+ Meer informatie

Ds. Gezelle Meerburg De boeteprediker von hef lond van Altena

3 minuten leestijd

1.

We hebben ons voorgenomen in de komende tijd enkele artikelen te schrijven over Ds. George Frans Gezelle Meerburg. Uiteraard bedoelen we dan Ds. Gezelle Meerburg sr., die ons bekend kan zijn als één van de „vaders” der Scheiding. Vooral willen we dan de aandacht op zijn prediking richten, waarom we ook bovenstaande titel erboven gezet hebben. Overigens wil dit niet zeggen dat we daarom geheel en al aan zijn leven en betekenis voorbij zullen gaan. Voor het verstaan van zijn prediking is één en ander zelfs onmisbaar.

Het is niet zonder reden, dat we over een figuur uit de eerste tijd na de Afscheiding schrijven. Gezelle Meerburg is predikant geweest van 1833 tot 1855. Zijn ambtelijk leven valt dus grotendeels in de eerste twintig jaren van het bestaan van de kerken der Afscheiding. Die tijd — we kunnen wel zeggen vooral tot 1854 — is voor die kerken een bijzonder moeilijke tijd geweest. En daarbij denken we niet alleen aan de vervolgingen, die op een treurige wijze tegen de afgescheidenen ondernomen zijn. Uiteindelijk erger — en nadeliger voor de zaak des Heeren — waren de bijna eindeloze twisten.

Toch spreekt dat eerste tijdvak ook van de bijzondere zegen des Heeren. God werkte menigmaal op een kennelijke manier. En in deze jaren komt uit de grote verbondenheid aan de belijdenis v a n de vrije genade Gods, zoals die vooral in de Dordtse leerregels beleden wordt, en de band aan het geestelijke leven naar het Woord van God. 't Is de bedoeling niet om hier breed in te gaan op de vraag naar de betekenis der Scheiding. Deze is ongetwijfeld breder geweest dan we hier aangeven. Niettemin zijn deze elementen wezenlijk geweest en bij alle verschil telkens naar voren gekomen: het bewaard wensen te blijven bij Dordrecht 1618-'19, en dat niet als bij een „dode” schat, maar in de levende openbaring van het geestelijke leven.

Mede daarom is het van betekenis, dat we deze eerste tijd vooral niet voorbijgaan. Er valt helaas een grote onbekendheid ook van deze jaren na 1834 te constateren. Sommigen weten nog wel enkele feiten en jaartallen met wat namen. Anderen zelfs dat niet meer. En het ergste is, dat de gehele geestelijke achtergrond en „sfeer” waarin de mannen van die tijd gearbeid en geleefd hebben, voor velen vreemde zaken zijn geworden.

En dat terwijl de pijlen weer afgeschoten worden op de belijdenis der vrije genade van Dordt! Wie enigszins op de hoogte is van wat er leeft en beweegt op het „bredere” erf, zal dit niet onbekend zijn. Het is heus niet zoveel anders dan in de jaren rondom 1834. Wie de brieven enz. van de tegenstanders van de vaders der Scheiding leest, wordt telkens getroffen door hun afkeer van de vrije genadeleer, al wordt deze afkeer vaak heel vroom bedekt. De mensen, die zich scharen onder de zuivere bediening van Gods Woord en soms van heel ver weg moeten komen, worden spottend „1618 ponders” genoemd. En, als de vijanden spreken over het geestelijk leven van deze mensen, valt — zonder onderscheid te maken — het woord „dwepers” keer op keer.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.