+ Meer informatie

^Glastuinbouw moet weg uit Westland"

Symposium Zuid-Holland over Parkstad

3 minuten leestijd

DEN HAAG — „Bij de vraag of verstedelijking van het gebied tussen Den Haag, Rotterdam, Delft en Zoetermeer nodig is, speelt de positie van de glastuinbouw een belangrijke rol. Elders in de wereld kunnen met veel minder energie dezelfde produkten gemaakt worden. We moeten ons serieus afvragen of verplaatsing van de kassen naar een andere locatie „iet beter is". Dat zei ir._H. Leeflang van het ministerie van VROM gisteren in Den Haag tijdens het symposium "Perspectieven Tussengebied".

De bijeenkomst was georganiseerd door de provincie Zuid-Holland naar aanleiding van de studienota "Parkstad tussen hof en haven". De nota voorziet in de aanleg van een verstedelijkt gebied in de Zuidvleugel van de Randstad met 60.000 woningen in een parkachtig landschap. Een uitgebreid sneltram- c.q. metronet moet het gebied verbinden met de omliggende steden. Aan weerszijden van de rijkswegen zijn bedrijvenparken gepland. Het symposium werd door to'n 350 vertegenwoordigers van provincie, gemeenten en belangenorganisaties bijgewoond en was bedoeld om de publieke discussie over het Parkstad-plan op gang te brengen.

Ir. Leeflang vond dat de studienota er te gemakkelijk van uitging dat het Tussengebied moet verstedelijken. Hij adviseerde de provincie dat nog eens grondig te onderzoeken. „Als inderdaad blijkt dat er verstedelijkt moet worden, dan dienen we te blijven zoeken naar bouwlocaties in de steden zelf'. Leeflang ontkende dat zij geen ruimte meer hebben. „De Kop van Zuid in Rotterdam is een gigantische uitbreiding van de wooncapaciteit. Tien jaar geleden had niemand dat voor mogelijk gehouden".

Opruimen

Ir. D. H. Frieling, voorzitter van de Stichting Nederland Nu Als Ontwerp, typeerde het Tussengebied als „rommelig en armetierig. Het is de achtertuin van Rotterdam en Den Haag". De Parkstad-nota vond hij bijzonder up-to-date. „Het openbaarvervoersnet is keurig ingetekend op de kaart, ontsluitingswegen voor het autoverkeer zie je niet". Ook hij had grote moeite met het Westland als locatie voor de glastuinbouw. „Waarom zetten we de kassen niet in de NoordOostpolder? Daar is ruimte genoeg". Frieling ging nog een stap verder door te zeggen dat „het opruimen van het Westland verreweg het beste was".

Deze opmerking kreeg felle kritiek vanuit de zaal. Een tuinder uit Pijnacker zei „inwendig te koken". „De tuinbouw heeft wel degelijk toekomst in Nederland. Juist in andere delen van Europa lukt het niet. De overheid is akkoord gegaan met het reconstructieplan en heeft daarmee gekozen vóór de tuinbouw. Dat kunnen

XT^L^^Z-t
landschapsbouw in Zuid-Holland, pleitte voor een nauwkeurige studie naar de ontwikkelingen in de tuinbouw. „Pas dan kunnen we een oordeel geven over het Westland".

Geen buitenwijk

Het middagprogramma van het symposium bestond uit workshops. Mevrouw drs. M. C. van Schendden, docente aan het Planologisch Demografisch Instituut van de Universiteit in Amsterdam, ging in op leefstijl en wooncultuur in de Parkstad. Zij vond dat de studienota te veel uitging van het 'standaardgezin' (twee volwassenen en twee kinderen). „Die norm is niet meer bruikbaar. Ér is een toenemende verzelfstandiging in onze samenleving. Dat vraagt om een grotere variatie aan woonvormen". Mevrouw Van Schendden pleitte voor een volwaardige Parkstad, zodat de bewoners niet afhankelijk blijven van de omliggende steden.- „Het moet geen buitenwijk van Rotterdam of Den Haag worden".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.