+ Meer informatie

Bijzondere ontmoetingen in "De Motketel"

5 minuten leestijd

Rond Niersen (bij Vaassen) lijkt de tijd te hebben stilgestaan. Oude boerderijtjes sieren het landschap, dat voor een deel bestaat uit een sprengengebied dat net buiten de wildbaan van de koninklijke houtvesterijen ligt. Het gebied heet "de Motketel" en bestaat voor een groot deel uit bos met zo hier en daar een veldje, waar laat in de avond de reeën voedsel komen zoeken. In het natuurgebiedje komt naast de ree ook de das nog voor, en zelfs de zeldzame boommarter wordt er wel eens gesignaleerd. Een andere zeldzame verschijning is de ijsvogel, die je met een beetje geluk kunt tegenkomen tijdens een wandeling. Ook de specht is er een vaste gast.

Het bos waar zich de sprengen bevinden bestaat voornamelijk uit beuken. Veel vogels vinden er in het voorjaar een nestholte om in te broeden. De zwarte specht is er ook ieder jaar van de partij. De vogel maakt zijn nestholte in beukebomen, maar zoekt voedsel op naaldbomen. Begin april zag ik regelmatig een paartje zwarte spechten bij een beuk met een al bestaande nestholte. Het mannetje zat in de buurt op een oude grove den te roffelen om aan te geven dat zij hier hun plekje wel hadden gevonden. Hij wist precies de plek in de boom op te zoeken waar het roffelen het hardste klonk. Het vrouwtje was vaak in de nestholte bezig. Zwarte spechten zijn zo groot als een kraai en hebben een rode kam, die bij het mannetje over de hele kop loopt; het vrouwtje heeft alleen wat rood achter aan de kop. De zwarte specht is de grootste Europese specht.

Spreeuwen
Op een ochtend ben ik er eens in m'n tentje bij gaan zitten om wat opnamen te maken. Tijdens het opzetten van de tent deden de vogels behoorlijk zenuwachtig, maar toen ik eenmaal binnen zat was het weer rustig en kwamen ze regelmatig voor het gat in de boom zitten. Maar ze waren die ochtend niet de enige die het hadden voorzien op het ovale gat in de boom. Een paartje spreeuwen zag de beuk ook wel zitten om hun jongen in groot te brengen. Man spreeuw zat in de buurt te zingen, terwijl het vrouwtje probeerde in de buurt van de boomholte te komen. Maar tevergeefs, want iedere keer als ze het probeerde werd ze weggejaagd door de vrouwtjesspecht. Maar toen de specht even weg was zag ze haar kans schoon en ging naar het gat dat zo'n vier meter boven de grond was. Ze aarzelde niet en ging direct naar binnen. Maar toen gebeurde het. De vrouwtjesspecht kwam terug en zat voor de opening, terwijl de spreeuw nog binnen zat. De specht stak haar kop naar binnen en een paar seconden later kwam ze met haar kop weer naar buiten en had de spreeuw muurvast in haar snavel. De specht schudde een paar keer goed met haar kop en liet toen de spreeuw los, die direct maakte dat ze weg kwam. De spreeuwen lieten zich die ochtend niet meer in de buurt van de boomholte zien.

Boommarter
Een zoogdier dat ook veel interesse heeft in een nestholte van een zwarte specht is de boommarter, want de diepte van het nest kan wel een halve meter bedragen. Een enkele keer kom ik een boommarter tegen. Het is een nachtdier en het aantal dieren dat er in Nederland leeft is misschien een paar honderd. Precieze aantallen zijn niet bekend. Wel bekend is dat het dier voornamelijk van grote bossen houdt en gevoelig is voor verstoringen. In de Motketel zijn plaatsen genoeg waar het dier zijn jongen groot zou kunnen brengen, maar een boomholte met jongen heb ik er nog nooit gevonden. Wel wordt het dier er wel eens waargenomen.

Dassenfamilie
Een andere marterachtige is de das, die op de veldjes en in de maïsakkers volop voedsel vindt. Op de Veluwe weet de das aardig stand te houden, maar elders worden er veel doodgereden. De das is ook een nachtdier, maar in de zomer als de nachten kort zijn moet hij al voor zonsondergang op pad om zijn buik vol te krijgen. In juni/juli kun je dan wel eens een das voor je lens krijgen. De avond dat een hele familie een kwartier voor zonsondergang buiten de burcht kwam kijken was voor mij een geweldige ervaring. Eerst drie jongen en al gauw volgden hun ouders. Ze verzorgden eikaars vacht en na tien minuten gingen twee jongen op pad en bleven de andere in de buurt van het hol. Door het vele water in het gebied kom je regelmatig ringslangen tegen, die bewegingloos in het water liggen. Ook vindt de bruine kikker er vroeg in het voorjaar een plek om haar kikkerdril te leggen.

IJsvogel
De kleurrijkste verschijning in het gebied is ongetwijfeld de ijsvogel. De vogel leeft van kleine visjes die al spiedend worden gadegeslagen vanuit een tak boven het water. Doet er zich een gelegenheid voor om er een te vangen dan duikt hij in het water en probeert met zijn dolkachtige snavel de vis te pakken. Met de vis in de snavel slaat het dier zich dan met de vleugels uit het water. Vervolgens wordt het visje tegen een tak doodgeslagen en wordt het -met de kop als eerste hapnaar binnen gewerkt. Om te broeden heeft de ijsvogel een steile, aarden wand nodig. In de wand wordt een gangetje gemaakt en aan het einde komt een nestholte waar de eieren worden gelegd. Worden de jongen gevoerd dan heeft de vogel de gevangen vis andersom in de snavel zodat de vis ook bij de jongen gemakkelijk naar binnen glijdt.

Wandelroute
Het water trekt in de zomer natuurlijk ook "gewone" vogels die komen drinken en baden. Ook de mens weet trouwens het water goed te gebruiken. Er is een wasserij en een forellenkwekerij. De hele omgeving van Niersen is het bekijken meer dan waard. Er is een wandelroute van 4,5 km uitgezet, die voor het grootste deel langs de sprengen gaat; het andere deel loopt door een bos dat aan de noordelijke kant van de Niersenseweg ligt. <

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.