Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

POSITIEVE ERVARINGEN MET THUISONDERWIJS, AL WAS HET OOK PITTIG

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

POSITIEVE ERVARINGEN MET THUISONDERWIJS, AL WAS HET OOK PITTIG

11 minuten leestijd

Ouders waren tijdens de coronaperiode bang dat hun kind(eren) mogelijk leerachterstanden zou(den) oplopen, bleek in april uit een enquête onder ROVleden. Ook maakten ze zich zorgen over extra druk op hun gezinsleven door het thuisonderwijs. Met twee moeders en vier leerlingen blikken we terug. Gerdien Lassche-van Grol is beleidsmedewerker bij de ROV

‘Totaal anders dan een schoolvakantie’

Corien Nederveen (zes kinderen): ‘Ik heb onderschat hoe zwaar het is: opeens met acht personen thuis, geen moment voor mezelf. Totaal anders dan een schoolvakantie. Als ouders zagen we opeens wat schoolwerk emotioneel met kinderen doet. Onze zoon in groep 4 blokkeerde bijvoorbeeld: “Moet ik dat echt allemaal opschrijven?” Uit gemakzucht maakte hij vervolgens grote taalfouten. Zijn broertje in groep 2 bleek school helemaal niet leuk te vinden – hij vindt het heerlijk thuis, zonder geschreeuw van klasgenootjes… Lesgeven vond ik heel inspannend: terwijl de één een tekening moest maken (maar daar geen zin in had), liep de ander vast met z’n sommen over klokkijken, moest de derde nú een mailtje aan de juf versturen en moest mama daarvoor nú inloggen, want de computer stond in de slaapstand.

Alles speelde zich opeens in en om het huis af. Dat heeft een intensieve, maar ook een mooie kant. Je moet het als gezin echt met elkaar doen. Dit gaf ons als ouders het besef dat we de afgelopen decennia wel heel veel verantwoordelijkheid bij de school hebben gelegd. Wellicht dat dit besef ook bij anderen doordringt en school en gezin weer meer een eenheid worden, en de opvoeding en vorming een gezamenlijk project. Dat zou de winst van deze periode zijn.’

‘Vijf leerlingen betekent evenzoveel keer schakelen’

Anja de Jonge (zes kinderen): ‘In verwondering kan ik zeggen dat het me erg is meegevallen. Ik ben het thuisonderwijs gaan zien als een uitdaging. Het mooie is dat ik zelf gestalte kon geven aan geloofsoverdracht. Voor het godsdienstonderwijs gebruikten we de website abcvanhetgeloof.nl. We hebben bijvoorbeeld geleerd dat “hoop” betekent dat je je vertrouwen stelt op God en Zijn Woord.

Van de basisschool kregen we alle leermiddelen, met een weekschema. Vooraf heb ik een strakke planning voor de ochtend gemaakt en die met de kinderen besproken. Dat werkte goed; iedereen hield zich eraan. Na de eerste week konden we een evaluatie inleveren; de school bekeek dan wat er verbeterd kon worden.

Vijf leerlingen met ieder zijn eigen gaven en talenten betekent evenzoveel keer schakelen. Ik leerde veel over mijn kinderen wat betreft concentratie, motivatie en creativiteit. Onze buurman heeft ’s avonds de sterrenhemel uitgelegd. Dan word je stil als je bedenkt dat God alle sterren bij name kent. Bij biologieles hebben we een boon geplant. Leuk om die na een week onder de grond tot plantje te zien groeien. De oudsten kregen de opdracht om voor ons gezin een presentatie te verzorgen. Bijzonder dat ons onderwijspersoneel zo flexibel was om afstandsonderwijs te realiseren.’


Geen tijdverlies en werken in je eigen tempo

Wat dacht je toen je hoorde dat de school dichtging? Die openingsvraag geeft de vier kinderen uit groep 5c van de Rehobothschool in Kootwijkerbroek meteen veel gespreksstof. ‘Heel apart’, antwoorden Anne en Jacoba. Jos had een filmpje gezien van een Chinees kind dat thuiswerken helemaal niet fijn vond. ‘Ik zag er dus best tegenop.’ Jonathan: ‘’t Was wennen, maar wel leuk. Je had nu geen tijdverlies doordat er geen boeken uitgedeeld hoefden te worden en je niet naar school hoefde te fietsen.’

Elke morgen zat Jos in spanning welke leerkracht de Bijbelvertelling zou doen. ‘We luisterden met de hele familie.’ Bij Jacoba vertelde moeder zelf een Bijbelverhaal en stelde daarover vragen.

Uiteindelijk had iedereen wel een eigen werkplekje thuis, maar ze geven allemaal aan dat daar ook snel afleiding was. Op school kun je rustiger werken, zegt Anne. ‘Thuis werd er snel gepraat wanneer je net aan het werk was.’ Ook Jonathan werd snel afgeleid omdat de anderen aan tafel zaten te knutselen en zo.

Toch zaten de vier thuis wel meer op hun gemak het schoolwerk te doen. Ze vonden het fijn dat ze op hun eigen tijd en in hun eigen tempo konden werken. Het maakte niet uit hoe lang ze over het schoolwerk deden. Jonathan maakte ook gerust ’s avonds pas zijn schoolwerk, zodat hij ’s morgens de dieren kon voeren.

Voor Jos duurde de uitleg van de juf vaak te lang. ‘Ik wilde aan het werk.’ De uitlegfilmpjes die de meester stuurde, vond Jonathan erg fijn: ‘Je kon die even pauzeren en dan de sommen maken. Vaak luisterde ik de uitleg twee keer.’ Jacoba: ‘Van thuis mag ik geen filmpjes kijken, gelukkig begreep ik het meestal zo wel.’

‘Het was fijn’, zegt Anne, ‘dat je moeder je kon helpen als je iets niet goed kon. Moeder zag nu wat je goed kunt of wat je lastig vindt. Dit kan ze doorgeven aan de juf, zodat zij er rekening mee kan houden.’

Politie en boefje

Jacoba geeft aan dat ze de verhalen tijdens aardrijkskunde en geschiedenis heeft gemist. School is dan wel fijner. Dat geldt ook voor Jos. De creatieve weekopdrachten vonden alle kinderen erg leuk. Ze hebben een beroemd schilderij uitgebeeld.

Het missen van vriendjes en vriendinnetjes komt bij allemaal naar voren. Jacoba mocht haar vriendin bellen, Anne stuurde een kaartje, Jos mailde en stuurde grapjes door via de chat en Jonathan speelde met zijn broertje en zusjes politie en boefje. Voor buitenspelen was ineens veel meer tijd.

Alle vier denken ze niet dat ze achter zijn geraakt, al krijg je op school wel meer uitleg. Jacoba geeft aan dat de planning van de juf eerst wel duidelijk was. ‘Daarna wist ik het niet meer zo goed, dus was ik wel bang dat ik achter raakte.’

We denken met elkaar nog even vooruit. Jos stelt zich het onderwijs voortaan zo voor: 2,5 dag naar school voor uitleg en de verhalen en twee dagen thuis om alles te maken en te leren. Jacoba wil graag één dag in de week thuis alles maken; iedere groep een andere dag, zodat je rustig zonder broertjes en zusjes thuis bent. Jonathan wil wel een constructie van de ene week school en de andere week een halve week thuis. Anne niet. ‘Ik zit liever de hele tijd op school.’

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 september 2020

De Reformatorische School | 48 Pagina's

POSITIEVE ERVARINGEN MET THUISONDERWIJS, AL WAS HET OOK PITTIG

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 september 2020

De Reformatorische School | 48 Pagina's

PDF Bekijken