+ Meer informatie

TER OVERWEGING

12 minuten leestijd

ds. G.P.M, van der Linden e.a. (red.), Jaarboek 2002 van de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland. Uitg. Buijten & Schipperheijn Amsterdam 2002, 336 blz. € 8,40.

Eind april verscheen het jaarlijkse handboek van onze kerken. De redactie mag zich verheugen in dit resultaat van haar werk, dat vaak als ‘monnikenwerk’ getypeerd kan worden. U vindt er een schat van gegevens over de grote inzet die zo velen—heel vaak op de achtergrond en in stilte—in de kerken tonen op allerlei niveaus. En eigenlijk wil ik dat maar eens positief benadrukken: er is namelijk ook zoveel dat je verdrietig kan maken bij het bekijken van de gegevens (bijv. rond de statistieken, of rond de geactualiseerde lijst van hen die de kerken gedurende een bepaalde periode als predikant dienden). Het jaaroverzicht (van de hand van ds. H.J.Th. Velema) heeft deze keer de vorm van een journaal gekregen en dat is best origineel. Een volgende keer D.V. krijgen we dan wel weer eens een overzicht waarin het jaar meer via een ‘helicopterview’ analyserend beschreven wordt. Er zit veel werk in de samenstelling van dat jaaroverzicht; dat dwingt respect af. Het is de schrijver dan ook niet kwalijk te nemen dat hij één keer in de war is geraakt (want hoeveel is 17+13+8—blz. 299?). We hopen dat velen een goed gebruik van ons jaarboek zullen maken!

ds. A.W. Vos (red.), Informatieboekje 2002 voor de Nederlands Gereformeerde Kerken. Uitg. Buijten & Schipperheijn Amsterdam 2002, 288 blz. € 8,40.

Opnieuw mochten de Ned. Geref. Kerken zich in een lichte groei verheugen, met name veroorzaakt door overkomst uit andere kerken en een geboorte-overschot. Deze kerken tellen nu een kleine 31.000 leden. Ds. Vos typeert ‘zijn’ kerken in het jaaroverzicht als kerken die ‘leven in het radicale midden’: ‘de meest evangelische onder de gereformeerden’ en andersom (blz. 175). Ik denk dat men het met deze typering eens kan zijn; zij levert, zoals ook onderkend wordt, haar eigen sterke én zwakke kanten op. Heel interessant is de wijze waarop de redacteur deze keer komt tot een beschrijving van het kerkelijk leven: hij heeft alle plaatselijke gemeenten 10 vragen voorgelegd: o.a. over de gereformeerde identiteit, de balans tussen gereformeerd en evangelisch, de veronderstelde terugloop van het persoonlijk bijbellezen, de prediking, ethische vragen, ambtelijke bearbeiding en jongeren/vreemdelingenwerk. Het geheel vormt werkelijk een ‘ontdekkende preek’. Ik vroeg mij af: stel dat zoiets eens bij ons zou gebeuren (daar zou echt nog wel geestelijke moed voor nodig zijn!), zouden de uitkomsten dan veel van elkaar verschillen?

dr. T. Brienen, De Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland. Serie ‘Wegwijs’. Uitg. Kok Kampen 2002, 126 blz. € 10,95.

en in dezelfde serie:

drs. H.C. Endedijk, De Gereformeerde Kerken in Nederland. 128 blz. € 10,95.

Al vele malen is in deze rubriek aandacht gegeven aan de serie ‘Wegwijs’. Dat gebeurt deze keer met extra nadruk, nu er een deeltje is verschenen waarin een overzicht van onze eigen kerken wordt gegeven. Dr. T. Brienen nam de taak op zich om te schrijven over:

- een eerste kennismaking, met allerlei gegevens over de naam, identiteit, (interkerkelijke) contacten en binnenkerkelijke organen;

- de herkomst, met een duidelijke dwarsdoorsnede van de gang en ontwikkeling van onze kerken in de geschiedenis, vanaf 1834;

- de identiteit, afgezet tegen de variatie die er in onze kerken is met lijnen vanuit de Reformatie én de Nadere Reformatie;

- de uitdagingen en perspectieven, ongetwijfeld het meest’spannende’ hoofdstuk, zeker na de aanzet die daartoe gegeven wordt op blz. 86: hoe kan een ‘stremming’ van ‘de positieve ontwikkelingen’ in onze kerken gekeerd worden? In dit laatste hoofdstuk had overigens wel meer geanalyseerd mogen worden wat de geestelijke wortel is van ontwikkelingen die de een positief duidt en de ander negatief; het boek wil immers een objectieve waarneming zijn! Het boek was dan ook evenwichtiger geworden. Hoe het ook zij, de dienstbaarheid aan andere kerken van gereformeerd belijden wordt—terecht—benadrukt, en er wordt gepleit voor een uitbouw binnen de gereformeerde traditie vanuit de van God ontvangen gaven. Daarbij wordt met name aandacht gegeven aan de schatten die op het gebied van de uitleg van de Schrift en de geloofsleer aan ons zijn toevertrouwd (Apeldoorn!) (blz. 95 e.V.), en van bijv. allerlei zaken op het gebied van ethiek, zoals die zijn verwoord door o.a. prof. Velema (blz. 100).

Voor deze keer volstaan we met een eenvoudige aankondiging van het tweede hierboven genoemde boek in deze belangwekkende serie.

ds. J. Westerink, Maleachi Profeet van de advent van God. Uitg. Buijten & Schipperheijn Amsterdam 2001, 70 blz. € 8,40.

Met dit boekje sluit ds. Westerink een serie af die je op een bepaalde manier wel zijn ‘levenswerk’ mag noemen: hij is in de loop der jaren de twaalf kleine profeten doorgekropen en heeft ze op begrijpelijke én diepgaande wijze aan ons gepresenteerd. Daarvan legt ook dit boekje getuigenis af. De ondertitel is terecht; je zou in deze profeet de brug kunnen zien tussen OT en NT. Als ik me één kleine opmerking mag veroorloven: zou het in Gods oordeel over de priesters (Mal. 2, blz. 29) nu om een functioneringsgesprek zijn gegaan, zoals de auteur vergelijkenderwijs zegt, of om een beoordelingsgesprek?

Mitch Α. Schultz, Trekt God zich er iets van aan? Uitg. Barnabas Heerenveen 2002, 167 blz. € 14,95.

Een verslag in dagboek- en gebedenvorm van een man die in korte tijd moet verwerken dat zijn vrouw zeer ernstig ziek wordt en dat zijn zoon overlijdt. Beiden worden getroffen door een zeer ernstige ziekte. Het boek geeft de worsteling aan van een gelovige met God. Alle moeiten, alle vragen die in een dergelijk proces boven komen, staan er eerlijk en open in beschreven. Wie kent in zijn pastorale werk—of wellicht in de eigen levenspraktijk—niet deze diepe vragen: over Gods almacht, over de kracht van satan, over de bedoeling van God met het lijden? De in dit boek beschreven gebeurtenissen blijken de auteur dichter bij God te hebben gebracht. Hij heeft Hem verdiept mogen leren belijden als een liefdevolle, zorgende hemelse Vader. Een krachtig getuigenis.

dr. G.W. Marchal, Groeten van God. Uitg. Kok Kampen 2001, 101 blz. €7,95.

Ds. Marchal heeft een aantal pastorale ervaringen/ontmoetingen die hij in de loop van zijn ambtelijke loopbaan heeft meegemaakt, op papier gezet. Er spreekt respect uit voor degenen die in die zin op zijn pad kwamen. Er spreekt—en dat is nog belangrijker—ook respect uit voor het Woord van God dat hij deelt met zijn pastoranten. En zo komt het tot soms humoristische, maar veelal leerzame stukjes. Soms spreekt er pijn uit; ik denk aan het stukje over de terminale vrouw: ze heeft AIDS… (blz. 15). Een andere keer is er heilzame kritiek: de gewenste stilte op de begraafplaats (blz. 59–61). Leest u het zelf!

Anne Jensen, Tekla—de vrouwelijke apostel naast Paulus. Een apocriefe tekst opnieuw ontdekt. Uitg. Ten Have Kampen 2001, 123 blz. € 12,95.

A.F.J. Klijn, Apocriefe handelingen van de apostelen. Buitenbijbelse verhalen uit de vroege kerk. Uitg. Ten Have Kampen 2001, 149 blz. € 13,55.

A.F.J. Klijn, Apocriefe openbaringen, orakels en brieven. Buitenbijbelse aanvullingen op het nieuwe testament. Uitg. Ten Have Kampen 2001, € 12,95.

Een drietal boeken uit de apocriefe nieuw-testamentische literatuur. Dat wil zeggen dat ze door de christelijke kerk niet als bij de bijbel horend worden beschouwd. Wel geven ze inzicht in allerlei opvattingen uit die tijd. In het eerste boek wordt een geschrift besproken van een vrouw, Tekla, die naast Paulus een plaats zou hebben gehad; zij is in het vroege christendom als martelaar geëerd. In het tweede boek worden vijf geschriften behandeld rond Petrus, Johannes, Paulus, Thomas en Andreas; verhalen rond zendingsreizen van deze apostelen. Het derde boek laat zien wat een later geslacht in het Nieuwe Testament heeft gemist (of beter: heeft menen te missen), en er daarom aan heeft toegevoegd.

L.J. van Valen, Bonar in balans. Pleidooi voor een evenwichtige prediking. Uitg. Groen Heerenveen 2001, 112 blz. €11,30.

De auteur verdiept zich al vele jaren in de Schotse theologen. In dit boekje haalt hij de 19e eeuwse prediker Horatius Bonar voor het voetlicht. Hij zet hem in het raam van zijn voorgangers en tijdgenoten, onder de indruk van de geestelijke evenwichtigheid van zijn prediking. Die is in kort bestek: ‘de afkondiging dat Christus voor zondaren in de wereld is gekomen om voor hen te lijden en te sterven’ (blz. 50). Zodoende vaart hij tussen de klip van de alverzoening en de beperking tot de uitverkorenen door. Uitgaande van deze kernboodschap komen dan zaken als verbond en belofte en uitverkiezing op hun plaats. En inderdaad komen op deze wijze veel zaken in balans. Daar hoort wat mij betreft wel één aantekening bij: het viel mij op dat over Gods beloften wel veel moois gezegd wordt, maar dat de verworteling daarvan in het genadeverbond maar terloops wordt aangestipt.

Gerry Velema-Drent, Verslingerd aan een man. Uitg. Buijten & Schipperheijn 2001, 87 blz. € ?

In opdracht van de Vereniging ‘Tot heil des volks’ verscheen deze publicatie. Al verschillende malen vroegen we in deze rubriek aandacht voor de publiciteit die deze vereniging de laatste tijd zoekt, opdat mensen die op de een of andere wijze van de rails zijn geraakt, het goede (geestelijke) spoor weer zullen vinden. Dit nieuwe boekje trekt deze—bitter noodzakelijke—lijn door.

ds. D. Rietdijk, Ik voor u. Het avondmaalsformulier uitgelegd. Uitg. Groen Heerenveen 2001,112 blz. €10,20.

Ds. Rietdijk, in leven predikant binnen de Geref. Gemeenten, behandelde in zijn laatste gemeente Moerkapelle op een aantal gemeenteavonden het avondmaalsformulier. Bewerkt en geschikt gemaakt voor dagboekgebruik is de neerslag daarvan in het nu verschenen boekje te vinden. Er is sprake van een uitermate pastorale benadering. Soms zet men een vraagteken. Ik noem er één: bij de uitleg van 1 Cor. 11 (een passage die in het formulier leidde tot de vraag wanneer er sprake is van ‘onwaardig eten en drinken’) stelt de auteur dat het niet onderscheiden samenhangt met het gebruiken van het avondmaal als ware het ‘een gewone maaltijd’, blz. 21. Ik denk dat het in 1 Cor. 11 toch over nog ernstiger zaken gaat en dat verwerking daarvan meer vrijmoedigheid kan geven, daar waar ze nu nog ontbreekt. Maar overigens heb ik met respect en waardering het boek gelezen.

dr. A. van der Heide, Het Jodendom. Serie Wegwijs, Uitg. Kok Kampen 2001, 190 blz. € 13,60.

Een nieuw deeltje in de intussen bekende reeks. Met, zoals het voorwoord terecht zegt, een beknopte en toegankelijke beschrijving van de joodse godsdienst. Handig zijn aan het eind van elk hoofdstuk de verwijzingen naar boeken waarin men diepere lagen informatie kan aanboren. Men vindt in dit boek een dwarsdoorsnede van de geschiedenis, de godsdienstige traditie (met als onderdelen de haggada, de riten en symbolen) en van het joodse volk in Nederland. Zo vraagt het (opnieuw) onze aandacht voor dat volk, waarop de HERE zijn onuitwisbaar stempel heeft gezet.

dr. H.C. van der Meuten, Kernteksten over het pastoraat. Serie Schriftwerk. Uitg. De Groot Goudriaan-Kampen 2001, 128 blz.€ 9,90.

In deze serie verschijnen, naast de deeltjes waarin bijbelboeken worden besproken, ook telkens ‘thematische’ deeltjes. Daaronder valt dit boekje, dat ons houvast geeft in een deel van ons ambtelijk werk: het pastoraat. Overigens zegt de schrijver terecht dat pastoraat ‘niet maar iets is dat in, maar dat ook door de gemeente plaats vindt’ (blz. 11). Daarbij vervullen de ambtsdragers een speciale functie, namelijk van het stimuleren en het toerusten (blz. 10, waar instemmend naar prof. Versteeg wordt verwezen). Niettemin: ook kerkenraadsleden gaan op stap, en moeten leren zien, luisteren, spreken, letten op speciale situaties. Aanzetten om dit stap voor stap te leren, met de Schrift in de hand, vindt men in dit mooie boekje. Soms gaan de inzichten uiteen, maar dat mag ook: persoonlijk meen dat ik dat bij het gesprek bij de put de woorden uit Joh. 4:19 een afleidingsmanoeuvre vormen—ook dat komt men in het pastoraat tegen!

ds. B.C. Buitendijk, Een losprijs voor velen. Bijbelstudie over het evangelie naar Marcus. Uitg. De Vuurbaak Barneveld 2002 (derde druk), 96 blz. € 6,90. En in dezelfde reeks:

ds. E.J. Hempenius, Openbaring I. Openbaring 1–11, 110 blz. € 7,15

ds. A.J. van Zuijlekom, God laat zich kennen. 48 blz. € 4,50.

Ondanks het feit dat er reeds van een derde druk sprake is, ben ik over het eerste boekje niet enthousiast. Dat ligt vooral aan de opzet: die is themagewijs. De auteur zegt al in zijn voorwoord dat dit zijn nadelen heeft, o.a. wat betreft de samenhang van het boek. Wat mij betreft zijn die nadelen groter dan de voordelen. Inderdaad komt naar mijn gedachte te weinig het specifieke van het evangelie naar Marcus in beeld. Daarbij komt dat de verdeling van de diverse gedeelten bij de gekozen thema’s niet altijd doorzichtig is. Een voorbeeld: Voor Marc. 5:21–43 wordt gekozen voor een plaats bij het hoofdstuk ‘Jezus en Israël’; dit komt nauwelijks in de uitleg uit de verf. Bovendien kan de vraag gesteld worden waarom het geen plaats kon krijgen bij ‘Jezus en de vrouwen’. Ik heb betere delen in deze bekende serie onder ogen gehad.

En daaronder schaar ik dan graag de twee andere titels, die u hierboven vermeld ziet. De bijbelstudie over Openb. 1–11 heeft grote waarde, omdat er in kort, begrijpelijk bestek staat wat elders in dikkere studies van gereformeerde snit te vinden is en niet altijd gemakkelijk te lezen. Er wordt -terecht—uitgegaan van de OT-ische wortels van dit NT-ische bijbelboek. Dat bepaalt de uitleg en bewaart voor veel speculatie. De bijbelstudie over het kennen van God is aan te bevelen, omdat de zes hoofdstukken zó zijn gekozen dat de kennis van God naar de voornaamste kanten belicht wordt: de liefdevolle, genadige toewending naar mensen én de ernst van het oordeel, indien wij die liefdevolle God de rug toekeren.

ds. A.S. Rienstra, Van lijden tot heerlijkheid. Gids voor de veertig-dagentijd. Uitg. Kok-Voorhoeve Kampen i.s.m. Filippus 1996, 45 blz. € 4,50.

Een combinatie van meditaties en gedichten/liederen, om te gebruiken als leidraad bij de persoonlijke voorbereidingstijd naar het Paasfeest toe. Om verwonderd te raken—zoals in het voorwoord terecht staat—over de liefde van God in zijn Zoon Jezus Christus.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.