Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Wordt er nog geleerd op school?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wordt er nog geleerd op school?

8 minuten leestijd

^ lijkt wel een ietwat dwaze vraag, ie we als titel boven dit artikel plaaten. Waarvoor immers is de school — 'e bedoelen hier speciaal de lagere ohool — anders dan om te leren? Voor 'erreweg de meeste mensen is dit mderad nog zo, maar ieder, die op onder- Iseebied meeleeft of er zelf bij betrok- *en is, weet, dat de ouderwetse „leerfflohool" tegenwoordig een zware dobber Jieeft. Het mensdom schijnt nu eenmaal .'steeds wat anders te willen, op elk ge- •bied en dit doet ook zijn invloed gelden [OP het onderwijs. Als we de moderne baedogogen en psychologen moeten geloven, dan is het beter van de oude „luistersehool" een „werkschool" te maken met al de consequenties daarvan. Felle aanvaUen worden gedaan op ons traditionele onderwijsstelsel en het Ujkt erop, Idat men niet zal weten vóór het oude leer^steem de hals is omgedraaid. Het is alles „vernieuwing" wat de klok slaat. Van overheidswege gesubsidiëer- -, de studiecentra stimuleren door cursust s«a en conferenties de nieuwe koers en wie daar wat scetptisch tegenover staat ) of er met aan meedoet, wordt niet meer voor vol aangezien. De vraag doet zich daarom op, in

De vraag doet zich daarom op, in welk opzicht de lagere school in haar taak 'tekort geschoten is. Zijn de resultaten van het onderwijs in rekenen, taal, lezen, geschiedenis, aardrijkskunde enz. zo enorm, dat er gerust wat tijd afkan voor de bezigheden in nieuwe stijl? Nu, zo ia het zeker niet. De algemene klacht is, vooral uit het bedrijfsleven, dat de leerlingen, die door de lagere school worden afgeleverd, over 't algemeen tegenvallen, wat betreft de reken- en taaicapaciteiten, om van de andere vakken maar te zwijgen. Men is helemaal niet [tevreden over de resultaten. En hoe Ikomt het, dat deze zo mager zijn? Naar t onze bescheiden mening mede hierdoor, f dat er geen voldoende tijd is om het eerst nodige er stevig in te zetten, doordat er teveel tijd verloren gaat voor al- Je^ andere dingen. '•' ^ onderwijzers zullen de eersten zijn

'•' ^ onderwijzers zullen de eersten zijn ipift,;|;oe te geven, dat de situatie inderniet bevredigend is. Wat ons onderhet eerst en het meest nodig heeft, ls,^n rustige sfeer, niet alleen in de Idd^ maar ook in het algemeen. En dit laat nogal wat te wensen over. Met name de schoolhoofden kunnen daarover .eepraten. Zij hebben tegeniwoordig in 'erreweg de meeste scholen hun eigen >s — het ambulantisme, geheel of gedeeltelijk, komt niet meer zoveel voor — en moeten zich tussen de bedrijven door bemoeien met allerlei dingen, waarvoor hun aandacht wordt gevraagd. Veel meer dan vroeger worden ze ook onder de les gestoord door vertegenwoordigers van firma's, die hun leermiddelen komen aangrijpen. Onlangs kwamen er op een school drie op één morgen! Verder komen fotografen, goochelaars, pottenbakkers, een man met een aapje etc. hun geluk beproeven. En aangezien men nu eenmaal niet alles kan weigeren, gaat er eerst tijd verloren met praten en later een aantal uren met de voorstellingen.

Aan sohoolsparen kan men ook niet ontkomen. Voorts dienen de kinderen opgevoed te worden in de philan- tropie, m.a.w. moeten ze af en toe er K met zegels of prikkaarten op uit voor een liefdadig doel. De organisatie van één en ander vergt ook weer tijd. Dan komen natuurlijk een paar maal per jaar de schoolarts en de schooltandarts. Het is allemaal prachtig, maar de rust wordt er niet door bevorderd. Voert men ook nog de schoolmelk in, dan zijn de ouders weer van iets ontlast, maar de school draait ervoor op. Ook vindt men het af en toe nodig eens een kleine wandeling of excursie te maken, één of ander Mnderfeest te organiseren, een museum te bezoeken enz. Hier en daar komt ook een spraakleraar op school en sedert het verkeer zo in de belangstelling ia komen te staan, moet ook daaraan menig uurtje worden besteed. Er zUn scholen, waar de kinderen zwemles krflgen en verder eist de gymnastiek ook nog anderhalf uur per week. En zo is er nog wel één en ander.

Als we nu één voor én deze dingen de revue laten passeren, dan zouden we niet graag willen beweren, dat ze allemaal overbodig zijn. Een aantal ervan kan men echter van ons cadeau krijgen, maar nodig of minder nodig of niet nodig, al deze tijd gaat van het eigenlijke onderwijs af. De school woidt op deze manier overbelast. En als men dan nog de zin zou doen van de nieuwe-koersmensen, dan was men bovendien halve dagen aan het plaatjes plakken, handenarbeid, projecten uit en te na uitpluizen tot vervelens toe enz. We vragen ons af, hoeveel tijd er op deze manier nu eigenlijk overschiet voor de ,,verstandelijke" vakken. Is het dan wonder, dat er geklaagd wordt over de onbevredigende resultaten van het onderwijs?

iWe menen, dat het tijd wordt, deze ^^t van het probleem ook eens te bezien. Er is nu eenmaal een minimum aan kennis nodig voor ieder kind, dat geen uitgebreide lager of middelbaar onderwijs geniet. Over de hoogte van da rotaunum valt te praten, maar over he feit als zodanig kan geen verschil bestaan. Inderdaad grepen de scholen voorheen in sommige opzichten wel wa hoog en kregen de leerlingen overbodige ballast mee. Menige rekenmethode kan nog wel wat uitgedund worden, Maar men slaat nu weer over naar de andere kant en uit reactie tegen de „intellectualistische" school komt men e nu toe, de leerstof zodanig te beperken en de hand- en andere vaardigheden ze

uit te breiden, dat de hoeveelheid kennis o.i. ver beneden het minimum komt te liggen. Het is een soort mode geworden, af te geven op de „leerschool" of „luisterschool" en wie niet meezingt in dat koor, geldt voor ouderwets. De kinderen vinden het allemaal best, maar dat kan geen maatstaf zijn. Tenslotte zullen we het erover eens moeten zien te worden, wat de lagere school uiteindelijk aan haar leerlingen moet meegeven het leven is. En dan kan worden vastgesteld, wat en hoeveel onderwezen moet worden van ieder vak.

Zo is men vooral na de bevrijding dapper aan het vernieuwen geslagen. Nu is er bij dat vernieuwen heel veel, dat helemaal niet nieuw is, maar door onderwijzers en onderwijzeressen met wat fantasie dikwijls al lang werd toege^ past. Van hogerhand wordt de nieuwe koers mede gestimuleerd en voor nieuwe schooltypen geeft de overheid graag veel geld uit. Voor alles, wat enigszins extra-ordinair is, blijken de financiële middelen aanwezig te zrjn. Maar het komt ons voor, dat het meer op de weg van het Ministerie van Onderwijs zou liggen om ten eerste ervoor te zorgen, dat er voldoende leerkrachten zijn en ten tweede de leerlingenschaal te verlagen. Het is nl. zo, dat steeds weer opnieuw

Het is nl. zo, dat steeds weer opnieuw felle aanvallen worden gedaan op het klassikaal onderwijs, waartegenover men dan de zegeningen stelt van het individueel onderwijs. Zonder te beweren, dat het laatste het ideaal is, willen we wel toegeven, dat het eerste grote bezwaren heeft. Maar we zouden wel eens willen weten, hoe men op ©en andere naanier de veel meer dan één millioen leerlingen der lagere scholen onderwijs kan geven, zolang er nog niet eens genoeg leerkrachten zijn voor het huidige stelsel. Al deze theorieën mogen nog zo aantrekkelijk zijn, ze lopen dood op de harde werkelijkheid. Wanneer men ons lager onderwijs wilde organiseren volgens de verlangens en voorschriften der moderne psychologen, paedagogen en sociologen, dan zou de begroting van het Departement, die toch al schrikbarend hoog is, tot een onbetaalbare hoogte stijgen. En aangezien degenen, die onderwijs geven, nu eenmaal moeten uitgaan van de middelen, die ze hebben en de situatie, waarin ze veri eren, ligt het voor de hand, dat ze zich van al die theorieën niet veel kunnen aantrekken. Terugkerende tot ons uitgangspunt,

menen we te mogen vaststellen, dat de Nederlandse onderwijzers over 't algemeen ondanks alle meer of mindere radicale veranderingen, die worden voorgesteld, poogt zijn leerUngen zoveel mogelijk kennis en vaardigheid voor het leven mee te geven. Meestal is bij velen de natuur conservatiever dan de progressieve leer. Maar de onrust in de school, die we hierboven schetsten, de tijd, die afgestaan moet worden voor andere dingen, die veelal eigenlijk even goed buiten schooltijd konden geschieden, alsmede het voortdurend veranderen van methoden en het invoeren van dubieuze nieuwigheden vormen een grote handicap voor het onderwijs. Voorlopig geloven we, dat het maar het beste is, niet al te veel waarde te hechten aan allerlei fantastische noviteiten, maar op verstandige wijze het goede in het oude te behouden en voorzichtig niouwe mogelijkheden te peilen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 16 april 1955

Eilanden-Nieuws | 8 Pagina's

Wordt er nog geleerd op school?

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 16 april 1955

Eilanden-Nieuws | 8 Pagina's