+ Meer informatie

De beerput gaat steeds verder open

BCCI-bank was jarenlang een lusthof voor schurken en misdadigers

11 minuten leestijd

Langzaam maar zeker gaat de beerput rond de 'islamitische' BCCIbank open. Steeds duidelijker wordt dat de bank niet alleen op grote schaal fraude heeft gepleegd, maar dat zij vooral een lusthof was voor financiële transacties die het daglicht niet konden verdragen. De BCCI was de huisbankier van terroristen, drugshandelaren en bovendien de Amerikaanse inlichtingendienst CIA.

Door drs. H. van den Berge en drs. J. M. Strengholt

Bijna iedere dag komen er wel weer nieuwe feiten over de betrokkenheid van de BCCI (Bank of Credit and Commerce International) bij het witwassen van drugsgelden, wapenhandel, belastingontduiking en andere fraudes aan het licht. Het is dan ook niet vreemd dat de bank vanwege haar praktijken ook wel Bank of Crooks and Criminals Interiiational (Internationale Bank voor Schurken en Misdadigers) wordt genoemd. Mensen als de Iraakse president, Saddam Hoessein, de Columbiaanse drugsbaronnen en 's werelds meest gezochte terrorist, Aboe Nidal, waren goede klanten van de BCCI.

De bank stond al jaren ongunstig bekend, maar tot voor kort ontbrak het keiharde bewijs. Eind juni bleek echter uit een rapport dat bij de BCCI miljarden guldens spoorloos waren verdwenen. Deze fraude was op 5 juli voor 31 van de 70 landen waarin de bank actief was aanleiding om de BCCI-kantoren in hun land te sluiten en de tegoeden van de rekeninghouders te bevriezen. Als je maar stipt alle opI drachten die je baas je • geeft uitvoert, kan niets je als werknemer overkomen. Joop Raas weet inmiddels beter. Zijn werkgever. Towel BV, trachtte Joop te ontslaan juist omdat hij precies had gedaan wat zijn directeur hem had opgedragen.

Wat was er aan de hand. Joop had een baan als con

Bij de introductie van de BCCI werd Abedi geholpen door zijn vriend sjeik Zayed bin Sultan al-Nahayan (emir van Aboe Dhabi en president van de Verenigde Arabische Emiraten) en enkele leden van de Saoedische koninklijke familie. Het startkapitaal bedroeg, vooral dank zij een geldinjectie van de sjeik, tien miljoen dollar. In ruil voor het beschikbaar stellen van het geld kreeg Zayed een belang in de bank.

De bank werd bij haar groei ook geholpen door enkele grote Amerikaanse banken. Abedi verwierf deze steun dank zij een aantal invloedrijke vrienden in de Verenigde Staten. Onder hen bevonden zich bij voorbeeld ex-president Jimmy Carter, wiens charitatieve fondsen Abedi regelmatig steunde, en topbankiers als Clark Clifford en Robert Altman van de First American Corporation.

Topje van ijsberg

De bank nam vooral in de jaren zeventig snel in omvang toe. Met het geld van de islamitische oliesjeiks en de honderdduizenden geschoolde Pakistaanse gastarbeiders die in Europa en het Midden-Oosten werkten, groeide de BCCI uit tot de op zes na grootste particuliere bank ter wereld. De bank had een balanstotaal van zo'n veertig miljard gulden en 400 vestigingen in 70 landen.

Tegen het eind van de jaren zeventig startte de BCCI met activiteiten waaraan een 'luchtje' zat. De internationale rol als wapenleverancier begon in 1979 bij de Sowjetinval in Afghanistan. De Amerikaanse inlichtingendienst CIA gebruikte de bank om het Afghaanse verzet van wapens te voorzien. Hierdoor kreeg de BCCI tevens de kans een grote rol te spelen in de heroïnehandel, want de CIA kneep een oogje dicht, zegt een medewerker van die organisatie.

Door de economische crisis en de daling van de olieprijzen in het begin van de jaren tachtig kwam de BCCI in de problemen en ging de bank in toenemende mate optreden als schoonmaakbedrijf van zwart geld en drugsgeld. Ook het frauderen nam door de problemen al maar grotere vormen aan.

Langzaam maar zeker werd steeds duidelijker dat het met de bank niet helemaal pluis was. Zo werd in 1988 bekend dat de Columbiaanse drugsmafia de bank gebruikte om haar winsten wit te wassen. Bovendien bleek toen ook dat de BCCI de huisbankier was van Manuel Noriega, de voormalige sterke man van Panama. Maar dat dit slechts het topje van de ijsberg was, konden toen waarschijnlijk weinigen bevroeden.

Ingewikkeld web

In 1988 besloten zes centrale banken, waaronder die van Luxemburg, de Kaaiman-eilanden en Groot-Brittannië, dat het toezicht op de BCCI moest worden verscherpt. Deze poging mislukte echter omdat de organisatiestructuur van de bank te ondoorzichtig was. Het toezicht op de bank werd overgenomen door het accountantskantoor Price Waterhouse.

Vorig jaar werden betrokkenen bij de bank door Price Waterhouse gewaarschuwd dat bepaalde rekeningen vals waren. Door het toenemen van de geruchten over de frauderende BCCI gaf de Britse centrale bank begin dit jaar de opdracht tot een uitvoerig onderzoek naar de werkwijze van de BCCI.

Eind juni verscheen het rapport. Het oordeel van de accountants over de BCCI was vernietigend. „De bank manipuleerde met rekeningen in zo'n enorm en ingewikkeld web van fictieve transacties dat het waarschijnlijk het meest complexe bedrog is in de geschiedenis van het bankwezen", aldus Price Waterhouse. Het grootste bankschandaal uit de geschiedenis tekende zich af. De BCCI beheerde een kapitaal van ongeveer twintig miljard dollar, maar de schuld die is ontstaan als gevolg van de fraude ligt volgens schattingen tussen de vijf en de vijftien miljard dollar.

Een voormalige bankdirecteur was op de hoogte van de manier waarop sommige werknemers de accountants jarenlang misleidden: de rekeningen werden voordat de accountants ze ter inzage kregen vervalst en na het sluiten van het boekjaar op 31 december werden de cijfers weer veranderd. Inspecteurs van de Britse centrale bank stellen dat „de bank door en door frauduleus was".

Paniek

Gezien de omvang van het schandaal beval de centrale bank van Groot-Brittannië op 5 juli de sluiting van de BCCIvestiging in Londen. De rekeningen werden bevroren. Dertig andere landen, waaronder Nederland, volgden dit voorbeeld. De rekeninghouders van de BCCI reageerden onthutst. Deze vooral uit de Derde Wereld afkomstige spaarders vreesden dat zij naar hun geld konden fluiten. In paniek werden bijna overal ter wereld BCCI-kantoren bestormd door mensen die hun geld wilden opnemen, maar in veel landen was de deur al op slot.

Op 22 juli gaf het Britse Hooggerechtshof de bank vier maanden de tijd om een overlevingsplan op te stellen. De gedupeerde Britse rekeninghouders en het personeel werd een gedeeltelijke schadevergoeding toegezegd, die werd gefinancierd door de eigenaars van de BCCI.

Inmiddels zijn ook de autoriteiten in Luxemburg, waar de moedermaatschappij is gevestigd, overgegaan tot strafvervolging van de BCCI wegens het overtreden van de bankwetten en het plegen van fraude. Luxemburg heeft in navolging van Groot-Brittannië de eigenaars van de BCCI gevraagd om gedupeerde particuliere rekeninghouders en het personeel in het hertogdom en de rest van Europa schadeloos te stellen. Om de druk op de eigenaars op te voeren heeft Luxemburg gedreigd tot liquidatie van de BCCI over te gaan als ze niet ingaan op de eisen.

Steenrijke sjeik

De rekening voor de strop bij de BCCI komt voor het grootste deel te liggen bij sjeik Zayed, de vriend van oprichter Abedi. Zijn familie is namelijk sinds vorig jaar grootaandeelhouder van de bank. Zij bezitten 77,4 procent van de aandelen.

De vraag is nu of sjeik Zayed op de hoogte was van het „zwarte netwerk". Hij zou immers wel een dwaas zijn geweest als hij voor de aankoop van de meerderheid van de aandelen niet nauwkeurig de gang van zaken binnen de BCCI zou hebben onderzocht. Dat Zayed de BCCI heeft gekocht, is waarschijnlijk op advies van mannen als Gaith Faraon, zoon van een Saoedische adviseur van de vorsten in Riaad.

Faraon is een van 's werelds rijkste mannen en had nauwe banden met de BCCI. De bank wilde namelijk al jarenlang graag belangen verwerven in Amerikaanse banken en Abedi werkte daarbij samen met Faraon. Deze fungeerde met zijn respectabele naam en enorme weelde meermalen als 'front' bij overnames door de BCCI.

Faraon zou Zayed erop gewezen kunnen hebben dat hij de meerderheid van de aandelen kon verwerven van de inmiddels zieke Abedi. Een belangrijke DHAKA Voor veel cliënten was de sluiting van de BCCI-kantoren een ramp. Alle rekeningen werden bevroren, zodat ze niet meer aan hun geld konden komen. Op de foto enkele tientallen protesterende rekeninghouders in Dhaka. Foto EPA

Bank of Credit and Coinmeitë International (BCCI)
International Credit andinvestment Company GevesVgd op de Kaaimaneilanden Stichting Bank Banken In de Verenigde Staten, o.a First American Bankshares en Independence Bank BCCI S.A. (Luxemburg)

BCCI OVERSEAS

Banque de Commerce et de Placement Aandeelhouders (Kaaimanen.) Geheime aandeelhouders (Geneve) "wssBsssssssssssassasm Aandelen ICIC Geheime aandelen ICIC *•' III

BCCIï EEN COMPLEX INTERNATIONAAL NETWERK
LONDEN t LUXEMBURG Banken D Andere financiële CANADA FftANKRUK* ••?lffi?j.AND vesigingen • ITAIIÊ -L/BAWOW KAAIMANEILANDEN EGYPTE • ^. QKUWAYT •NIGER %J^^ "^TTIINIDAD HONG-KONG PANAMA CO-OOBIA BRAZILIË GHANA * CAMEROON ° KENYA 2AMBIE INDOMESIE 'URUGUAY BOTSWANA AnaemNSB *GibraStaT reden voor de steenrijke sjeik om dit te doen was wellicht dat hij met de aankoop van de bank zijn politieke invloed kon vergroten. De BCCI rekent onder zijn klanten immers de rijksten van de wereld en is door spionage en omkoperij een handige bron van informatie.

Executie

Het is voor Zayed een grote tegenvaller dat hij met de BCCI een kat in de zak heeft gekocht, want om een faillissement van de bank te voorkomen heeft hij al een miljard eigen dollars in de bank gestoken. Maar de sjeik had geen keus; zonder die investering had de financiële wereld in Londen namelijk niet ingestemd met het uitstel van executie dat de BCCI tot december is gegeven.

Bankiers zeggen dat de Emiraten wel eens een strop van vijftien miljard dollar kunnen lijden door de ontmanteling van de BCCI, omdat de bezittingen van de bank door de fraude veel kleiner blijken dan de boeken zeggen. Het is voor Zayed dan ook belangrijk dat hij eind dit jaar een goed overlevingsplan op tafel kan leggen, wil men in Londen en misschien ook in andere landen de kantoren niet definitief sluiten.

Om de 'witte' zaken van de in ongenade gevallen BCCI in de Golf voort te zetten, heeft sjeik Zayed al een initiatief genomen. Hij heeft een nieuwe bank opgezet, de Unie Nationale Bank, die de lokale tak van de BCCI, de Bank of Credit and Commerce of the Emirates (BCCE), moet vervangen.

Westers complot

In het Midden-Oosten is overigens met woede gereageerd op de „westerse campagne" tegen de BCCI. De voorzitter van de kamer van koophandel van Sharjah, lidstad van de Emiraten, zegt dat er sprake is van „een westerse samenzwering tegen de BCCI om de Arabische banken te verzwakken". Volgens hem zal dit niet de laatste samenzwering zijn zolang „de Arabische banksector een gebrek toont aan solidariteit in de internationale financiële arena".

Een Saoedische computerexpert in de jachtclub van Bahrein stelt dat „het wel lijkt of de bank wordt aangevallen vanwege zijn islamitische idealen". Een topman van een groot Bahreins bedrijf heeft een helder oordeel over de westerse bedoelingen. „Dezelfde landen die betrokken waren bij de coalitie in de Golfoorlog (vooral Amerika, Engeland en Frankrijk) onderzoeken nu de BCCI. Veel bewoners van de Golf geloven dat de westerse coalitie niet tevreden was met de militaire heerschappij over het Midden-Oosten. Door deze actie tegen de BCCI probeert de coalitie ons nu ook financieel en economisch te beheersen". .J> ZIMBABWE AUSTRALIË SWAZILAm

Ook in Pakistan heeft men verontwaardigd gereageerd op het aanpakken van de BCCI. Stichter Abedi van de BCCI, ook wel de „Raspoetin van het Midden-Oosten" genoemd, wordt in Pakistan vereerd als een moedige zakenman, die „nu door de racistische westerse financiële wereld wordt vervolgd om zijn huidskleur. Joodse druk zou de Amerikaanse autoriteiten tot een groot onderzoek hebben doen besluiten", schreef de Engelstalige krant Daily News onlangs in Karachi.

„Dit is een westers complot om alle geld en middelen van de Arabieren te grijpen en om Pakistaanse bankiers uit de internationale bankwereld te werken", meent Rubab Khan, een zakenman in Karachi.

Deksel

Hoewel de beschuldigingen onterecht zijn -een bank die op een dergelijke manier de regels overtreedt, moet immers hard worden aangepakt— is de kritiek wel enigszins te begrijpen. Want hoe verder de beerput wordt geopend, hoe duidelijker het wordt dat hoge westerse functionarissen en organisaties betrokken waren bij de BCCI, terwijl ze niet ingrepen.

Zo werd deze week bekend dat de BCCI jarenlang fungeerde als huisbankier voor de CIA. De veiligheidsdienst betaalde zijn agenten niet alleen via deze bank, maar gebruikte de BCCI ook voor tal van clandestiene operaties. Verder werd afgelopen dinsdag bekendgemaakt dat de Amerikaanse oud-minister van defensie Clark Clifford aftrad als bestuursvoorzitter van de bank First American. De BCCI had in het geheim een belang in deze bank genomen en gebruikte First American voor allerlei dubieuze transacties. Clifford ontkende dit belang altijd, maar nu is het toch openbaar gekomen.

Het wachten is op nieuwe bekendmakingen. In landen als de Verenigde Staten en Groot-Brittannië is men druk bezig om het BCCI-schandaal verder te onderzoeken. De bodem van de put is nog lang niet in zicht en de onderzoekers graven dan ook verder, daarbij wellicht gehinderd door sommige betrokkenen die proberen om het deksel weer op de putte leggen.

Wat men echter niet moet vergeten uit te zoeken is hoe een dergelijke grote fraude in het vervolg voorkomen kan worden. Want zolang er geen goed systeeih bestaat om toezicht te houden op internationaal werkende banken, blijft het voor bankiers die een nieuwe geldbron ruiken en voor schurken en misdadigers die hun geld willen witwassen makkelijk bankieren.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.