Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Hoofdstuk 2: God en de heilige Drie-eenheid

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Hoofdstuk 2: God en de heilige Drie-eenheid

13 minuten leestijd

Wie is God?

Wij moderne mensen kunnen worstelen met de vraag: bestaat God eigenlijk wel? Een ingrijpende vraag. Maar het is niet de belangrijkste vraag. Wanneer we door genade deze vraag bevestigend beantwoorden, hebben we nog geen antwoord op die andere, nog veel ingrijpendere vraag: Wie is Hij eigenlijk? Al voordat je die vraag leert stellen, heb je daar je gedachten bij. Iedereen heeft z’n Godsbeelden. De één denkt bij God aan zijn altijd onverbiddelijke opa, de ander aan zijn liefdevolle vader. Volgens de één is Hij uitermate sterk, een ander denkt dat God toch niet zó sterk is dat Hij onweerstaanbaar werkt in de harten van zondaren. Is Hij liefdevol of streng? Is Hij betrouwbaar of kun je toch niet helemaal op Hem aan? Uitermate belangrijke vragen, die samenkomen in die ene vraag: Wie is God eigenlijk?!

De Westminster Confessie gaat met deze vraag naar de Schrift. Het allereerste hoofdstuk ging niet voor niets over de Schrift. Het Woord voorop. Daarmee is onder andere gezegd dat we niets weten zonder het Woord. De ware kennis van Zichzelf deelt God ons mee door Zijn Woord. Willen we weten Wie God is? Dan moeten we in het Woord zijn! Als de Westminster Confessie in artikel 1 van hoofdstuk 2 een poging doet te omschrijven Wie God is – ongeveer zoals de Nederlandse Geloofsbelijdenis doet in het beroemde artikel 1 – dan valt één ding op: de lange lijst met tekstverwijzingen. Alles wat er wordt gezegd over God wordt ‘aangetoond’ met behulp van een tekstverwijzing. Elk aspect van Zijn wezen

komt op uit de Schriften. Om een voorbeeld te noemen: als er staat dat God ’een allerzuiverste Geest’ is, wordt daarbij verwezen naar Johannes 4:24. Daar lezen we: ‘God is een Geest, en die Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid.’ Op deze manier wordt alles wat over God wordt gezegd genormeerd aan de Schrift. Dat lijkt me leerzaam voor ons. Willen we weten Wie God is? Verlangen we naar de kennis van Hem? De Heere openbaart Zich in Zijn Woord. Menen we te weten Wie God is? Dan hebben we onze visie voortdurend te toetsen aan Zijn Woord. Zonder dat je het in de gaten hebt, kun je er een totaal verkeerd Godsbeeld op na houden! Onderzoek het Woord, luister naar het verkondigde Woord, biddend: Wie bent U, Heere?

Wie God in Zichzelf is

Hoofdstuk 2 van de Westminster Confessie bestaat uit slechts drie artikelen. In het derde artikel wordt beleden dat God de drie-enige God is. Daar komen we straks op. In artikel 1 en 2 gaat het – los van de Drie-eenheid – om de vraag Wie de ene ware God is. Daarbij worden eigenschappen genoemd die laten zien Wie Hij in Zichzelf is, los van Zijn schepping. Ook worden er eigenschappen genoemd die juist laten zien hoe de Heere Zich verhoudt tot Zijn schepselen. Dit onderscheid is overigens zeker niet in beton gegoten, maar het helpt ons wat grip te krijgen op het belijden van de Westminster Confessie.

Eerst iets over de vraag Wie God, los van Zijn schepping, is. Hij, de levende en de waarachtige God, is – ten eerste – de Algenoegzame in Zichzelf: ‘God heeft alle leven, heerlijkheid, goedertierenheid en gelukzaligheid in en van Zichzelf. Hij alleen is in en tot Zichzelf algenoegzaam, en heeft geen enkel schepsel dat Hij gemaakt heeft nodig’ (2.2). Onbevattelijk. God is het oneindige Geluk. Wij mensen hebben God nodig om gelukkig te worden, God heeft genoeg aan Zichzelf… Zeker, Hij heeft ons gemaakt, maar dat had Hij niet nodig om gelukkig te worden. Het is andersom: zó gelukkig is Hij in Zichzelf dat Hij overstroomde van geluk. Daartoe schiep Hij de wereld.

Ten tweede, als je wilt weten Wie God is, kun je ook bedenken hoe Hij niet is. De Westminster Confessie bewandelt die weg, als ze belijdt dat God ‘oneindig in Wezen en volmaaktheid’, ‘onzichtbaar’, ‘onveranderlijk’, ‘onmetelijk’, ‘ondoorgrondelijk’ is. Bovendien heeft Hij ‘geen lichaam, leden of hartstochten’ (1.1). Over dat laatste is in de theologie nogal wat te doen. De Bijbel spreekt toch over handen, ogen en oren van God? Inderdaad. We moeten niet te snel zeggen dat God geen ledematen heeft. Maar Hij heeft méér dan lichamelijke oren, ogen, handen! Zijn oren horen alles, ‘Alle dingen zijn open en zichtbaar voor Zijn ogen’ (2.2), Zijn handen zijn niet maar op één plek tegelijk. Ongetwijfeld bedoelt de Westminster Confessie dit te zeggen. Moeilijker nog is de belijdenis dat God geen hartstochten heeft. Hoe is dit te rijmen met talloze emotionele Bijbelteksten, bijvoorbeeld met de tekst waarover ik ruim een jaar geleden preekte: ‘Hoe zou Ik u overgeven, o Efraïm, u overleveren, o Israël? Hoe zou Ik u maken als Adama, u stellen als Zebóïm? Mijn hart is in Mij omgekeerd, al Mijn berouw is tezamen ontstoken’ (Hos. 11:8). Wat een Goddelijke hartstocht voor een doemwaardig volk! Jazeker, Goddank! Maar het gaat hier over de vraag Wie God in Zichzelf is. De Westminster theologen zijn er terecht bang voor God te zien als veranderlijk, emotioneel en daarmee onbetrouwbaar. Ten derde, de Westminster Confessie belijdt niet alleen hoe Hij niet is, maar ook hoe Hij wel is: ‘eeuwig’, ‘almachtig, volkomen wijs, volkomen heilig, volkomen vrij en geheel volmaakt’ (2.1). Volkomen en geheel volmaakt! Wat een afstand tussen God en mens!

Wie God richting Zijn schepselen is

En daarom is het ook zo’n troost wat de Westminster Confessie belijdt over Wie God richting Zijn schepselen is: ‘zeer lief devol, genadig, barmhartig, lankmoedig en overvloedig in goedertierenheid en waarheid’. God is Liefde! God is een vergevend God! Daar haalt een vuile zondaar zijn hart aan op. En daarom spreken Gods dienaren onbekommerd van Zijn liefde. Waarom? Omdat we het nodig hebben? Zeker, maar bovenal omdat God Zich zo heeft geopenbaard. Tegelijkertijd heeft God van Zichzelf geopenbaard dat Hij ‘alle zonde haat’. Hij is ‘ook zeer rechtvaardig en vreselijk in Zijn oordelen en zal de schuldige zeker niet voor onschuldig houden’. Daarbij krimpt een schuldige ineen… Ja, zegt de Westminster Confessie in het spoor van het Woord, zo is God ook! Het één gaat in God niet ten koste van het ander. Zijn oneindige liefde maakt juist dat Hij de zonde haat met een onmetelijke haat. Wie is God? Zeer genadig én zeer rechtvaardig. Strepen we één van beide eigenschappen door, dan dienen we een nep-god, die we zelf hebben bedacht.

De Drie-enige God

De ware God – zo belijdt de Westminster Confessie in het derde artikel – is de drie-enige God. Ze belijdt dit dus in samenhang met de vraag Wie God is. In de Nederlandse Geloofsbelijdenis is dat niet het geval. In artikel 1 komt ‘God’ aan de orde, en pas na de behandeling van de Schrift wordt de drie-eenheid besproken (artikel 8 en 9). Toch mooi dat de Westminster het zo doet. Dat God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest is, bepaalt immers Zijn hele Wezen? De Westminster is heel kort op dit punt. Ze zegt slechts: ‘De Vader is uit niemand ontstaan (…). De Zoon is van eeuwigheid geboren uit de Vader. De Heilige Geest gaat eeuwig van de Vader en de Zoon uit.’ Terwijl De Brès in artikel 9 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis tal van argumenten aandraagt voor de drie-eenheid, zwijgt de Westminster Confessie daarover. Ongetwijfeld was er in die tijd minder over de drie-eenheid te doen. De kernen van de klassieke triniteitsleer (leer van de drie-eenheid) zijn echter duidelijk verwoord. Zo geeft de Westminster Confessie in het tweede hoofdstuk een indrukwekkend antwoord op de vraag: Wie is God? ‘Want deze God is onze God / Hij is ons deel, ons zalig lot’ (Ps. 48:6 ber.). Aan deze God ‘komt alle aanbidding, verering of gehoorzaamheid toe’ (2.2)!

Nieuwe-Tonge, ds. T.A. Bakker

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 januari 2020

Kerkblad | 24 Pagina's

Hoofdstuk 2: God en de heilige Drie-eenheid

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 januari 2020

Kerkblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken