Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Uienteelt en uienhandel

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uienteelt en uienhandel

7 minuten leestijd

Het artikel „De uit in de rui" (het opsclirift IS misschien alleen gekozen omdat het rijmt) m de bladen van Vrijdag 14 dezer, heeft mijn aandacht getrokken en heeft mij aanleiding gegeven om nog eens een keer m inijn pen te klimmen. Hierover zal wel geen onzer uientolers zich verbazen. In wooi'd en geschrift heb ik gedurende mijn 35-jarige dienst bij de Centrale Veiling er bij herhaling op gewezen, dat men andere wegen moest inslaan, wilden wij de uienteelt op Flakkee bestendigen.

Had men hier meer naar geluisterd en had men onderzocht, wat zich elders op het gebied van de uienteelt afspeelt, wat betreft de kwaliteit, sortering en verpakking, dan had men misschien beter begrepen, dat met onze oudei'wetse ideeën en gebruiken de concurrentie op de duur niet zou kunnen worden weerstaan.

Lees er de jaarverslagen van de Centrale Veiling op na en dan zult U moeten toegeven, dat het aan waarschuwingen niet heeft ontbroken. Maar nu is het zover en zitten we

Maar nu is het zover en zitten we met de gebakken peren. Moet dit aanleiding zijn om het hoofd nu maar in de schoot te leggen? Neen en nogmaals neen. Het is beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald, zelfs al is de dwaling reeds in een vergevorderd stadium. Het roer moet radicaal worden omge

Het roer moet radicaal worden omgegooid, al zal dit ook veel moeilijkheden geven en misschien enige schade veroorzaken. Maar U weet, door schade en schande wordt men wijs. Een zaadteler deelde mij dezer dagen mede, dat er thans geen goed zuiver uienras meer in Nederland is te vinden. Men heeft gekruist en nog eens gekruist, waaruit het allegaartje van vandaag is geboren, aldus mijn zegsman. Hij vertelde me daarbij, dat het zeker 7 jaar zal duren, voordat men weer een goed uienras heeft gekweekt. Ik heb daar niet het minste verstand van, maar ik neem het graag op gezag aan, als een deskundig zaadteler me dit vertelt. Indien het werkelijk nodig is, en dat is het m.i., dan is het ten hoogste tijd, dat deskundige mensen op dit gebied deze niet langer uit te stellen aangelegenheid ter hand nemen en waarbij de uientelers hun volle medewerking dienen te verlenen. De schrijver van „de ui in de rui" met de ondertekening Kp-Kr., heeft ons onder het oog gebracht, dat Polen onze uientelers voorbij is gestreefd en tornt aan ons afzetgebied. Hierover moet men niet te lichtvaardig denken. Als onze handel zijn clientèle verliest, omdat onze uien wat kwaliteit, sortering en verpakking betreft, niet meer mee kunnen en ver ten achter staan bij die van onze concurrenten, dan verliezen ook de telers, die in feite de schuld hiervan dragen, diezelfde klanten.

Het verloren aan het afzetgebied dupeert derhalve én de handel én de teler. Dit weet men allemaal, maar wat gaat men nu doen gedurende de 7 jaren, die nodig zijn om een uienras te kweken, dat aan de te stellen eisen voldoet en waarover onze klanten tevreden kunnen zijn.

Moeten de uientelers nu hun lot van verdringing van de markten maar met lede ogen aanzien? In genen dele. Men moet in gegeven omstandigheden er van maken, wat er van te maken is. Er moet m.i. alles op worden gezet, dat de huidige klanten behouden worden, want als men ze eenmaal heeft verloren, dan wmt men ze niet gemakkelijk meer terug.

Men moet van het huidige ras de beste kwaliteit leveren, zij het dan ook, dat men zich een groter percentage uitval zal moeten getroosten. Men mag niet boos zijn als de ene handelaar of sorteerinrichting scherper toeziet dan de andere. Integendeel; terwille van zelfbehoud moet men dit toejuichen. Ook mag men niet boos zijn op het U.C.B., omdat dit naar uw mening te nauw kijkt, want het U.C.B, is juist in het leven geroepen om de rommel van de buitenlandse markten te weren. Hiervoor kunt U de oprichters niet anders dan dankbaar zijn. Door het stellen van mimmumeisen heeft het U C.B. gedurende zijn bestaan al veel onheil voorkomen. Maar met minimumeisen komt men er thans niet meer. De buitenlandse afnemer gaat steeds hogere eisen stellen aan alle m te voeren producten. Men houdt zich momenteel bezig met de vraag tot het instellen van een internationale controle op de kwaliteit, sortering en verpakking van alle exportproducten.

Wie hier meer van wil weten, leze er het hoofdartikel van het weekblad Groenten enFruit van 13 dezer er eens op na. Dan zal hij er met mij van overtuigd zijn, dat men zich daaraan weet aan te passen.

Men komt er echter niet mede, als men hierover schrijft en praat. Men moet iets doen. Men moet tot positieve daden durven besluiten en dit ifan alleen m organisatorisch verband, waarbij de medewerking én van telers én van de handel onontbeerlijk is. Beide partijen moeten de handen ineenslaan. Zoals U wellicht nog bekend is, heeft de Centrale Veiling te Middelharnis bij de oprichting van het U.C.B, de telers er toe weten te brengen om op de meeste dorpen op Flakkee een telerssorteerstation op te richten. Helaas is het merendeel verdwenen of lijdt een kwijnend bestaan.

Deze stations moeten weer terug komen, want dan alleen heeft de teler medezeggingschap in het bepalen van de kwaliteit, sortering en verpakking. Het mag de teler niet onverschillig zijn in welke hoedanigheid zijn product op de markt komt en hoe het door zijn afnemers wordt begroet, want hij blijft de leverancier tot aan de consument toe.

Natuurlijk moet steeds overleg worden gepleegd met de handel, wat betreft de kwaliteit, sortering en verpakking, want hij is het, die U kan vertellen, wat zijn clientèle verlangt.

Over de wijze van verkoop wil ik het deze keer niet hebben, want dat geeft misschien maar haken en ogen en daar is het niet om te doen. Mijn standpunt in deze, dat op Flakkee overbekend is, is nog niet gewijzigd. Op welke wijze men echter zijn uien en misschien in de toekomst meerdere producten verkoopt, men bepale daarbij, dat de aflevering dient te geschieden via het plaatselijke telerssorteerstation. Ten aanzien van de in gezamenlijk overleg met de handel te stellen eisen zorgt het station voor een goede uitvoering en moet daarvoor tenvoUe verantwoordelijk worden gesteld.

In zijn tweede artikel in de Flakkeese Nieuwsbode van 21 dezer, stelt Kp- Kr., hoewel enigszins schuchter, een teeltregeling voor en geeft een idee op welke wijze deze kan worden ingesteld. Ik zou denken, dat dit wel eenvoudiger kan. De kleine teler met zijn zeer beperkte oppervlakte en voor wien de uienteelt een levenskwestie is, kan geen ongeregelde teelt veroorzaken. Een ongeregelde teelt wordt door uitgifte van uien in deelteelt en het verhuren van zaaiklaar land voor uienteelt aan de handel, alleen en uitsluitend veroorzaakt door de groot landbouwer. Bepaalt men voor deze een maximum oppervlakte voor uienteelt in verhouding van zijn bedrijfsoppervlakte, dan behoren de uitwassen tot het verleden en de kleine teler vaart er wel bij.

Zoals U misschien bekend is, worden er thans door vele fabrikanten, ondernemers op verschillend terrein, de Flakkeesche Gemeenschap, ja zelfs onze Staatsbedrijven, ideeënbussen opengesteld voor iedere werknemer, hetzij groot of klein, om een idee aan de hand te doen, m.a.w. men wil gebruik maken van meerdere hersenen dan alleen van de leiders en bestudeerde mensen. Zeer verstandig.

Voor een idee, dat vruchtbaar kan worden toegepast tot heil van onze algemene samenleving, wordt zelfs een beloning toegekend.

Voorzover mij bekend is, heeft Landen Tuinbouw nog geen ideeënbus in het leven geroepen, maar ondanks dat, ben ik toch zo vrij om door middel van dit schrijven een idee aan de hand te doen, zij het dan ook zonder ideeënbus en zonder beloning.

Ik vind het helemaal niet erg als mijn idee geen ingang kan vinden, maar het zou mij ten zeerste verheugen, als hieruit een goed en afdoend idee zou worden geboren, dat de Flakkeese telers tot hechter samenwerking brengt ten aanzien van de verkoop en aflevering van hun proucten en tot het behoud van de Flakkeese uienteelt in het bijzonder.

Middelharnis, 24 Jan. 1955. VAN HEEST, Oud Directeur CV.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 januari 1955

Eilanden-Nieuws | 8 Pagina's

Uienteelt en uienhandel

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 januari 1955

Eilanden-Nieuws | 8 Pagina's