+ Meer informatie

Politiek leeft zodra je fiets wordt gestolen

Politieke partijen en pressiegroepen spelen grote rol bij besluitvorming

7 minuten leestijd

„Politiek interesseert mij niet!" Misschien herken je deze uitspraak wel. Er zijn veel redenen te noemen waarom mensen tot deze uitspraak komen. Maar als ze voor je ogen je nieuwe fiets stelen, dan zeg je toch ook niet: „Dat interesseert mij niet?"

Wat heeft dat nu met politiek te maken? Politiek heeft toch met de regering te maken? Politiek is toch de wijze waarop het beleid van de overheid tot stand komt? Je hebt gelijk. Politicologen noemen dat politiek in enge zin.

Maar om op die fiets terug te komen: jij hebt er belang bij dat jij die fiets terugkrijgt. Daarom doe je aangifte op het politiebureau. Je verwacht dat de politie net besluit neemt je fiets en de dader op te sporen, dat ze daar het belang van inzien. Je zult regelmatig gaan informeren op het politiebureau of je fiets al gevonden is.

Opsporing

Neemt het aantal fietsendiefstallen in je woonplaats toe, dan kan de politie besluiten meer preventieve maatregelen te nemen. Men kan ook een strenger opsporingsbeleid gaan voeren. De politie zal aan de hand van de aangiften onderzoeken waar en wanneer de meeste fietsen gestolen worden. Ze kan dan veel doelgerichter de fietsendiefstal bestrijden. Je aangifte is dan niet voor niets geweest.

Misschien heb je wel gedacht geen aangifte te doen. Het is toch een speld in de hooiberg, ze vinden hem toch nooit! Toch zijn er politicologen die het voorbeeld van de fietsendiefstal politiek noemen. Ze noemen dat wel politiek in enge zin. Daarmee willen zij zeggen dat overal waar mensen met elkaar te maken hebben, beslissingen worden genomen die van belang zijn voor mensen. Uit al die belangen moeten keuzen worden gemaakt. Politiek komt in die visie dus voor in allerlei organisaties en maatschappeiijke verbanden, zelfs al hebben die niets te maken met regering en kamerleden. Wil men rekening houden met je belangen, dan moet je er voor zorgen dat ze gehoord worden bij degenen die de besluiten nemen. Daarom is politiek heel belangrijk.

Grondwet

De vraag dringt zich aan ons op hoe wij onze belangen kunnen laten behartigen op het niveau van de overheid. De grondwet geeft de burger twee mogelijkheden om invloed uit te oefenen op het beleid van de overheid. Artikel 3 en 4 regelen het actief en het passief kiesrecht. Het actief kiesrecht houdt in dat je op personen kunt stemmen die jouw belangen en opvattingen vertegenwoordigen in bij voorbeeld de gemeenteraad, de Provinciale Staten en het parlement. Het passief kiesrecht houdt in dat je gekozen mag worden om groepen van mensen in die volksvertegenwoordigende organen te vertegenwoordigen.

Artikel 5 van de grondwet geeft de burger het recht verzoekschriften in te dienen. Daarnaast hebben de burgers vrijheid van godsdienst (artikel 6), de vrijheid van meningsuiting (artikel 7), het recht tot vereniging (artikel 8) en het recht tot vergadering en betoging (artikel 9).

Stemrecht

De burger kan op verschillende wijzen gebruik maken van deze grondrechten om de politieke besluitvorming te beïnvloeden. Politieke partijen en pressiegroepen spelen daarbij een belangrijke rol. Een politieke partij is een vereniging van burgers die op basis van een aantal uitgangspunten (het partijprogram) invloed wil uitoefenen op het overheidsbeleid door het stellen van kandidaten voor verkiezingen van volksvertegenwoordigende organen. Ongeveer 80 procent van alle burgers maakt gebruik van haar stemrecht. Ongeveer 4 procent van de burgers is lid van een politieke partij.

De politieke partijen spelen een belangrijke rol bij het vormen van een regering. Om de vier jaar vinden landelijk algemene vrije verkiezingen plaats. De uitslag van de verkiezingen bepaalt welke partijen in het parlement komen en hoeveel partijleden daarin plaats mogen nemen. De partijen die het meeste aantal stemmen behalen, worden vaak regeringspartijen. In de praktijk moeten zij met andere partijen samenwerken (coalitieregering).

In Nederland is het nooit voorgekomen dat een politieke partij de helft plus een van de 150 Tweede-Kamerzetels behaalde. Samenwerking is nodig om op steun te mogen rekenen van het parlement (de Eerste en Tweede Kamer). Steun voor het overheidsbeleid is nodig, omdat de regering verantwoording schuldig is aan het parlement (volksvertegenwoordiging). Steunt de Tweede Kamer wetsvoorstellen van de regering niet, dan moet de regering opstappen of zich bij het meerderheidsbesluit van de Tweede Kamer neerleggen. Daarnaast controleert de Tweede Kamer of de regering het overheidsbeleid goed uitvoert.

Hieruit blijkt wel dat stemmen op een politieke partij belangrijk is om je belangen en opvattingen te laten vertegenwoordingen op de plaats waar de beslissingen vallen.

Heel wat meer burgers (ruim 70 procent) zijn lid van een pressiegroep of belangenorganisatie. Een pressiegroep is geen politieke partij of publiekrechtelijk orgaan (organisatie met overheidsgezag, zoals de SER). Ze probeert op basis van gemeenschappelijke belangen en uitgangspunten politieke invloed uit te oefenen. Pressiegroepen willen het overheidsbeleid voor een deel beïnvloeden, zonder daarbij zelf kandidaten te stellen voor volksvertegenwoordigende organen of verantwoordelijkheid voor het overheidsbeleid te aanvaarden.

Pressiegroepen worden vaak pas politiek actief als de regering besluiten gaat nemen die de belangen van de leden aangaan. In dit opzicht verschilt een politieke partij wezenlijk van een pressiegroep. Een politieke partij wil juist wel verantwoordelijkheid dragen voor het gehele overheidsbeleid.

Geld

We kunnen drie soorten pressiegroepen noemen: belangenorganisaties, actiegroepen en sociale bewegingen. Belangenorganisaties zijn opgericht om de belangen van bepaalde groepen mensen te behartigen. Mensen organiseren zich, omdat het hun aan tijd en geld ontbreekt om hun belangen te behartigen. De meeste leden van belangenorganisaties zijn lid geworden omdat zij dan gebruik kunnen maken van de diensten die deze organisaties aanbieden. Ze zijn niet in de eerste plaats lid om politieke invloed uit te oefenen.

Op tal van gebieden bestaan er georganiseerde belangen. Op economisch terrein kunnen we denken aan werkgeversorganisaties, zoals VNO en NCW, en werknemersorganisaties als CNV en FNV. Zo zijn er ook natuurbeschermingsorganisaties, zoals Vereniging tot behoud van Natuur Monumenten en het Wereld Natuur Fonds. Een kenmerk van belangenorganisaties is dat zij een hiërarchische organisatiestructuur hebben, met deskundige personeelsleden.

Actiegroepen

Actiegroepen zijn organisaties of groepen van burgers die zich gedurende een bepaalde tijd inzetten voor een bepaald belang. Is dit belang behartigd, dan houdt de groep op te bestaan. Denk in dit verband aan plaatselijke actiegroepen die actie voeren om een verkeersveilige buurt te krijgen. Heeft de gemeente verkeersdrempels aangelegd, dan houdt de groep op te bestaan.

De meeste actiegroepen hebben vanwege hun tijdelijke karakter geen goed gestructureerde organisatie. Als een doel niet snel bereikt kan worden, kan de actiegroep veranderen in een belangenorganisatie. Een voorbeeld daarvan is de Landelijke Vereniging tot Behoud van de Waddenzee. Het werk wordt meestal door vrijwilligers gedaan.

Soms hebben belangenorganisaties en actiegroepen dezelfde doelstellingen. Als verscheidene groeperingen een zelfde doel nastreven, spreken we van sociale bewegingen. Zo zetten de Rooie Vrouwen van de PvdA, het Katholiek Vrouwen Gilde, de Vrouwencafés en de Blijf-van-mijn-lijfhuizen met een aantal feministische groeperingen zich in voor de emancipatie van de vrouw, de zogenaamde vrouwenbeweging. Zo zijn er ook de vredesbeweging, de milieubeweging en de Derde-Wereldbeweging.

Beïnvloedingsmiddelen

Bij hoorzittingen en vergaderingen van parlementscommissies worden belangengroepen uitgenodigd hun visie te geven op de wetsontwerpen en kabinetsvoornemens. De overheid maakt bij haar wetgeving vaak gebruik van de speciale kennis of bekwaamheden van de belangengroepen. De overheid wil een zo groot mogelijke steun ontvangen voor haar beleid.

Pressiegroepen proberen door contacten met ministers, politieke partijen en ambtenaren invloed uit te oefenen op de politieke besluitvorming. Daarnaast maakt men gebruik van verzoekschriften, enquêteresultaten, het organiseren van forumdiscussies, contacten met de media en stakingen. Sommige organisaties maken zelfs gebruik van allerlei vormen van burgerlijke ongehoorzaamheid. Middelen die het gezag van de overheid en andere gezagsdragers (werkgevers) ondermijnen, moeten echter op grond van Romeinen 13 worden afgewezen.

De artikelen op deze pagina sluiten aan bij de onderwerpen voor de eindexamens geschiedenis aardrijkskunde, maatschappijleer, economie en biologie voor het voortgezet onderwijs. Ze worden enerzijds geschreven op het niveau van de leerlingen terwijl de auteur anderzijds het gehele lezersplubliek als doelgroep voor ogen heeft gehad.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.