+ Meer informatie

OVER HET INCIDENTEEL PARAFRASEREN VAN (GEDEELTEN VAN) LITURGISCHE FORMULIEREN

6 minuten leestijd

Het kwam de redactie ter ore dat er gemeenten zijn waar zich de kwestie voordoet van het parafraseren van liturgische formulieren. Zij verzocht drs. H. de Bruijne dit voor het voetlicht te brengen.

Een van de kenmerken van onze gereformeerde liturgische traditie is het gebruik van eigensoortige formulier-teksten bij gelegenheden als doop, avondmaal, huwelijk etc. Deze formulieren bevatten meestal een onderwijzend gedeelte, gevolgd door een ritueel gedeelte. Ze hebben dus enerzijds een pedagogisch doel, anderzijds dienen ze als leidraad voor het voltrekken van rituelen bij doop, avondmaal, bevestiging van ambtsdragers en huwelijk. Sommige van deze formulieren worden zelden gebruikt (b.v. het formulier van de ban), andere frequent (b.v. het kinderdoop-formulier, tenminste in grote gemeenten met gestage aanwas van onderop).

In dit artikel gaat het erom dat het soms nuttig kan zijn en opbouwend de door de synode vastgestelde formuliertekst in (enigszins) gewijzigde bewoordingen weer te geven, integraal of gedeeltelijk. Op de vraag of deze formulieren als zodanig nog even noodzakelijk zijn als in de ontstaanstijd ervan, wordt hier dus niet ingegaan. Uitgangspunt is, dat de formulieren als regel volledig naar de tekst van het boekje worden gelezen. De teksten zijn één- en andermaal met grote zorgvuldigheid vastgesteld, in laatste instante nog door onze generale synode van 1968/69, 1971/72 en 1974. Ze bevatten vele klassieke overwegingen en elementen die meer dan eens terugreiken tot op de oude kerk.

Wanneer kan het nuttig zijn toch van deze gangbare (in oude of nieuwe versie) formuleringen af te wijken? Ik noem enkele situaties, maar er zou wellicht méér te vermelden zijn. In de door mij genoemde gevallen geldt dat de wijziging het pedagogische doel van het formulier dient, c.q. versterkt. Daarmee blijft de verandering ook volkomen in de lijn van de oorspronkelijke bedoeling van het formulier. Er is geen sprake van verkorting.

Weinig ingrijpend is de parafrasering van een enkele regel in het huwelijksformulier. Het kan voorkomen, dat een bruidspaar veel kerkgangers verwacht met minimale kennis van wat de bijbel leert, laat staan inzake de verhouding man/vrouw. Het bijbelse begrip “onderdanigheid” is b.v. zeer vatbaar voor misverstand. Zou het bruidspaar zelf een probleem hebben met deze formulering, dan kan het van tevoren besproken en toegelicht worden in (een) voorbereidend(e) gesprek(ken) met de predikant. Maar met de “vreemde” gasten in de kerk ligt dat anders. Het bruidspaar zou graag zien, dat de formuliertekst zoveel mogelijk overkomt en “bekoort”. Een goed christen wil anderen immers “lokken”. Onder zulke omstandigheden kan het verantwoord zijn, een enkele regel te wijzigen, zonder dat afbreuk gedaan wordt aan de oorspronkelijke zin. Concreet kan b.v. de zin (in het gereviseerde formulier) “De vrouw zal haar man onderdanig zijn zoals de gemeente aan Christus onderdanig is” gewijzigd worden in: “De vrouw zal haar man in die positie respecteren, zoals de gemeente dat ook doet t.o.v. Christus”. De zinsnede “in die positie respecteren” slaat dan onmiddellijk terug op de voorafgaande zin, die begint met: “De man, die door God gesteld is tot hoofd der vrouw…”.

Verdergaand is een volledige parafrasering van het formulier om de heilige doop te bedienen aan de kleine kinderen der gelovigen. Dit zou een enkele keer ter afwisseling kunnen gebeuren in gemeenten waar zeer frequent een doopsbediening plaatsvindt. Het vastgestelde formulier is immers (ook in de begin 70-er jaren gereviseerde vorm) niet altijd even gemakkelijk te volgen voor ieder gemeentelid, terwijl het toch een per se didactische strekking heeft. Met name het kinderlijke deel van de gemeente kan zijn geholpen met een enkele keer wat meer omschreven en “uitleggende” taal. Bovendien wordt enigszins het gevaar verminderd, dat het doopsformulier over het hoofd van de gemeente heen gaat vanwege “de gewoonte”.

Een dergelijke aanpassing van de tekst kan ook overwogen worden, wanneer een kind (leeftijd basisschool) gedoopt wordt. Het zal niet zo vaak voorkomen, maar wanneer het er eens van komt, is het van groot belang dat het kind zelf goed kan volgen wat het doopsformulier te zeggen heeft. Enkele voorbeelden van zo’n geparafraseerd doopsformulier:

1. Aanhef “Luister, iedereen die de Here Jezus liefheeft. Weet je waarom er soms gedoopt wordt in de kerk? De Here Jezus heeft zelf gezegd, dat dat moest gebeuren. Vlak voordat Hij naar de hemel ging, zei Hij tegen z’n discipelen: “Jullie moeten de wereld ingaan, overal nieuwe discipelen maken, en die moet je dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. In de bijbel legt de HERE God ons uit, wat de doop betekent.

Er zijn drie dingen over te zeggen…

2. Begin “Zondvloedgebed”. “Almachtige God, U bent er altijd geweest en U zult er altijd zijn. Heel lang geleden waren alle mensen op de aarde zo siecht, dat ze niets goeds meer deden. Ze luisterden totaal niet meer naar U. U hebt ze toen heel streng gestraft, met de zondvloed.

Alleen de gelovige Noach bleef, met z’n gezin, door U gespaard…”

Vanzelfsprekend mag een dergelijke aanpassing geen vervanging zijn van een of meerdere voorgesprekjes met het kind zelf, over de betekenis en de praktijk van het dopen, in overleg met de ouders, die bij die gelegenheid wellicht óók gedoopt worden, of belijdenis doen.

Parafrasering zou nu en dan ook ondernomen kunnen worden bij het avondmaal. Op verzoek van de kerkenraad en met het oog speciaal op de kinderen in de gemeente, heb ik niet lang geleden het gedeelte dat op de avondmaalszondag zelf gelezen wordt aangepast weergegeven. Tot mijn verrassing kwamen er niet alleen positieve reacties van kinderen, maar ook van heel wat ouderen, die de eigenlijke inhoud weer “als nieuw” hóórden!

Het spreekt voor zich, dat wijzigingen als hierboven bedoeld geen regel moeten worden. Niemand is gebaat bij een wildgroei van “eigen”, misschien niet altijd even fraaie teksten. De vastgestelde teksten zijn waardig en in zekere zin ook “formulieren van enigheid”. Bovendien brengt frequente herhaling van een parafrasering ook weer spoedig gewenning met zich mee. Het moet iets verrassends houden, wat de aandacht voor het eerst of opnieuw bij de inhoud bepaalt.

Vandaar “incidenteel” parafraseren!

Andere mogelijkheden om de formulieren van doop en avondmaal verrassend en extra indringend te laten spreken zijn er trouwens ook. Bijv. meer onderbreking d.m.v. gemeentezang, of (wat maar een heel enkele keer mogelijk is) door de hoofdinhoud van het formulier in te bouwen in een preek.

De formulieren voor volwassendoop, bevestiging van ambtsdragers en afsnijding of wederopneming komen niet in aanmerking voor omwerking.

Hoe een eventuele parafrasering er uiteindelijk uit komt te zien, is en blijft de verantwoordelijkheid van de hele kerkenraad. Die zal dus ook het recht hebben de te gebruiken tekst van tevoren te keuren, om niet direct van een plicht te spreken. Het gaat per slot van rekening om een incidentele wijziging en ook de zondagse preek hoeft niet van tevoren aan de kerkenraad voorgelegd te worden.

Drs. H. de Bruijne is predikant van de gemeente van Den Haag-West.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.