Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

“SORRY, MAAR WE HEBBEN MENNO NIET AAN EEN LIJNTJE”

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

“SORRY, MAAR WE HEBBEN MENNO NIET AAN EEN LIJNTJE”

Een gesprek met de schrijver en zijn Haagse propjes

15 minuten leestijd

Het is de Banierredactie al meerdere keren ter ore gekomen: er is een aantal bijzondere categorieën Banierlezers. Ze vallen op door hun eigenaardige leesgewoonten. Je hebt bijvoorbeeld de categorie die zo vertrouwd is met de Hebreeuwse taal dat ze ook de Nederlandse uitgave van De Banier van achteren naar voren gaan lezen. De voorliefde voor bepaalde Joodsculturele gebruiken kunnen wij heus wel waarderen, maar we worden wel geprikkeld als dat type lezers al na enkele bladzijden stopt. Om een of andere reden komt deze categorie niet voorbij de laatste rubriek: ‘Haagse propjes’.

De tweede bijzondere soort zou je de ‘Menno-nieten’ kunnen noemen. Niet de mennonieten dus, maar de ‘Mennonieten’. Ze pakken De Banier, zijn er zich zeer wel van bewust dat op de achterste bladzijden Haagse propjes van Menno de Bruyne te lezen zijn, maar ze lezen het blad vervolgens heel bewust vanaf de kant van de inhoudsopgave. Ze zijn ook niet van plan om door te lezen zodra De Banier met Menno op de proppen komt. Die Menno bakt ze bruin en daarom, zo lijken ze te denken, lezen we Menno niet.

We zijn in het achterkamertje van de SGP aangekomen. Het is de locatie waar Menno de Bruyne kantoor houdt en ‘het fort verdedigt’ tijdens het meireces van de Tweede Kamer. De bekende voorlichter die vandaag speciaal zijn koeienstropdas heeft omgeknoopt, vertelt over de bijzondere haat-liefdeverhouding die SGP-leden met zijn rubriek en stijl kunnen hebben. Al in de vorige eeuw (zelfs het vorige millennium) waarschuwde Menno de Banierlezers al. “Even is overwogen om de nieuwe rubriek ‘Haagse hopjes’ te noemen, vernoemd naar de bekende Haagse lekkernij, maar omdat de inhoud niet altijd zo zoet zal smaken als hopjes, is gekozen voor propjes.”

HET BEGIN

Voordat we het over de beroemde en beruchte Propjes gaan hebben, komen we eerst nog langs het begin van Menno’s Haagse tijd. “In 1984 was er behoefte aan een voorlichter bij de SGP-fractie in Den Haag. Daar hoorde ook het schrijven voor De Banier bij. Op dat moment was een van de beleidsmedewerkers ook eindredacteur van De Banier. Maar al die taken kon hij onmogelijk blijven combineren. Toen werd ik dus in juni 1984 aangenomen. Ik belandde op een prachtige, stijlvolle hoekkamer met uitzicht op het Mauritshuis, als ik tenminste om een kast heen keek. Er stond nog wel een klein tafeltje voor me. Ook werd er een stoel ergens vandaan gehaald. En daar zat ik dan, achter een oude oerdegelijke typemachine van het merk Adler. ‘Of ik ook nog een kast nodig had?’ ‘Ja, dat zou wel handig zijn. Dan kan ik mijn spullen tenminste netjes kwijt.’ Op vergaderdagen van de Tweede Kamer zat ik er met nog vier medewerkers, maar dat duurde niet lang. In 1986 kwam Wim Kok, de latere minister-president, en die zou de kamer in z’n eentje betrekken. Wij moesten verhuizen.”

REDACTIETIJD

“Het schrijven voor De Banier stond in die tijd onder eindredactie van Danker Roozemond. Hij gaf me veel vrijheid, want hij was al lang blij dat hij een belangrijk deel van de zorg voor De Banier aan mij kon overlaten. Zelf hield hij zijn rubriek Parlementair logboek nog wel, maar de meeste kopij kwam nu bij mij vandaan. Als je in Den Haag werkt, zit je nu eenmaal dicht op nieuwswaardig materiaal. Gemakkelijk was het overigens niet, want in die tijd e-mailde je niet, nee, het ging allemaal per post. Nou, dan weet je het wel: als je de kopij op vrijdag op tijd postte, liep je het risico dat het op maandag nog niet bij de drukker was. Als de post dan vertraging had, kon je de hele tekst op dicteersnelheid via de telefoon gaan voorlezen. Aan de andere kant van de lijn tikte de typpiste van de drukkerij het dan uit. Wat een gezanik was dat altijd!”

‘ASSOCIATIEF DIER’

De vreugde van het schrijven zit bij Menno natuurlijk mede in het spelen met de taal. Toepasselijke taalvondsten en pakkende perspectieven komen bovendrijven door wat Danker Roozemond bij Menno omschreef als: “Je bent een associatief dier.” Bij alles wat je dan hoort en leest en ziet, zoekt je brein meteen de verbanden en vooral de opmerkelijke en grappige verbanden. Dat gaat bij zulke mensen gewoon vanzelf en daarom herkent Menno zich er zeker in. In een hoog tempo koppel je het ene aan het andere onderwerp. Dat geeft vaak verrassende gezichtspunten. Precies de ingrediënten die nodig zijn voor: Haagse propjes.

HAAGSE PROPJES

Op 10 juni 1999 verscheen de eerste aflevering van Haagse Propjes en sinds die tijd zijn ze nauwelijks weg te denken uit De Banier. Als Menno door de wandelgang van de SGP loopt, kunnen zijn collega’s regelmatig zien waar hij mee bezig is. Staat Menno’s gezicht zorgelijk, dan zijn er waarschijnlijk kreukels in het SGP-blazoen die hij moet (helpen) gladstrijken. Maar zien zijn collega’s een onderdrukte grijns, of een onmogelijk binnen te houden binnenpretje? Dan kan het zomaar zijn dat zojuist het licht is opgegaan voor een idee voor de Haagse propjes van die maand.

Drie dominees

De kraamkamer van Haagse propjes is te vinden in de pastorie van Waarder. Voor de redactievergaderingen van De Banier reden Bas van der Vlies en Menno de Bruyne in die tijd gezamenlijk naar de pastorie van ds. D.J. Budding.

Op de agenda in 1999 stond een zorgelijk punt: het aantal abonnees van De Banier daalde naar een diepte van slechts 4.500 of daaromtrent. Daar moest echt iets aan gebeuren. De Banier moest aantrekkelijker worden om te lezen. Ds. Budding opperde dat De Banier aan het ledenbestand moest worden gekoppeld. Elk lid zou De Banier dan in meerdere of mindere mate gaan lezen. Én er moest ook een rubriek komen, zoals die van ds. J.T. Doornenbal in de Veluwse kerkbode. Zo’n rubriek wilde je gewoon lezen en dat kan nieuwe abonnees gaan aantrekken. “Zelf dacht ik ook aan de rubriek Zetjes van ds. H.G. Abma in de jaren 70. Dat was een rubriek die wel wat weg had van Haagse propjes.” En zo gebeurde het dat deze nieuwe rubriek ontstond. De abonneecurve daalde niet langer en na verloop van tijd begon hij zelfs voorzichtig te stijgen.

AAN HET WERK

Om goede Propjes te kunnen schrijven, maakt Menno gebruik van zijn ergernissen en zijn mooie ervaringen. “Die geven je energie en inspiratie om te schrijven. Maar als ik even niet verder kom, doe ik alsof er iemand in de kamer zit en probeer ik het al pratend aan een gewone Nederlander uit te leggen. ‘Zo en zo zit het.’ En dan schrijf ik dat zo op. En als ik dat doe, kom ik vaak weer over een dood punt.”

MAANDBLAD

Sinds 2013 zijn de Propjes wel wat aan het veranderen. “Nu De Banier eens in de maand verschijnt, kun je niet scherp op de actualiteit reageren. Daarom verschijnen er meer verhalen uit het verleden en minder urgente ergernissen.” Toch blijft ook dat nog moeilijk voor historicus Menno de Bruyne. Bijna had hij zijn tot nu toe laatste propjes eigenhandig uit de drukpers moeten trekken. Dat zul je net zien! Schrijft hij net over de mogelijkheid dat Rutte de langstzittende premier van ons land kan worden… En plotseling vergeet Rutte om gewoon netjes dat beschreven plannetje uit te werken! Dat vergeten van hem begint een zorgelijk patroon te worden. Menno is misschien wat minder pittig geworden in zijn uitspraken, maar mocht Menno tóch nog een keer zijn boekje te buiten gaan, dan weten zijn collega’s al welke verontschuldigende, gevleugelde uitspraak van Bas van der Vlies dan zal klinken als reactie op de verbolgene: “Dat is inderdaad vervelend, maar… ‘we hebben Menno niet aan een lijntje’.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Saturday 1 May 2021

De Banier | 64 Pagina's

“SORRY, MAAR WE HEBBEN MENNO NIET AAN EEN LIJNTJE”

Bekijk de hele uitgave van Saturday 1 May 2021

De Banier | 64 Pagina's

PDF Bekijken