Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Ds. Tj. De Jong en zijn Toelichting op het SGP-Beginselprogram

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Ds. Tj. De Jong en zijn Toelichting op het SGP-Beginselprogram

30 minuten leestijd

Op 15 april 2014 overleed ds. Tj. de Jong. Er verschenen over hem in diverse bladen en tijdschriften in memoriams. Onder andere in het Reformatorisch Dagblad, in het Kerkblad van de Hersteld Hervormde Kerk en in het blad Standvastig van de Gereformeerde Bijbelstichting. In deze in memoriams werd vooral gewezen op de betekenis die ds. De Jong heeft gehad in het kerkelijke leven. In dit blad is nog niet gerefereerd aan het overlijden van ds. De Jong en aan zijn betekenis voor de beginselvaste richting binnen en buiten de SGP, die streeft naar de handhaving en bevordering van de staatkundig gereformeerde beginselen. Door middel van dit artikel willen we trachten deze leemte op te vullen.

In 1977 werd de ‘Landelijke Stichting tot handhaving van de Staatkundig Gereformeerde beginselen’ opgericht en werd gestart met het uitgeven van het blad In het spoor (april 1977). In het juninummer van 1982 van In het spoor werd de mededeling gedaan dat ds. Tj. de Jong uit Poortvliet toegetreden was tot het Stichtingsbestuur. Reeds in het nummer daarvoor (april 1982) was hij gestart met een nieuwe rubriek ‘Het beginselprogram toegelicht’, waarin hij artikel voor artikel het toenmalige SGP-beginselprogramma wilde bespreken. Ongeveer viereneenhalf jaar later, om precies te zijn in het decembernummer van 1986, verscheen de 22ste aflevering van deze serie. Daarna volgden nog 13 afleveringen. De eerste 22 afleveringen werden in 1987 door de ‘Landelijke Stichting tot handhaving van de Staatkundig Gereformeerde beginselen’ gebundeld en in boekvorm uitgeven onder de titel: Het SGP-beginselprogam toegelicht (deel 1). Een volgend deel is niet meer verschenen, omdat op 25 november 1989 door de SGP een nieuw beginselprogramma werd aanvaard. De situatie die daardoor ontstond, had tot gevolg dat de meerderheid van het toenmalige Stichtingsbestuur in het voorjaar van 1990 besloot de Stichting op te heffen 1 en daarmee kwam ook aan het lidmaatschap en voorzitterschap (sinds begin 1986) van ds. De Jong van het Stichtingsbestuur een einde. Een minderheid besloot toen de uitgave van het blad voort te zetten (waaraan overigens door de meerderheid alle medewerking werd verleend) en daarvoor een nieuwe stichting op te richten 2 , namelijk de ‘Landelijke Stichting ter bevordering van de Staatkundig Gereformeerde beginselen’ (12 juli 1990).

Van de periode na deze wisseling zij nog vermeld dat in het decembernummer van 1994 een meditatie van de hand van ds. De Jong werd geplaatst en dat hij op de jaarvergadering van 2010 het openingswoord verzorgd heeft (dat als meditatie gepubliceerd werd in het oktobernummer van 2010).

De genoemde bundeling van artikelen van ds. De Jong over het oude SGP-beginselprogram had ten doel een bijdrage te leveren aan de bekendheid, doordenking en doorwerking van de “oude beproefde reformatorische beginselen” binnen de SGP en daarbuiten. Het is goed om hieronder ter ere en ter nagedachtenis van zijn schrijven inzake de beginselen op staatkundig, politiek en maatschappelijk terrein enkele citaten te geven uit die bundel. Het is immers ook de taak en doelstelling van de huidige Stichting om de staatkundig gereformeerde beginselen kenbaar te maken en uit te leggen. Het zal blijken dat het genoemde boekje van ds. Tj. de Jong, dat inmiddels al zesentwintig jaar oud en alleen nog tweedehands te verkrijgen is, in wezen nog niets aan relevantie en waarde heeft ingeboet.

Principieel of beginselvast handelen

Over de handhaving van het beginsel schreef ds. De Jong behartigenswaardige dingen. Bijvoorbeeld:

“Het beginsel is het vertrekpunt van waaruit men werkt; het is de overtuiging die een mens drijft; het zijn de grondregels en stellingen waaraan niet getornd mag worden. (…) Om beginselvast te zijn, moet het beginsel vast zijn en moet men in dat beginsel geworteld zijn. Een beginsel is nodig opdat de persoon zelf wete waar hij staat, maar dat ook de anderen, met wie hij omgaat en werkt, zouden weten waar hij staat. (…) Men toetse dan ook telkens weer zichzelf aan de beginselen, of woord en wandel overeenstemmen met wat men voorstaat of wil voorstaan. Daar komt bij dat een beginsel óók dient als doeleinde wat men nastreeft en tracht te verwerkelijken op het terrein waar men gesteld is”. 3

De SGP krijgt hier een belangrijke spiegel aangereikt om kritisch naar zichzelf te kijken en te blijven kijken. Zij moet niet het beginsel krachteloos maken door aanpassingen te doen aan onze tijd, cultuur en samenleving. Zij moet zich voor haar beginselen al helemaal niet schamen door er maar van te zwijgen of er niet teveel over te willen spreken. Nee, zij moet haarzelf steeds weer toetsen aan haar eigen beginselprogram en nagaan of zij wel in woord en wandel de beginselen uitdraagt. Vragen die zij zichzelf dient te stellen, zijn: Is er nog wel dat wortelen in de beginselen? Verstaan we het beginsel? Weten we waarom het zo belangrijk is? Voelen we de kracht ervan en dragen we het ook voldoende uit? Immers, wanneer de SGP-beginselen bij vertegenwoordigers van de SGP niet leven en ze niet meer uitgedragen worden, zullen ze ook niet onder ons volk verbreid, gekend en erkend worden. Hier ligt een dure plicht en verantwoordelijkheid voor de SGP. Een profetische taak.

Het beginsel moet natuurlijk wel schriftelijk zijn gegrond en gefundeerd op Gods Woord als de enige norm waaraan alle beginselen getoetst moeten worden. Ds. De Jong: “Blijkt dat het beginsel daarvan afwijkt, dan zal via een bezwaarschrift (gravamen) het beginsel gewijzigd dienen te worden in overeenstemming met Gods openbaring.” 4 Dan moet dus ook openlijk en duidelijk gecommuniceerd worden dat het beginsel niet goed was. En vervolgens moet het beginsel gewijzigd worden in overeenstemming met Gods openbaring. Zolang er echter de overtuiging bestaat dat de beleden beginselen Bijbels zijn, moet een partij de beginselen van haar beginselprogram, “wanneer haar program niet alleen maar een façade wil zijn, een schijnvertoning”, naar buiten en naar binnen toe verdedigen. “Zoals een kerk hebbe te weren al wat haar belijden weerspreekt, zo zij het ook in andere verbanden. Leer en leven dienen elkander te dekken”, aldus ds. De Jong. In aansluiting hierop merkte hij op:

“Beginselmatig ofwel principieel handelen betekent dan ook dat ons handelen niet afhangt van de situatie of de omstandigheden of het rechtsgevoel van burgers. Principieel handelen is dan ook wat anders dan pragmatisch handelen. (…) Het ga niet om wat haalbaar is, maar om wat Gods Woord zegt en eis is van beginsel, vanuit het Woord.” 5

Hierdoor kan het niet anders of de SGP-beginselen leiden in de praktijk van onze geseculariseerde politiek en samenleving tot spanningen. Want deze beginselen staan haaks op de moderne samenleving en op het rechtsgevoel van de moderne burger. Een grote meerderheid in Nederland steunt de SGP-beginselen niet. Ze stuiten velen zelfs tegen de borst, roepen onbegrip en onbehagen op. Botsen met het rechtsgevoel van burgers. Toch zal dat niet bepalend mogen zijn. Niet de situatie of de omstandigheden mogen immers de doorslag geven, maar “wat Gods Woord zegt en eis is van beginsel, vanuit het Woord.”

Als we de beginselen van het Woord vergelijken met het beeld van het zout, dan kunnen we zeggen dat dit zout niet alleen maar een positieve uitwerking heeft in de zin dat het zout bederfwerend is, maar er is ook een andere uitwerking van het gebruik van het zout, namelijk dat het bijt in het vlees en zelfs pijn kan doen. Het zout van de op Gods Woord gegronde beginselen bijt in die wegen die van het Goddelijke Getuigenis afwijken.

De plaats van de SGP ten opzichte van de regering

Theocratie betekent volgens ds. De Jong dat “alle terreinen des levens liggen onder Zijn bevel en onder de verplichting van Zijn rechten en wetten, zoals in het Woord geopenbaard.” 6 En: “De Schriftuurlijke beginselen eisen geen meerdere, maar absolute erkenning, terwijl ze door onze regeringen stelselmatig worden tegengewerkt.” 7 Er ligt dus van Godswege een absolute claim en verplichting op elk terrein van het leven. De SGP zal daarvan ook duidelijk moeten getuigen in weerwil van alle tegenwerking van de regering. Intussen moet de SGP niet moedeloos worden als de tegenstand en tegenwerking alleen maar toeneemt. Het gaat de SGP immers niet om pragmatische, maar om principiële politiek. Er moet niet gezien worden op de aardse realiteit, maar op de geestelijke realiteit van God. De aarde zal door de zondeval in deze bedeling geen heilstaat worden, maar Gods recht blijft wel overeind staan en dient nagestreefd en nagejaagd te worden op elk terrein van het leven. Niet de praktijk is het uitgangspunt, maar Gods Woord en Wet. De steeds verslechterende situatie van Nederland ten opzichte van Gods Woord en Wet, moet dan ook geen reden zijn de hoge eisen van Gods Woord en Wet maar los te laten. Integendeel. De SGP zal juist wanneer het gevaar toeneemt en zij de gevaren scherp en helder blijft zien, getuigen en oproepen tot wederkeer tot de Wet en tot de Getuigenis (Jes. 8:20a).

De volstrektheid van Gods eis betekent ook dat er geen samenwerking mogelijk is met politieke partijen

“die geen werkelijke ernst maken met Gods gezag op alle gebieden, voor alle mensen, voor alle tijden, in alle omstandigheden.(…) Duidelijk diene de SGP zich te profileren in het onverkort handhaven van artikel 36, ook in de praktijk van lands- en gemeentepolitiek! (…) Artikel 36 achten we eis van Gods Woord, daar kan niet mee gemarchandeerd worden. Dat kon niet toen de SGP werd opgericht, maar dat kan nu nog niet, wanneer we althans nog zijn, die we waren…”. 8

Hier blijkt dat ds. De Jong toen al vraagtekens had bij de SGP als geheel of ze nog wel is die ze altijd was. Ook is het volgens hem nog maar de vraag of het in het huidige politieke bestel nog wel

“mogelijk is om te participeren in de regering en regeringsverantwoordelijkheid te dragen, juist wanneer we zien op de grondslagen van onze staatkundige samenleving. (…) We zullen ons moeten hoeden voor een ‘doel heiligt de middelen-methode’ en het klakkeloos uitgaan van een bestaande situatie, waarin men vrijelijk kan participeren.” 9

“Vanwege de praktijk is het volgens het SGP-beginsel onmogelijk om hoe dan ook regeringspartij te zijn”, aldus ds. De Jong. 10 Voor de huidige SGP ligt er een groot gevaar om te gaan polderen en zo doelen voor zichzelf te realiseren. De tol die zij daarvoor moet betalen, is dat ze gedoogsteun geeft aan de huidige coalitie en daardoor toch ten dele regeringsverantwoordelijkheid draagt. Zij houdt op deze wijze een regering die met God noch gebod rekening houdt, in het zadel. Hoewel de SGP niet verantwoordelijk wil zijn voor het moreel verval van de Nederlandse staat, politiek en samenleving, steunt ze dat op deze manier ten dele wel. Het is de vraag hoe de SGP het absolute gezag van God ernstig kan nemen en tegelijk toch kan participeren en meewerken aan een regering die het gezag van God absoluut niet ernstig neemt, maar juist tegenwerkt. Terecht merkte ds. De Jong op:

“Ook al zou men in theorie als politieke partij ervan uitgaan dat men bereid is tot meeregeren, dan kan een partij als de SGP, met deze grondslag, niet anders dan om des beginsels wille apart staan en getuigen, desnoods als een roepende in de woestijn. (…) Het gaat om erkenning van de beginselen, en vandaaruit om handhaving en verdere doorwerking. (…) Nederland moet gekerstend worden; het moet onder Gods recht gebracht worden tot kennen, erkennen en bekennen van Gods Waarheid; dan ook handhaving en doorwerking in de wetten etc. Maar we zitten thans in het stadium van het niet-erkennen, ja miskennen en ontkennen van de theocratische beginselen. Daartegen is maar één wapen: ‘Zo zegt de HEERE!’ Zo spreke de SGP. Dat eist de Heere. Dat eisen onze beginselen. Daar gaat kracht vanuit, hetzij zij horen, hetzij zij niet horen.” 11

Gold dit voor de politieke, staatkundige en maatschappelijke constellatie van toen (1983, kabinet Lubbers I, gedragen door een coalitie van CDA en VVD), hoeveel temeer geldt dat dan nu. Moest Nederland toen gekerstend en onder Gods recht gebracht worden, hoeveel te meer dan nu. Nu is Nederland verder weg dan ooit’!

Uitleiding

Moge dit geluid ook nog gehoord worden in onze tijd van oppervlakkigheid en beginselloosheid, waarin de oude paden steeds meer worden verlaten en waarin de aloude beginselen van Gods Woord niet meer gekend worden, laat staan herkend, gehandhaafd en bevorderd. Wat is er sinds de publicatie van dit boekje van ds. De Jong alleen al veel gebeurd. Wat is er in deze afgelopen drie decennia veel veranderd binnen en buiten de SGP. Maar God is niet veranderd. En Gods Woord is ook niet veranderd. Het bekende woord uit Jesaja 8 vers 20 staat nog steeds en zal ook blijven staan. Het richtsnoer van Gods Woord en Wet staat eeuwig vast en blijft ongewijzigd. Naar dat richtsnoer zal God ieder mens meten en zijn werk in het gericht brengen. De Heere schenke de getrouwheid om in weerwil van alles wat zich tegen Gods Woord en Wet verheft, de SGP-beginselen niet prijs te geven. Om te staan voor Gods recht op ieder mens, zoals uitgedrukt in Zijn Woord en Wet. Om de claim die God als Schepper en onderhouder legt niet alleen op Nederland, maar ook op heel deze wereld, te handhaven. Ook al is de duivel de overste der wereld, de HEERE regeert! Luther dichtte:

Gods Woord houdt stand in eeuwigheid

En zal geen duimbreed wijken.

Beef, satan, Hij Die ons geleidt,

zal u de vaan doen strijken!

Delf vrouw en kind’ren ’t graf,

Neem goed en bloed ons af,

Het brengt u geen gewin:

Wij gaan ten hemel in

En erven koninkrijken!

Noten:

1) Zie: ‘Verklaring’, in: In het spoor, april 1990, p. 18

2) Zie: ‘Hoe nu verder’, in: In het spoor, augustus 1990, p. 36-38

3) Tj. de Jong, Het SGP-beginselprogram toegelicht, dl. 1, 1987, p. 6 (hierna: Het SGP-beginselprogram toegelicht).

4) Het SGP-beginselprogram toegelicht, p. 6

5) Het SGP-beginselprogram toegelicht, p. 7

6) Het SGP-beginselprogram toegelicht, p. 40

7) Het SGP-beginselprogram toegelicht, p. 47

8) Het SGP-beginselprogram toegelicht, p. 42

9) Het SGP-beginselprogram toegelicht, p. 41

10) Het SGP-beginselprogram toegelicht, p. 48

11) Het SGP-beginselprogram toegelicht, p. 49-50

Fotoverantwoording:

a) Foto Reformatorisch Dagblad

b) Door Donar Reiskoffer (Eigen werk) [GFDL (http:// www.gnu.org/copyleft/fdl.html) undefined CC-BY-3.0], via Wikimedia Commons


De theocratie contra de democratie (als norm)

“Degenen die de Godsregering voorstaan, verwijt men onverdraagzaamheid. Maar we zijn niet voor een ketterjacht om andersdenkenden te vermoorden of brandstapels op te richten, zoals men ons valselijk in de schoenen schuift. Dat is niet het beginsel van de geheiligde theocratie. De macht van de overheid moet soms dwingend zijn. De overheid mag niet verdraagzaam zijn wanneer in pers, beeld, geschrift en handelingen gepropageerd wordt wat boos en slecht is. Hoe hebben onze voormannen gewaarschuwd tegen de liberale gedachte om allen onder een en dezelfde noemer te brengen. Om de Godsvreze evenveel vrijheid te geven als de goddeloosheid, alsof ze gelijke rechten mogen en kunnen hebben. De democratie richt zich op de meerderheid, op de zedelijke draagkracht van een volk. Ze kent geen zedelijk kwaad volgens een eeuwige vaste hogere norm. Daarom gaat alles maar door met abortus, euthanasie, echtscheiding, crematie, schending van de zondag en ga zo maar door. De theocratie mag de zonden niet dulden, maar moet het kwaad weren naar de norm van Gods Woord. Er moet een schrikeffect zijn voor de kwaden (Rom. 13). De democratie echter verandert de zeden en ontwikkelt ten kwade, omdat wanneer de zonden algemeen worden, de zonden geen zonden meer zijn. De democratie roept Gods hulp niet in, zij bidt niet tot de Heere en erkent Zijn Naam niet in het ambtsgebed. De democratie gaat uit van de neutrale staat. (…) De democratie heeft geen weet van de eeuwige belangen die op het spel staan. Daardoor komt het dat de democratie alles wat heilig is, wat religie is, uitroeit uit de samenleving. De Antidiscriminatiewet is het logisch gevolg van de volksregering. De religie moet weg uit de samenleving en uit het sociale bestel. Hier nadert al meer het gevaar van vervolging en wordt de volksregering gevaarlijk voor de vrijheid van de ware godsdienst. Dan worden kerken als sekten behandeld. (…) Wanneer zal het zijn dat kerken als gevaarlijke sekten zullen worden aangemerkt en weggeband zullen worden uit de samenleving? De democratie wil Gods recht niet erkennen op alle terreinen des levens. (…) Daarom staan de volksregering en de Godsregering lijnrecht tegenover elkaar. (…) Een volksregering op gereformeerde grondslag kan in wezen niet. En dan zegt men wel dat onze gedachten uit de tijd zijn, maar dat is niet belangrijk, als het maar naar Gods Woord is.”

Uit: Ds. Tj. de Jong, Het SGP-beginselprogram toegelicht, dl. 1, 1987, p. 121, 122-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 december 2014

In het spoor | 76 Pagina's

Ds. Tj. De Jong en zijn Toelichting op het SGP-Beginselprogram

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 december 2014

In het spoor | 76 Pagina's

PDF Bekijken