Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het zien van Schilderijen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het zien van Schilderijen

Aandacht voor moderne kunst

6 minuten leestijd

Dinsdagavxind hield Jiet Wetenschappelijk Genootschap Goeree—Overflakkee jaarvergadering in Hotel Spee onder presidiuni van voorzitter Notaris Mr. Hempenius. Diverse jaarstukken werden behandeld, maar behalve dat werd de interesse der aanwezigen gevraagd — en gewekt — door een causerie, die de heer Ploos van Amstel, leraar tekenen aan de HBS te Middelharnis, hield over het onderwerp: het zien van schilderijen, hetgeen allicht uitdijde tot beschouwingen over beeldende kunst in het algemeen en hetwelk aan interesse won door de aandacht, die spreker in het bijzonder schonk aan moderne kunst. Wegens vertrek van bestuursleden had verkiezing plaats, v/elke de heren Ds Bloemendaal en tandarts Sypkens in de leiding van het Genootschap bracht (beiden werden door het bestuur voorgedragen en kregen practisch alle stemmen).

Na het welkomstwoord bracht Dr Stoel, secretaris van het Genootschap, zijn jaarverslag uit, over 1953, en derhalve vond aanstonds in dit verslag vermelding plaats van de grote ramp van 1 Febr., die het Genootschap gelukkig geen persoonlijke verliezen toebracht, maar wel de werkzaamheden onmogelijk maakte. Voorts memoreerde het verslag het verscheiden van de heer A. A. Mijs. Er vertrokken 7 leden, waarbij het bestuurslid, de heer C. J. Jansen, die buitengewoon lid blijft. Er traden 24 nieuwe leden toe en thans telt het W.G. 125 leden, 2 ereleden en 11 buitengewone leden. Met waardering en dank jegens de heren Boomsma releveerde Dr Stoel voorts het tot stand komen van het prachtige boek „Gebroken Dijken" en tenslotte constateerde de secretaris miet voldoening, dat het W.G. niettegenstaande de tegenslagen in 1953 er weer in slaagde om het wetenschappelijk cultureel leven op het eiland te dienen.

Mr. L. J. den Hollander, de penningmeester, deed verslag van de stand van zaken op financieel gebied. Bij een ontvangst van ƒ 3935.22 resteerde er een saldo van ƒ 2349.17, waarin ƒ 800.— van het Anjerfonds ten behoeve van de uitgave van het door Dr Verseput over de geschiedenis van M'harnis geschreven boek. Zeer tevreden bleek de penningmeester over het feit, dat Gebroken Dijken het Genootschap nog op geen 1000 gld. is gekomen en hij meende te kunnen zeggen, dat het geld nuttig besteed wordt, waarbij terloops ook geattendeerd werd op de nieuwe projector. Dr Schreier verklaarde boeken en bescheiden des penningmeesters gecontroleerd en in orde bevonden te hebben, waarna de rekening zonder discussie o.d. werd goedgekeurd; ook Mr Hempenius bracht nog eens dank aan de heren Boomsma.

Dr Stoel kreeg daarop gelegenheid een uiteenzetting te geven omtrent een, reis, die het W.G. op Dinsdag 15 Juni naar Schouwen wil ondernemen, via de Hoek van St. Jacob, met een bus naar Ouwerkerk, Nieuwerkerk en Zierikzee, naar de Schelphoek en de caissons, vervolgens bezoek aan het oudheidkundig museum in het Zierlkzeese stadhuis, gevolgd door een rit naar Haamstede enz., een en ander onder geleide van de voorzitter van de streek-V.V.V. Opgaven hiervoor verwachtte Dr Stoel gaarne ten spoedigste. De voorzitter voegde aan een en ander nog toe, dat men met dit bezoek tevens beoogt het leggen van contact tussen de twee streken, die eigen lijk zo weinig van elkaar afweten. En dan besloot men dit huishoudelijk deel der bijeenkomst met bovenvermelde bestuursverkiezing.

„Wat verwacht men van een schiWprij 1"

Met deze vraag ving de heer Ploos van Amstel zijn causerie aan. De meeste mensen achten de voorstelling hoofdzaak en individueel is er voorkeur voor een bepaald soort voorstellingen. Natuurgetrouwheid acht men een bijzondere verdienste en bijzonder verdienstelijk werk moet dus wel de schilder geleverd hebben —• in de Griekse oudheid — die druiven zo afbeeldde, dat de vogels er op af vlogen. Met de renaissance vooral kreeg het naturalisme vaste voet en eerst in de laatste zestig ]aren zijn andere opvattingen opgeld komen doen. Alhoewel men al eerder de regelen van perspectief, anatomie enz, in de steek liet. Spr. demonstreerde dat met voorbeelden, die door de epidiascoop van de HBS op het witte doek werden geprojecteerd.

Zo kreeg men voorbeelden uit de oudheid te zien, waarbij het naturalisme voorbij werd gegaan; een paardekop van een Chinees, een schilderij van Raphael enz. enz.

Zelf heeft de heer Ploos van Amstel op de HBS met de leerlingen een proef genomen. Hij liet een wijnglas tekenen. De meeste leerlingen hielden zich aan projectie of natuurlijk prespectief, 25% tekenden het glas met de kelk perspectivisch, maar met de voet zuiver in vooraanzicht, als dikke lijn o.d. Ben leerling was er, die het juist andersom deed, de kelk in rechte projectie, de voet perspectivisch. Spr. concludeerde dat velen weei'geven, niet wat zij zien, maar wat is! De kunstenaar interpreteert!

De opvattingen over kunst, de wijzen van uitbeelding, veranderen met de tijd, gelijkelijk met do veranderingen op het gebied van godsdienst, wetenschap en politiek. Het duidelijkst kon spr. dan demonstreren met reproducties van schilderijen en tekeningen van een Christusfiguur; In de Romaans-Spaanse periode werd Christus afgebeeld als een heerser op de troon (de tijd van het Byzantijnse rijk), in de Frans-middeleeuwse periode schilderde men Christus vol devotie, de tijd van de hervorming legt het accent op het lijden en de marteling, terwijl daarna Rubens komt met zijn Christus, die als een heros aan het kruis hangt.

De intej'pretatie van de kunstenaars werd geleid door de cultuur, door de individualiteit en door de technische middelen en spr. kwam tot de opvatting, dat de kunst beschouwt moet worden als autonome uiting van de menselijke geest nauw verbonden, maar niet onderworpen aan de natuur. Relatie is er met literatuur en muziek, maar natuurlijk zijn schoonheden van lijn, kleur en vorm niet door woorden equivalent te vervangen. De verhouding kunst: natuur in de kunst is gecompliceerd en de natuur is geen maatstaf, kan wel middel zijn. Ben schilderij is niet in woorden over te brengen; dan zou hetgeen de schilder ermede zeggen wil in roman vorm beter tot zijn recht komen.

Behalve om de voorstelling kan men een kunstproduct bewonderen om de vorm en de non-figuratieve schilderkunst laat dan ook alleen de taal van lijn en kleur spreken. Dat de kleur een psychische werking heeft is bekend en die wetenschap wordt zelfs al druk toegepast in bedrijven, waar men de kleur van de omgeving, waarin de arbeiders werken, met zorg kiest. Als een aspect van de moderne schilderkunst — Gézanne, Van Gogh — noemde spr. dat deze aanknoopt bij de kunst der ovide- en der natuurvolken, bij voorstellingen, die kinderen maken, of krankzinnigen en hierbij werden reproducties getoond van werken van o.a. Picasso. Ook het naturalisme huldigt trouwens de hannonie van vorm en kleur, even goed als de abstracten dat doen. Dat blijkt uit werken van Gauguin (vorm en rhytme) en Rubens (compositie). Dikwijls acht de kunstenaar deformatie nodig ter verhoging van de expressie, waarvan Picassa's ,,Guernica" een eminent voorbeeld is. In de reclame heeft men deze ideeën al alom aanvaard (affiche jaarbeurs b.v.)

De heer Ploos van Amstel liet als laatste voorvoeren een fraaie foto van het beroemde beeld van Zadkine, dat te Rotterdam is geplaatst. Hij noemde dit een hoogtepunt in de beeldende kunst. ,,Welke theorethische ondergrond men ook te baat wil nemen: wie door het kunstwerk ontroerd wordt kan slechts zwijgen."

Na de causerie volgde een aangename discussie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 26 mei 1954

Eilanden-Nieuws | 4 Pagina's

Het zien van Schilderijen

Bekijk de hele uitgave van woensdag 26 mei 1954

Eilanden-Nieuws | 4 Pagina's