Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Zache�s

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Zache�s

20 minuten leestijd

Lezen: Lukas 19:1-10Zingen: Psalm 130:2Psalm 145:6Psalm 128: 1 en 4 10Psalm 68 10Psalm 30 1Psalm 42 1Kerntekst: Lukas 19:10 "Want de Zoon des mensen is gekomen, om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was."

Wanneer ben je eigenlijk rijk? Ais je veel geld hebt? Als je in een mooi huis woont? Als je veel speelgoed hebt? Als je mooie kleren draagt? Of als je gezond bent? Het zijn wel rijkdommen, maar deze rijkdommen houd je niet voor altijd. Er is een rijkdom die wel altijd blijft. Voor Gods kinderen is er een schat in de hemel. Ja, als je Gods kind mag zijn, dan ben je schatrijk! Nu al in dit leven en ook na dit leven.

Het is een geweldige drukte in de stad. Heel veel mensen lopen in een lange stoet over de hoofdweg van Jericho naar Jeruzalem. Aan deze weg ligt het grote douanekantoor van Jericho. De mensen die daar werken, verdienen veel geld. Ze vragen belasting aan alle mensen die goederen in of uit het land brengen. Ze moeten het wel afdragen aan de Romeinen, die zijn immers de baas van het land. Maar zelf houden ze er genoeg aan over. Ze vragen gewoon wat méér dan nodig is en dat houden ze dan ze zelf.

Het is geen wonder dat de mensen op doorreis hun belastingvragers minachtend aankijken. Tollenaren... het zijn wel Joden, maar ze horen er eigenlijk niet bij. Joden die voor de vijand werken, tellen niet mee. Liever spugen ze voor de tollenaren op de grond dan dat ze hen groeten. Liever zouden ze niets te eten hebben, dan een maaltijd te ontvangen van een tollenaar.

Zacheüs is zo'n tollenaar. Je kunt aan zijn prachtige kleding zien dat hij een voornaam man is. Hij is dan ook heel rijk en woont in één van de mooiste huizen van Jericho. Hij doet zijn werk heel goed voor de Romeinen en daarom is hij de baas van de tollenaren in Jericho. Maar zijn rijkdom maakt hem niet gelukkig. Hij wordt gemeden door de mensen in Jericho. Ze draaien hun hoofd om. Met al zijn rijkdom is hij eenzaam.

De tollenaren zijn allemaal druk aan het werk in het tolhuis. Er zijn zoveel mensen in de stad dat ze alles goed in de gaten moeten houden en het belastinggeld moeten innen. Ze hebben ook gehoord dat het wel een bijzondere stoet is vandaag. Want al die mensen lopen mee met Jezus van Nazareth. De stoet gaat maar langzaam vooruit, want ook langs de kant van de weg staan er heel veel mensen te kijken. Ook zij willen Jezus zien. Het is als een lopend vuurtje door de stad gegaan: "Hij heeft een blinde genezen!" En nu komen ze kijken naar Jezus. Misschien gebeurt er wel weer een wonder...

Zacheüs heeft net als anderen over de wonderen van Jezus gehoord. Hij heeft ook gehoord dat tollenaren en zondaren Jezus opzoeken en naar Hem luisteren. En wat Zacheüs zo wonderlijk vindt, is dat Jezus zo heel anders praat tegen tollenaren dan de Farizeeën doen. Hij veracht ze niet en behandelt tollenaren zo anders dan de mensen doen: Hij ontvangt de zondaren en Hij eet met hen. Zacheüs zou die grote Leraar zelf wel eens willen zien en horen.

Ook in het tolhuis horen de mensen het grote nieuws: Jezus is in de stad en Hij komt over de hoofdweg! Er dan komt er een gedachte in het hart van Zacheüs. Als hij Jezus óóit wil zien, dan moet hij nü naar Hem toe. Wonderlijk, hij bedenkt zich geen ogenblik. Hij wil de Heere Jezus zien. Zijn hart is er zo vol van dat hij zijn belangrijke werk als baas van de tollenaren laat liggen en naar buiten gaat om Jezus te zien. Maar wat is het een drukte op straat! De mensen staan in dichte rijen langs de weg. Het lijkt wel alsof ze op een koning staan te wachten. Zacheüs gaat er ook bij staan. Hij gaat op zijn tenen staan, maar hij Is te klein. Hij kan niets zien. Als hij daar blijft wachten, dan ziet hij Jezus nog niet. En hij kan ook niet door de rijen heen dringen. Het is zó vol en zó druk, dat lukt hem niet. Hij probeert een ander plekje te vinden om straks Jezus te kunnen zien, maar ook daar is er geen doorgang om vooraan te kunnen staan. Misschien kan hij ergens óp gaan staan. Hij kijkt zoekend om zich heen. Het geluid van de stoet komt al dichterbij. Hij loopt sneller door. Hij moet de stoet voorblijven om Jezus te kunnen zien. Maar hoe moet dat nu? Wacht, hij heeft een idee! Daar staat een wilde vijgenboom aan de kant van de hoofdweg. De takken zijn heel lang en komen laag bij de grond. Zacheüs is er zo vol van om Jezus te zien, dat hij meteen omhoog klimt. Als hij op één van de takken gaat zitten, dan kan hij Jezus toch zien!

Daar komt de stoet. Zacheüs kan vanaf zijn plek in de vijgenboom alles goed overzien. Waar is die grote Leraar? Daar is Hij! Is dat nu Jezus, van Wie hij zoveel gehoord heeft? Zacheüs wil zo graag de Heere Jezus zien. Maar hij weet niet, dat de Heere Jezus veel méér verlangt, om Zacheüs te zien! Zonder dat hij dat besefte, was de Heere al lang naar hèm op zoek. Hij gaat Zacheüs Zelf opzoeken. Daarom Is Hij in de stad gekomen. Jezus stopt bij de boom waar Zacheüs zit en Hij kijkt omhoog. Hij ziet hem zitten in de boom en zegt tegen hem: "Zacheüs! haast u, en kom af; want Ik moet heden in uw huis blijven." Zacheüs hoort de vriendelijke stem van Jezus. Wat is hij verbaasd! Jezus kent zijn naam! Heeft hij het goed verstaan? Een schok gaat door hem heen, nu Jezus blijft staan en zijn naam zegt. Jezus weet wie hij Is! De grote Leraar prést tegen hém... een tollenaar! Jezus zegt nog meer: "Ik moet in uw huis zijn!"

Zacheüs doet wat Jezus zegt: hij haast zich. Hij twijfelt niet, maar komt naar beneden en neemt Jezus en Zijn discipelen mee naar zijn huls.

Niemand van de priesters had de Heere Jezus gevraagd om te komen eten of te blijven overnachten. En nu vraagt de Heere Jezus het Zelf. Hij vraagt om in het huis van een tóllenaar te mogen blijven. Wat een heerlijk wonder. Jezus, die naar hèm gevraagd heeft, die naar hèm gezocht heeft. Jezus is zó groot en zó heerlijk en Zacheüs is zo geminacht en vol van verkeerde dingen. En dan nu die onverwachte gunst: Jezus wil bij hem in huis komen!

De mensen hebben het gehoord en gezien hoe Jezus 'die verschrikkelijk zondige man' uit de vijgenboom bij zijn naam riep. Degene met de slechtste naam nog wel. de overste van de tollenaren, Zacheüs! Een schandelijke en misdadige man. En hoe Jezus Zichzelf uitnodigde in het huis van een tollenaar! Dat mag niet eens: je wordt onrein door in het huis van een tollenaar te verblijven en daar te eten. Een tollenaar is als een heiden en de mensen roepen het uit: "Hij is tot een zondige man ingegaan, om te herbergen."

Wat is Zacheüs blij met de woorden van Jezus. Hij krijgt veel meer dan waar hij op hoopte. Hij heeft niet alleen Jezus gezien, maar Jezus zocht hém op. In zijn grote huis is plaats genoeg voor Jezus en Zijn discipelen. Hij gaat hen voor naar zijn woning. Hij laat een grote maaltijd klaarmaken en luistert naar de Heere Jezus. Hij vertelt Zacheüs over Zichzelf. Dat Hij gezonden is uit de hemel door Zijn Vader, de Heere God. Hij vertelt van de rijkdom die alleen in Hem te vinden is. Alleen Jezus kan hem rijk maken door zijn zonden te vergeven en zijn leven te veranderen. Hij geeft hem een nieuw leven. Nu wil hij graag doen wat Jezus wil. Zacheüs weet nu dat de rijkdom die hij heeft aan mooie kleding, een prachtig huis en zijn werk als overste van de tollenaren niet belangrijk is. Maar nu zegt Jezus dat hij alleen rijk kan worden door Hem. Door het geloof in de Heere Jezus worden zijn zonden vergeven en mag hij voor altijd van Hem zijn. In dit leven en ni dit leven. Voor altijd het eigendom van de Heere. Dat is de grootste rijkdom. Zacheüs is nu schatrijk. Wat een grote blijdschap is er in zijn hart.

Hij laat zijn blijdschap en zijn geloof in de Heere Jezus merken door zijn daden. Hij staat op en zegt tot de Heere: "Zie, de helft van mijn goederen, Heere, geef ik de armen; en indien ik iemand iets door bedrog ontvreemd heb, dat geef ik vierdubbel weer." De Heilige Geest maakt het hart van Zacheüs gewillig om uit de delen. Zacheüs belooft dat de arme mensen de helft krijgen van alles wat hij heeft. Dat is geweldig veel geld. Dit zegt Zacheüs niet uit zichzelf. Maar zijn geloof in de Heere Jezus geeft hem zoveel blijdschap en vreugde dat hij de verandering in zijn leven wil delen met anderen. Daarom schenkt hij zoveel weg. En hij zegt er ook bij dat als hij teveel belasting van iemand heeft gevraagd, hij dan vier keer zoveel zal teruggeven. Volgens de wet hoeft Zacheüs dat niet te doen. Het teveel gevraagde geld plus een vijfde deel erbij is al genoeg. Maar Zacheüs weet hoeveel schulden de Heere hem heeft vergeven. Daarom wil hij graag veel meer wil teruggeven dan de wet zegt.

De Heere Jezus wist dat Zacheüs in de vijgenboom klom. Hij wist van het verlangen in zijn hart om Hem te zien. En dan maakt de Heere Zijn belofte waar: "Die zoekt, die vindt." Hij is gekomen om Zacheüs te redden van de zonden. Hij wil Zijn Redder zijn en schenkt hem vergeving. Hoor maar wat Hij zegt: "Heden is in dit huis zaligheld geschied, nademaal ook deze een zoon van Abraham is." Niet alleen Zacheüs, maar aan zijn hele gezin wordt de zaligheid gegeven. Jezus noemt Zacheüs een zoon van Abraham omdat hij gelooft in de Heere Jezus als de Zoon van God.

De menigte vond het vreselijk dat Jezus naar het huis van Zacheüs ging. Naar een man die niet eens in de tempel mocht komen vanwege zijn onreinheid. Tollenaren waren immers als heidenen. Maar dit is juist het heerlijke wonder. Dat de Heere Jezus mensen zoekt die verloren zijn. Hij is gezonden door de Vader om zondaren te zoeken en ze te behouden. Het is voor Hem niet erg om het huis van een tollenaar in te gaan, want zo doet Hij juist Zijn naam eer aan. Zijn naam is immers Zaligmaker. Hij is immers gekomen uit de hemel naar de aarde om zondige mensen tot Zich te roepen en om hen te bekeren. Zodat ze hun oude leven veranderen en gaan leven tot Zijn eer. Luister maar naar Zijn woorden: "Want de Zoon des mensen is gekomen, om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was."

Ben jij rijk? Misschien ben je wel rijk op dezelfde manier als Zacheüs dat eerst was. Rijk zonder God. Maar dan ben je eigenlijk arm. Heel arm. Alles wat je nu bezit, zul je eens moeten verliezen. Echt rijk worden kan alleen door het geloof in de Heere Jezus. Zacheüs moest in een vijgenboom klimmen om de Heere Jezus te kunnen zien. Nu komt Jezus in jouw leven voorbij door Zijn Woord. Hij ziet je. Hij roept! Haast je, want ik wil ook in jouw huis, in jouw hart blijven! Luister dan naar Hem! Alleen als Hij in je hart komt wonen, ben je echt rijk!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 2006

Mivo +12 | 27 Pagina's

Zache�s

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 2006

Mivo +12 | 27 Pagina's

PDF Bekijken