Bekijk het origineel

Onderdrukking

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Onderdrukking

14 minuten leestijd

Racisme en slavernij hangen nauw samen. Dat weten ze in Amerika. Dat weten we ook in Nederland. Want slavernij is – om precies te zijn – nog maar 157 jaar geleden afgeschaft – in 1863. Slavernij is van (bijna) alle eeuwen. Daarom is het interessant om te weten hoe de kerkvaders tegenover slavernij stonden.

Sophie

Daarover gaat een artikel in Sophie, een uitgave van de Stichting voor Christelijke Filosofie, van de hand van dr. Joost Hengstmengel. De bijbelse boodschap van liefde heeft in maatschappelijk opzicht veel veranderd. Toch leidde de evangelieverkondiging niet tot de afschaffing van de slavernij. Waarom niet?

Dat de vroege kerk slavernij als gegeven accepteerde, blijkt wel uit de frequente oproepen tot gehoorzaamheid. Ongehooorzaamheid paste een slaaf eenvoudigweg niet. ‘Ketterse’ stromingen die slaven opriepen tot ontrouw, konden rekenen op een veroordeling. Tertullianus beschuldigt de marcionieten (zij verwierpen het Oude Testament en een deel van het Nieuwe Testament, AP) ervan slaven te ontvoeren en hen aan te zetten tot plichtsverzuim. Het Concilie van Gangra uit het jaar 343 dreigt hen met een banvloek die slaven onder het voorwendsel van vroomheid wijsmaken dat ze hun heren moeten ontvluchten. (…)

Vaak herhaalden vroegchristelijke schrijvers eenvoudigweg de huisregel van Paulus en Petrus: ‘Slaven wees uw aardse heer onderdanig.’ Woorden van gelijke strekking klinken op een vijftal plaatsen in hun brieven. (…)

Het is duidelijk dat het vroege christendom niet abolitionistisch (niet voor afschaffing, red.) was. Toch kwam het wat betreft slavernij tot een aantal revolutionaire ideeën. In de eerste plaats keerde het zich tegen de aristoteliaanse opvatting dat slavernij natuurlijk is. Aristoteles had met droge ogen beweerd dat sommige mensen van nature slaaf zijn, lichamelijk geschikt om als levend bezit van anderen te dienen. Diverse kerkvaders ontkenden dit met kracht. Van nature is niemand slaaf, legt Basilius de Grote uit: men is het ofwel door gevangenneming in oorlog, ofwel door armoede. (…)

De vaststelling dat slavernij een wrange vrucht is van de zondeval mag weinig progressief klinken. Toch was ze wel degelijk een stap voorwaarts. (…)

Chrysostomus meent dat als slavernij natuurlijk was geweest, God Adam wel met een slaaf aan zijn zijde had geformeerd. (…)

Het Griekse denken beschouwde slaven in de regel als minderwaardig, in het Romeinse recht vielen slaven in de categorie van overdraagbaar eigendom. Het vroegchristelijk denken benadrukte juist hun menswaardigheid. Men bezit slaven niet zoals men een paard of geld bezit, aldus Augustinus. Een teken van hun menswaardigheid was dat slaven zich konden ontwikkelen, zowel moreel als intellectueel. Volgens Origenes is er niets vreemds aan dat slaven van christenen onderwijs ontvangen. De grote filosofen deden immers niets anders. De kerkvaders meenden tevens dat ook slaven deugdzaam kunnen zijn, een opvatting die voor sommige filosofen ondenkbaar was. (…) Kerkelijk gezien was er geen onderscheid tussen slaven en vrijen. Ze waren broeders in het geloof met een en dezelfde hemelse Vader, zo wordt steeds benadrukt. (…) De kerk stond van het begin af aan voor iedereen open en mensen uit alle klassen en standen vormden één gemeente zonder aanzien des persoons. Slaven werden gedoopt, namen deel aan de vieringen en konden – na vrijlating – als priester worden gewijd of intrede doen in een klooster. Sommigen schopten het zelfs tot paus: twee van de eerste bisschoppen van Rome, Pius I en Callixtus I, waren naar verluidt voormalige slaven. Interessant genoeg kon een slaaf in de kerk dus een hogere ‘rang’ hebben dan zijn meester. Toch werden vrijlating en vrijkoping van slaven in de vroege kerk aangemoedigd. (…) De manumissie (lett. het zenden uit de hand, AP) van slaven was geen christenplicht, maar gold wel als een manifestatie van naastenliefde die werd toegejuicht. Clemens van Rome bericht rond het jaar 100 dat vele christenen zich overleverden in slavernij om anderen vrij te kopen. Andere bronnen vermelden hoe rijke christenen soms meer dan duizend slaven tegelijk vrijkochten (…). Blijkens een van de brieven van Ignatius van Antiochië bestond er rond het jaar 100 ook een gebruik waarbij slaven op kosten van de kerk werden vrijgekocht. Met keizer Constantijn in de vierde eeuw kreeg deze manumissio in ecclesia formeel vorm.

Kerken kregen het recht om, in een speciaal ritueel met Pasen, slaven burgerrecht te verlenen. De meester leidde zijn slaaf naar het altaar, de priester las een formulier voor en sprak een zegen uit. Het is wel de vraag hoe wijdverbreid dit gebruik was. Feit is dat het in de vijfde en zesde eeuw nog in verschillende lokale concilies werd bekrachtigd.

Israël Aktueel

Slavernij wordt altijd in verband gebracht met onderdrukking en uitbuiting. Dezelfde verwijten klinken aan het adres van Israël met betrekking tot de annexatie van een deel van de Westelijke Jordaanoever. Op 8 mei van dit jaar stuurde de Wereldraad van Kerken (WCC), samen met de Raad van Kerken in het Midden-Oosten (MECC) een brief naar de Europese ministers van Buitenlandse Zaken. De Nederlandse Raad van Kerken vond dit kennelijk nog niet genoeg en bracht de brief nog eens extra onder de aandacht van minister Blok. Over die kwestie schrijft opperrabbijn Jacobs in het blad Israël Aktueel. Hij begint met de coronacrisis.

Ik hoor nog steeds dankbare berichten van medewerkers, bewoners en familie van bewoners van zorgcentrum Beth Shalom in Amsterdam over de pakjes die mijn christelijke vrienden hebben uitgedeeld (en ik mocht mee) om wat licht in de duistere coronaperiode te brengen. Een hoogbejaarde dame schreef me: ‘Lieve opperrabbijn, wat fijn dat u die christenen had meegenomen en dat ze me niet eens probeerden te bekeren.’ (…)

Hoe langer corona duurt en hoe vaker ik mijn wandelingetje maak, hoe meer vriendelijke groeten en hoe minder onvriendelijk naroepen. Nog vanochtend stopte bij mij een man, afkomstig uit Turkije. Of ik uit Israël kwam, want ik heb een baard en draag een keppeltje. Het was een fijn gesprek. Wederzijds begrip. Helemaal top! Of hij nu uiteindelijk begreep dat ik Nederlander ben, weet ik niet want zijn Nederlands was niet optimaal.

Nee, een brief van de Raad van Kerken aan onze minister van Buitenlandse zaken maakte mij verdrietig. De Raad van Kerken roept onze minister namelijk op om Israël te boycotten!? Weet de Raad van Kerken dan niet dat de enige groeiende christelijke gemeenschap in het Midden-Oosten zich in Israël bevindt? Sluit de Raad van Kerken dan zijn ogen voor de krimpende christelijke gemeenschap in Bethlehem, sinds Bethlehem niet meer onder het gezag van Israël valt, maar onder de Palestijnse Autoriteit? Is de Raad van Kerken zich bewust van de haat die in de Israël omringende landen via schoolboeken wordt aangewakkerd tegen Joden? Ik herinner me die vluchteling uit Syrië die bij mij thuis vertelde dat hij was opgevoed met de wetenschap dat je Joden moet verdelgen. Maar hij wist niet of Joden mensen, dieren of dingen waren! Is de Raad van Kerken vergeten dat vijtienhonderd jaar christelijke haat jegens Israël de basis heeft gelegd waarop de nazi’s verder konden bouwen? Is het dan niet bekend dat er nergens in het Midden-Oosten zoveel vrijheid van godsdienst is als in Israël en dat je in Jeruzalem zo’n beetje alle godsdiensten ter wereld ziet rondlopen? (…)

Broeders en zusters, in Europa neemt het antisemitisme weer zorgwekkend toe. U weet dat en keurt dat zeker af, daarvan ben ik overtuigd. Maar net zoals die meneer uit Turkije, die ik ontmoette tijdens mijn wandeling, maar niet begreep dat ik Nederlander ben (al zeker tien generaties!), zo is ook bij het grote publiek het verschil tussen kritiek op Israël en antisemitisme flinterdun. (…)

Ik ben verdrietig, niet alleen door corona, maar ook door de oproep van de Raad van Kerken aan onze minister van Buitenlandse Zaken. Maar het is niet goed om verdrietig te zijn, dat weet ik drommels goed. Immers: Dien G’d met vreugde! En dus probeer ik die brief te vergeten en bid ik dat de kleine groep die zich wel in de brief herkent, spoedig tot een ander inzicht moge komen. Een inzicht dat gebaseerd is op G’ds Woord, de Bijbel, en niet op onbetrouwbare politiek. Mocht ze dat onverhoopt niet lukken, dan ga ik graag in gesprek! Ik wil verbroedering, ondanks het pijnlijke verleden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juli 2020

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Onderdrukking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juli 2020

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken