+ Meer informatie

Een overgangsjaar voor Israël

Terugblik op 1994

6 minuten leestijd

Wat geen mens voor mogelijk hield, werd werkelijkheid. De aartsvijanden Israël en de PLO sloten in 1994 vrede. De historische handdruk van Jitschak Rabin en Jasser Arafat werd symbool van een nieuwe toekomst. Beiden werden beloond met een Nobelprijs voor de vrede. Jordanië volgde op het pad der verzoening. Rabbijn L.B. van de Kamp over een historisch jaar voor Israël.

Het verdrag van Israël met de PLO kwam voor de Rotterdamse rabbijn Lody van de Kamp niet uit de lucht vallen. Door zijn positie kan hij via verschillende kanalen achter de schermen van de Israëlische politiek kijken. Bewust spreekt hij niet over een vredesverdrag. „Ik ben blij dat er een politieke overeenkomst is. Of er sprake is van een vredesverdrag zal de toekomst moeten leren. Naarmate de toenadering van de PLO tot Israël groter werd, nam de invloed van de PLO af en die van Hamas toe. Wat je hier naar beneden drukt, komt daar weer boven. Er is in ieder geval een oplossing gevonden voor dit moment. Dat is iets om erkentelijk voor te zijn. Vrede is een heel groot woord. Ik zie 1994 als een overgangsjaar."

De verdragen met de PLO en Jordanië hebben voor u wel historische betekenis?

„Het verdrag met Jordanië veel meer dan dat met de PLO. Jordanië was een van de machten die het voorbestaan van Israël reëel hebben bedreigd. Dat kun je van de PLO niet zeggen. Ook als het om de betrouwbaarheid van de partner gaat, is er verschil. Koning Hoessein acht ik wat dat betreft hoger dan Arafat."

Geen uitverkoop
Wel zegt u erkentelijk te zijn voor het verdrag met Arafat. Dat zegt niet iedereen in uw eigen kring u na.

„Daarover bestaat inderdaad verdeeldheid. Zelf heb ik groot vertrouwen in de Israëlische politiek. Achter Rabin en Peres staat een geweldig apparaat van politieke kennis over de verhoudingen in het Midden-Oosten. Men weet drommels goed waar men mee bezig is en welke risico's genomen kunnen worden.
Het verwijt dat uitverkoop wordt gehouden van en verraad gepleegd aan de joodse nederzettingen is niet reëel, al kan ik het wel begrijpen. Het valt niet mee om het vertrouwde vijandsbeeld los te laten en de voormalige vijand te beschouwen als bondgenoot. De PLO heeft vreselijk veel op haar geweten. Daar komt bij dat Arafat onmachtig blijkt om de politieke terreur, die nu onder de naam van Hamas plaatsvindt, aan te pakken. Dat versterkt de scepsis."

Levert uw opvattinggeen tegenstand op binnen de joodse gemeenschap ?


„Absoluut niet. Hoewel het wat tegenstrijdig is, wordt van een rabbijn verwacht dat hij zich loyaal opstelt achter dat wat Israël doet. Dat geldt ook voor hen die zelf dat beleid bekritiseren."

Zekerheid
Hoe beoordeelt u het feit dat stukken van het bijbels Israël zijn weggegeven in ruil voor vrede?

 „Ik heb daar geen moeite mee, omdat ik de staat Israël zie als een tussenfase. De landbelofte is verbonden aan het messiaanse tijdperk. Dan zal Israël weer in z'n volle glorie worden hersteld en komt er een theocratie, om dat beladen woord te gebruiken. Maar we zijn niet gemachtigd om een menselijk voorschot te nemen op de komst van de Messias. Op dit moment zijn we geroepen belangen tegen elkaar af te wegen. Dan kan het zinvol zijn om land aan te bieden in ruil voor vrede. We hebben een diaspora van tweeduizend jaar achter de rug. Toen hadden we helemaal geen eigen land."

Is het niet merkwaardig dat u als orthodoxe jood de zaak zo laconiek benadert, terwijl mensen uit de kring van "Christenen voor Israël" furieus reageerden?

„Ik bewonder de absolute solidariteit van deze mensen. Aan de andere kant toont het een typisch christelijke benadering: Het bedrijven van politiek met de Bijbel in de rechterhand. Op zichzelf niet af te wijzen, maar vanuit het joodse denken zijn wij daarin iets terughoudender. Christenen hebben het altijd zo goed geweten. Vanaf de eerste eeuw had het joodse volk afgedaan en was gedoemd om te dolen. Toen ontstond de staat Israël, waaruit bleek dat de kerk het toch niet helemaal goed had gezien, en kwam er een nieuwe theologie. Die weer met dezelfde zekerheid wordt uitgedragen. Zó zal het gaan, en niet anders. Als Jood zeg ik: Misschien zou het zo kunnen gaan."

Vrederijk

Verwacht u dat Jakob en Ezau ooit in vrede zullen samenleven?

„In Israël zelf leven veel Joden en Arabieren nu al samen in goede harmonie. Je moet op grond van de historie zeggen dat de Joden in de loop der eeuwen veel meer te lijden hebben gehad van de christenen dan van de moslims. Voor de toekomst hebben we de belofte van het vrederijk. Dan zal de harmonie volkomen zijn."

De messiasverwachting onder orthodoxe Joden lijkt sterker dan ooit. Ziet u het vrederijk als zeer nabij?

„Die messiasverwachting is er altijd geweest. De indruk die u hebt, vloeit voort uit de publiciteit rond de Ljoebawietsjer beweging, waar deze verwachting zeer sterk heeft postgevat en overgeaccentueerd wordt. Daarnaast zijn er honderdduizenden joden die de Messias ook verwachten, maar wat meer geduld kunnen opbrengen. Net als de christelijke kerk bestaat de joodse orthodoxie uit vele segmenten. De Ljoebawietsjer beweging is maar een klein segment van de orthodoxie. Maar wel zeer actief en naar buiten gericht."

Ontluiken
Wat betekende voor u de dood van rabbi Schneerson, de man die door de Ljoebawietsjer beweging werd beschouwd als de Messias, maar dit jaar overleed?

„Hij was een groot man, die zelf overigens nooit heeft uitgesproken dat hij de Messias was."

Hij ontkende het ook niet

„Inderdaad, maar dat past binnen het joodse denken over de Messias. In feite is in iedere generatie een Messias aanwezig. Mensen die daartoe voorbestemd zouden kunnen zijn, maar ze moeten de gelegenheid krijgen om zich te openbaren. Dat moment wordt niet door ons mensen bepaald."

Zijn de opmerkelijke historische ontwikkelingen in en rondde staat Israël voor u wel voortekenen dat het vrederijk nabij is?

„Zeker, maar de vraag is dan: Nabij in menselijke of in goddelijke begrippen? In 1948 is de staat Israël gegrondvest. Toen is door het Israëhsche opperrabbinaat een gebed ingesteld dat wekelijks over de hele wereld in alle synagogen wordt uitgesproken, als zegenwens voor de staat Israël. Daarin wordt over Israël gesproken als "het begin van het ontluiken van onze verlossing". Dat geeft aan hoe terughoudend men was. En zelfs over die formulering wordt al tientallen jaren gediscussieerd, of die eigenlijk wel geoorloofd is. Begon in 1948 onze verlossing werkelijk te ontluiken? We hopen het allemaal, maar velen hebben er nog moeite mee om dat in een gebed vast te leggen. We gaan zo makkelijk over van goddelijke in menselijke dimensies."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.