 2013) voegt hij in deze studie nauwelijks of geen nieuws toe.

Aansluitend stelt de auteur nu de ontwikkelingen onder de gereformeerden aan de orde en expliciteert hij die voor de vrijgemaakt gereformeerden. Zoals hij in het voorgaande heeft vastgesteld hebben de Gereformeerde Kerken in Nederland, nu in de pkn, de sterkste veranderingen ondergaan – hij wijst hier onder meer op het verloren gaan van een van de belangrijkste en mij zo sympathieke kenmerken: de zelfstandigheid van de plaatselijke kerken. Wat de Vrijgemaakten betreft stelt hij vast dat zij inmiddels in gesprek zijn met de Nederlandse Gereformeerde Kerken en de pkn, maar dat van veel vrijgemaakten de geloofsbeleving zich beweegt naar het evangelicalisme. Maar met name in de Nederlandse Gereformeerde Kerken loopt de plaatselijke situatie nogal uiteen vanwege hun lokale zelfstandigheid en het ontbreken van een overkoepelende synode.

Vervolgens zijn er de gemengd orthodox-bevindelijke groeperingen: de Gereformeerde Bond in de pkn en de Hersteld Hervormde Kerk, die vooral uit bevindelijken bestaat, rond het blad Het gekrookte riet, en de Christelijke Gereformeerde Kerken, met enerzijds een bevindelijke, anderzijds een orthodoxe vleugel. Ook hier stelt de auteur een tendens vast richting evangelicalisering.

Ten slotte zijn de sterk bevindelijke groeperingen te vinden in de Bible Belt. Het betreft vooral de Gereformeerde Gemeenten. Het piëtistisch getinte geloofsleven staat hier voorop. Hun verzet tegen veranderingen is altijd het sterkst geweest, maar ook hier vinden aanpassingen plaats aan het moderne cultuurpatroon (vaccinatie, televisie, werkende vrouwen).

De auteur stelt vast dat de zichtbare gereformeerde wereld klein is geworden. De bevindelijke groeperingen zijn tot op heden nog het meest stabiel, maar moderniseren hun identiteit door aansluiting te zoeken bij de vanuit de Evangelische Omroep ontstane ‘refo-zuil’ (zie Remco van Mulligen, Radicale protestanten, 2014) en door zich liever ‘reformatorisch’ te noemen dat ‘gereformeerd’.

Terugkijkend op deze studie vind ik hem uiteindelijk wel heel erg eendimensionaal. Te prijzen valt dat de orthodox en bevindelijk gereformeerden nu uitdrukkelijk gethematiseerd worden, zij het pas in de loop van dit boek. Maar hun ontwikkeling wordt naar mijn mening te veel gezien in de lijn van een veel bredere ontwikkeling van de gereformeerden als zodanig. Eigenlijk worden zij bij voorbaat al getekend als ‘achterblijvers’: het gaat niet hard, maar ze komen er wel. Zij krijgen pas sociologische aandacht als de gereformeerden voor een belangrijk deel onzichtbaar zijn geworden in de pkn.

Een daarmee verwant bezwaar is, dat de auteur in deze en eerdere publicaties de ontwikkelingen naar mijn smaak te lineair beschouwt: er is een moderne wereld, waaraan de gereformeerden zich onvermijdelijk moeten aanpassen. Er is te weinig aandacht voor de positie van tegenstemmen in deze processen – en het zijn juist de tegenstemmen die het moderniseringsproces minder vanzelfsprekend maken en die het mainstream gereformeerdendom telkens weer bevragen.

Min of meer hetzelfde bezwaar betreft het ontbreken van de opkomst van het evangelicalisme in de analyse van de auteur. Het evangelicalisme komt pas – als een duveltje uit een doosje – aan de orde aan het eind van het boek, wanneer de gereformeerde orthodoxie aan de orde wordt gesteld. Naar mijn stellige indruk echter is het evangelicalisme veel breder verspreid dan alleen onder de orthodox-protestanten; men vindt het bijvoorbeeld al vele decennia ook in rooms-katholieke kring. Mijns inziens zou dit verschijnsel een plaats moeten krijgen in de totale analyse als zodanig, beschouwd hetzij als alternatief voor of hetzij wellicht als kenmerk van de modernisering.

In dit boek noemt de auteur zijdelings de titel van het tijdschrift Waarheid en Eenheid, als de tegenpool van Voorlopig. Ik vermoed dat een inhoudsanalyse van dìt tijdschrift een scherpere analyse van ‘het verloop van de gereformeerden’ had opgeleverd. –

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 2018

DNK | 72 Pagina's

¶ Gerard Dekker, Zie hoe alles hier verandert. Het verloop van de gereformeerden, Kampen: Kok, 2016, 157 p., isbn 978 90 435 2614 2, €14,99. ¶ Gerard Dekker, De voorlopers van de revolutie. Over het maandblad Voorlopig (ad chartasreeks 29), Kampen: Vuurbaak, 2016, 127 p., isbn 978 90 5560 519 4, €17,95.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 2018

DNK | 72 Pagina's

PDF Bekijken