+ Meer informatie

„ZIE MIJN KNECHT”

4 minuten leestijd

(Jesaja 42 : la.)

Het is een oude en goede gewoonte om in een viertal weken' voor het Kerstfeest, de gemeente te bepalen bij die beloften, die' betrekking hebben op de komst van Christus in het vlees.

Daardoor wordt de gemeente voorbereid tot een waardige Kerstfeestviering.

Dat wil niet zeggen dat wij een herhaling van de vleeswording des Woords verwachten. Wat eenmaal in Bethlehem geschied is kan en behoeft zich niet te herhalen.

De Zone Gods heeft onze natuur aangenomen uit het vlees en bloed der moedermaagd en die natuur bezit Hij eeuwig.

Op het Kerstfeest worden we bij het wonder bepaald en voor de vraag gesteld: wat nuttigheid verkrijgt gij door de heilige ontvangenis en geboorte van Christus? Zalig de mens, die door een oprecht geloof met onze Heidelberger mag instemmen: „Dat Hij onze Middelaar is en met Zijn onschuld en volkomen heiligheid mijn zonde, waarin ik ontvangen en geboren ben, voor Gods Aangezicht bedekt." (Cat. Zond. 14.)

De Middelaar wordt pas dierbaar als de Heere Hem in de nacht van onze verlorenheid Zelf ontdekt en openbaart.

Zie, Mijn Knecht.

Dat woord is als een heldere lichtstraal in de nacht van Juda's ballingschap.

De Heere vraagt hier onze volle aandacht en algehele belangstelling voor Zijn knecht en voor het grote werk dat de knecht tot stand brengt.

Het woord „knecht" heeft in onze democratische tijd geen aangename klank.

Alles wat zweemt naar onderwerping en gehoorzaamheid is contrabande.

Liever spreekt men van werknemer of van „bij iemand in betrekking zijn."

De Zone Gods is de gezalfde Knecht des Vaders.

Over Zijn volk moge Hij zijn een rechtvaardige Heerser, een Heerser in de vreze Gods, tegenover Zijn Vader is Christus Knecht.

Toch is de verhouding bijzonder teder.

Lees Jesaja 42 maar: „Mijn uitverkorene in welke Mijn ziel een welbehagen heeft."

Die knecht behoefde het geen roof te achten Gode even gelijk te zijn, maar heeft zichzelf vernietigd, de gestaltenis eens dienstknechts aangenomen hebbende.

Die knecht is gezalfd met de Geest zonder mate. Omdat Hij Gods knecht is zal de Vader Hem Zijn volle gunst betonen.

Mijn hand zal, hoe 't ook ga, Hem sterken dag en nacht.

In de stilte der eeuwigheid heeft die Knecht Zich verbonden om te doen wat de Vader Hem heeft opgelegd.

Wij kozen in Adam de weg van opstand en revolutie. Die weg voert ten verderve.

De tweede Adam bewandelt de weg der gehoorzaamheid. Ondanks de pogingen van de Vorst der duisternis om Hem van die weg: af te lokken, heeft Christus volhard tot het bittere einde.

Daarom zijn de schijnbare overwinningen van satan, werkelijke nederlagen, en de schijnbare nederlagen van die Knecht, werkelijke overwinningen.

Weet ge welk werk die Knecht verricht?

Hij heeft die grote zaligheid voor alle uitverkorenen tot stand gebracht.

Maar Hij is niet alleen Verwerver, ook van die zaligheid. Toepasser

Met dat werk gaat Hij steeds door.

Hij komt niet als Kores met wapengeweld en paardengetrappel, maar in alle stilte en zonder propaganda.

Op een verborgen wijze werkt Hij door Woord en Geest de zaligheid uit in het hart van Zijn volk.

Hij zal het recht de heidenen voortbrengen.

Hier beluistert ge het Evangelie van de wereldkerk, hier schijnt het licht van het universele Christendom, hetwelk de dichter van Psalm 86 zingen deed: „Al de heidenen, die Gij gemaakt hebt, zullen komen, en zullen zich voor Uw Aanschijn nederbuigen en Uwe Naam eren."

Ik geloof één heilige algemene Christelijke Kerk.

Johannes op Padmos, zag een schare die niemand tellen kon.

Die Knecht zal niet rusten voor de laatste zal zijn toegebracht.

Zijn bediening is trouw en teder.

Nooddruftigen zal Hij verschonen, aan armen uit gena, Zijn hulpe ter verlossing tonen, Hij slaat hun zielen ga.

De verdrukker zal Hg verbrijzelen, maar het ge-

krookte riet niet verbreken en de rokende vlaswiek niet uitblussen.

Zalig de mens, die onder Gods recht heeft leren buigen en als een gebrokene van hart en verslagene van geest mag luisteren naar dat Evangelie niet door een dominee, niet door een engel, maar door God Zelf gebracht in de woorden: „Zie Mijn Knecht."

Die Knecht verlost van het geweld der hel, van de heerschappij der zonde, van de macht des doods en voert Zijn vrijgemaakte volk tot de vrijheid der heerlijkheid der kinderen Gods.

Geve de Heere dat we in deze kommervolle tijd eens van alles wat geen God is zouden mogen afzien en ons verwonderen in de aanblik van die grote Knecht en van het grote wonderwerk dat Hij heeft gedaan vóór Zijn volk en dat Hij doet in Zijn volk.

Ds A. DE BLOIS.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.