Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Compenseren

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Compenseren

5 minuten leestijd

Onlangs hadden twee kleindochters op internet voor- en achternamen met een kleur opgezocht. Van de achternamen Blauw, Groen, Geel, Oranje, Rood, Wit, Zwart en Oranje komt alleen de laatste niet als voornaam voor. Dat leverde leuke taalspelletjes op.

Al tijdens de kerriesoep vroeg één zich af of in het voorgeslacht van Willem-Alexander misschien een meneer Geel en een mevrouw Rood te vinden zouden zijn. Ik kon hen niet helpen: de enige mevrouw Rood die ik ken, heet Lydia en is kinderboekenschrijfster. Tijdens de maaltijd met vis, doperwtjes, worteltjes en aardappels gingen we na hoeveel mensen we kenden met een kleurenachternaam. Zij noemden ds. Jacobine Geel, die ik niet kende. Ik won: commissaris Blaauw van Rotterdam, vlootvoogd Witte de With en politicus Groen van Prinsterer, al wist ik niet zeker of Groen zijn tweede voornaam of het eerste deel van zijn achternaam is. Maar ik kende nog een Groen uit mijn verleden: bioloog Wim Groen.

Mijn allereerste kennismaking met groen was het groentje. Natuurlijk had ik daarvoor al gezien dat het gras lichtgroen kon zijn en onze nooit gebruikte voordeur donkergroen. Maar het groen van het groentje kon je niet alleen zien, maar ook proeven. Er zaten minuscule kleine suikertjes op. Op de harde ronde kon je alleen maar zuigen om de mentholsmaak te proeven. Op de zachte, met de vorm van een tumtummetje, kon je kauwen. Daar had je er meer van nodig om even lang dezelfde smaakervaring te hebben.

Mijn tweede kennismaking was in militaire dienst. Ik kreeg een opleiding tot sergeant-foerier. We moesten NATO stocknummers leren om te voorkomen dat een soldaat in plaats van een insigne van de verbindingstroepen een “onderbroek lange pijp groen” zou krijgen. Waarom die kleuraanduiding er altijd officieel bij werd vermeld, is onduidelijk. Alles in het leger is immers groen.

Maar we deden ook aan ontgroenen van de nieuwe lichting soldaten. Het stelde allemaal niet zo veel voor. De nieuweling moest alle kleren van zijn PSU (persoonlijke standaarduitrusting) aantrekken, zijn gasmasker opzetten en dan één keer de gang op en neer tijgeren. Omdat ik hoofd was van de wapenkamer, de waskamer, de voorraadkamer en de bar, werd hij daar na de ceremonie met een drankje in de compagnie opgenomen.

De derde kennismaking gebeurde onlangs. Ik las dat er ook groene kerkelijke gemeenten zijn. Daar wordt nadruk gelegd op het feit dat wij niet alleen verantwoordelijk zijn voor anderen, maar ook voor de natuur. Er worden avonden belegd voor geïnteresseerden en folders uitgedeeld met informatie over hoe we onze voetafdruk op deze aarde kunnen verminderen. Ik besloot korter te douchen en de thermostaat een graad lager te zetten. Maar tot mijn verbazing zag ik dat een achttal kerkleden met het vliegtuig naar Oeganda afreisde naar een zustergemeente.

Om dat te compenseren, beloof ik ook mijn open haard niet meer te gebruiken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 2021

De Reformatorische School | 48 Pagina's

Compenseren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 2021

De Reformatorische School | 48 Pagina's

PDF Bekijken