Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Mensen mei geld

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Mensen mei geld

Een vertaal uit het toerenleven

7 minuten leestijd

EERSTE HOOFDSTUK

De boer zonder land.

„Volk!"

De khnk van de buitendeur wordt rammelend opgelicht. Er is gestommel van klompen m 't nog schemerige portaaltje.

„Volk!"

De binnendeur wijkt meteen al open, en de forse gestalte van Goof Kram verschijnt op de drempel. „O, ben jij daar Jochem? Kom d'r in,

„O, ben jij daar Jochem? Kom d'r in, man! De koffie is bruin en 't fornuis brandt lekker. Wat een kou anders, hè, vanmorgen!"

Jochem Spits, de oude koopman met z'n koffertje op de rug, waamiee hij nu in de -vroege morgen al langs de deuren trekt, heeft onder de begroeting van Goof z'n klompen uitgeschopt en stapt op zijn sokken de ander voorbij, de keuken in, waar een gezelUg brandend fornuis en een pleizierige koffiegeur tot verder-komen schijnen te nodigen. Matje, de vrouw van Goof, een dikke goedige schommel met een bol-blozend gezicht, dribbelt bedrijvig rond terwijl de achttienjarige dochter, als een tweede huismoeder, zich al even druk weert. ,,Morgen samen!" groet de oude, zich

,,Morgen samen!" groet de oude, zich bukkend om zijn koffertje in de hoek tussen kast en tafel een plaats te geven. ,,'k Zal het hier maar zolang neerzetten. Matje. Een mens wil z'n rug wel es een ogenblik vrij hebben!"

„Ga je gang maar, hoor. Het staat daar geen mens in de weg. Dat je op je ouwe dag ook nog zo sjouwen wilt man. Kon dat nou niet anders?"

,,Als ik bij m'n dochter in ging-, bedoel je. Maar die zou ons toch ook niet voor niemendal in huis kunnen hebben. Bovendien, m'n oudje wil dat niet graag en och, zolang m'n benen nog mee willen, ben ik zelf ook liever m'n eigen baas!"

„Nou, 't zou niks voor mij wezen, hoor;" besluit Matje. ,,Dat gesleep met zo'n koffer langs de huizen Foei nee, dat hield ik vast niet langer dan een paar dagen vol!" „Je zou er anders wel een beetje

„Je zou er anders wel een beetje schraler van worden, denk Ut!" plaagt Goof, met een vergenoegende blik naar zijn welgedane echtgenote.

En Jochem laat er gemoedelijk op volgen, terwijl hij op een stoel bij de keukentafel schuift: „'t Ouwe geslacht is zo kleinzerig

„'t Ouwe geslacht is zo kleinzerig niet, Matje, Ik heb van m'n leven wel heel andere karweitjes opgeknapt dan met een koffer sjouwen!"

Els, de dochter, heeft koffie geschonken. Eerst voor Goof, dan voor Matje, het laatst voor zichzelf. „Ook een bakje troost, Jochem?"

„Ook een bakje troost, Jochem?" ,,Welja, giet maar in, meid!"

,,Welja, giet maar in, meid!" Hij kijkt haar een beetje verbaasd

Hij kijkt haar een beetje verbaasd aan, terwijl ze de kom -vult, er wat melk en een schepje suiker in doet — het laatste op een wenk van Matje, want 't is eigenlijk geen g-ewoonte om op een weekse dag suiker in de pap of de koffie te nemen. Dat wordt alleen maar gedaan als er iemand verjaart, of als het gezin met een lid vergroot is. De oude koopman weet dat ook wel en kijkt daarom wat verwonderd naar Els, die met een rustig gebaar de kom voor hem neerzet en vervolgens ook in de ó,ndere kopjes haar verzuim goedmaakt.

„Krells is jarig!" verklaart ze, zijn lichte verbazing opmerkend en begrijpend.

„O, zo! Ik dacht al; 't is geen Zondag, ze zijn zeker in de war vanmorgen. Nou, Goof en Matje, wel gefeliciteerd met je zoon, en dat d'r nog maar tien keer zoveel jaartjes bij mogen komen!"

„En dat we d'r maar wat voorspoediger mee mogen worden!" vult Matje zuchtend aan, en haar goedig gezicht betrekt even. Jochem, die merkt dat ze aan een

Jochem, die merkt dat ze aan een pijnlijk onderwerp raken, leidt snol het

gesprek in een andere richting. „Hoe is 't Goof? Nog kans op werk

„Hoe is 't Goof? Nog kans op werk van 't voorjaar?"

Goof Kram slaat zijn benen over een andere stoel.

„Kun je net denken!" zegt hij g'emelijk. „De rijke boeren maken zich nogal druk om mij aan werk te helpen!" „Ja maar' —• Matjes rechtvaardig

„Ja maar' —• Matjes rechtvaardigheidsgevoel noodzaakt haar 't verwijt te weerlegg-en — ,,ja maar, je wilt ook niet vragen!"

,,Vragen?" schiet Goof nu ineens driftig uit. ,,Vragen? Als je eigenboer geweest bent? Is het nog niet erg genoeg dat we hier in zo'n' arbeiderskrot zitten inplaats van op onze goeie ouwe hofstee ? Of vind jij het zo pleizierig om naar een boer toe te gaan, waar je vroeger als buur, als vriend mee samenwerkte — en om dan heel beleefd te vragen: „mag ik asjeblieft knecht bij je worden?" Speel jij dat maar es klaar, als je nog een greintje eergevoel hebt..."

,,Stil Goof, denk om de kinders!" sust Matje. ,,En niet zo opstandig. Je weet toch: 't is ons van geen mensen aangedaan!"

Daar antwoordt Goof niet op. Hij bromt wat in zichzelf, staat op en gaat de keuken in. Buiten, voor de deur, horen ze hem met zware stappen op en neer lopen.

Matje zucht verdrietig, kijkt dan om beurten naar Els en naar Jochem. „Hij komt d'r' nooit overheen," klaagt ze ,,en hij is zo oproerig!"

Jochem knikt lang-zaam.

,,Als-t-ie wou" — zegt hij nadenkend — ,,de boer van de Kepershoeve zou licht nog- een arbeider kunnen gebruiken als 't voorjaar wordt!"

„Vermaal ?"

,,Ja, waarom niet?" Vrouw Kram schokt even met haar schouders.

,,Daar gaat-ie tóch niet heen. Je weet toch wel dat die twee mekaar niet kunnen zetten En toch zal d'r wel wat moeten gebeuren, als we niet aan de kerk of 't armbestuur -willen vervallen. Nou hebben we nog een beetje geld van de boerderij ,maar als dat op is En och lieve mensen, hoe lang duurt dat als je met je zessen bent!"

,,Wil ik eens een goed woordje voor hem doen als het zover is?" biedt Jochem hulpvaardig aan.

,,Waar, op de Kepershoeve? Nee, doe dat liever niet. Hij kon 't je wel kwalijk nemen, en hij gaat er toch niet naar toe!"

Els, onder 't bedrijvig af-en-aan lopen door de keuken, hoort 't gesprek tussen Matje en de koopman met stijf-opeengeklemde lippen aan. Haar strak onregelmatig gezicht vertoont een sterke gelijkenis met dat van Goof. Bepaald knap is ze niet, dat weet ze zelf heel goed. Haar mond is zo breed en ze heeft van dat dunne sprietige haar, dat niet krullen en niet vlechten wil en waai'van de kleur temauwemood te bepalen is. Maar ze tobt er niet over. Ze is geen stadsnuf. Boerendeerntjes en arbeidersdochters, die hebben wel aan wat toeters te denken. Die zorgen dat ze niet als slonzen over straat lopen, maar verder kunnen ze door de week zo kieskeurig niet wezen. Dat -vitten op alle mogelijke kleiniig-heden is goed voor die pronkjuffertjes uit de grote steden. In een plattelandshuishouding komt het m de eerste plaats op een paar fikse handen aan, die flink wat werk verzetten kunnen. En wat dat aangaat, heeft Els Kram zich voor geen stadsman te schamen. Wat zal ze zich dan zwarigheid maken over een mooi gezicht en fijne kleren ?

Ze maakt zich op 't ogenblik wèl zwarigheid over andere dingen. Zwijgend, met een strak-gesloten hand, loopt ze heen en weer door de keuken. Haar vader als arbeider bij Vermaal, bij de baas van de Kepershoeve? Ze ziet hem al gaan over het smalle zandweggetje naaide grote boerderij, de voornaamste uit heel de omtrek. Ze probeert zich even m te denken hoe hij zal staan voor de n]- ke boer, om bevelen in ontvangst te nemen — hij, die zolang ze zich herinneren kan, gewend was om zélf te bevelen!

(Wordt vei-vólgJ)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 15 december 1954

Eilanden-Nieuws | 4 Pagina's

Mensen mei geld

Bekijk de hele uitgave van woensdag 15 december 1954

Eilanden-Nieuws | 4 Pagina's