+ Meer informatie

DIT IS DE DAG!

7 minuten leestijd

Al de dagen der week zijn door de Heere gemaakt.

Wij lezen in Gen. 1 over de eerste dag der schepping, en zo vervolgens over de zesde en de zevende dag. Wij zingen in ps. 74: „De dag is d’Uw, ook vormdet Gij de nacht; Gij schiept het licht, de zon met gloed en stralen; Door U is d’ aard gesteld in juiste palen; Elk jaarseizoen hebt Gij tot stand gebracht”. Nu is het opmerkelijk dat in ps. 118 gezegd wordt: „Dit is de dag, die de HEERE gemaakt heeft”. Deze dag wordt ook wel genoemd: „de dag des Heeren”! Deze dag kennen wij als de Opstandingsdag! Daarom lezen wij ook in ps. 118: „De steen, die de bouwlieden verworpen hadden, is tot een hoofd des hoeks geworden. Dit is van de HEERE geschied, en het is wonderlijk in onze ogen”. Dit is de dag, de roem der dagen, Die Israels God geheiligd heeft! Wij spreken daarom over de Nieuw Testamentische Sabbat, de eerste dag der week, de dag des Heeren!

Van hoe grote betekenis is deze dag.

De Oud Testamentische Sabbat herinnert ons aan de staat der rechtheid. In de weg der werken wilde de Heere de mens brengen tot de rust.

Deze rust heeft de mens verzondigd. Hij heeft het werk van een vrijwillige gehoorzaamheid niet gedaan. Hij heeft de wet van het werkverbond: „doe dat en gij zult leven” overtreden, hij heeft zichzelf gebracht tot de eeuwige onrust. Toch is onder het Oude Testament het Sabbatsgebod gebleven als een herinnering aan de staat der rechtheid, als een herinnering tevens aan de zonde, maar ook als een heenwijzing naar Christus!

Heel de Oud Testamentische werkweek kreeg daarom een schaduwachtig karakter. In de weg der werken zou geen vlees behouden kunnen worden. Al onze beste werken, noemt de Schrift, een wegwerpelijk kleed. Ze zijn met de zonden bevlekt, en hebben geen geldigheidskarakter voor een volmaakt heilig en rechtvaardig God. Zo riep heel de Oud Testamentische werkweek om Christus, Die Zijn volk in de weg van Zijn werken, in de weg van Zijn dadelijke en lijdelijke gehoorzaamheid, zou brengen tot de ware rust. In Christus zou de belofte Gods in vervulling gaan: „daar blijft een rust over voor het volk van God”.

Van hoe grote betekenis wordt zo het werk van Christus.

Hij kwam in de wereld om te gaan doen de dingen, die bij God te doen waren. Hij heeft het werk opgevat, dat Adam in het Paradijs heeft laten liggen. Hij heeft de wet van het werkverbond volbracht. Aan al de eisen van Gods recht en wet heeft Hij voldoening gegeven. De eis der wet heeft Hij vervuld, en ook de straf der wet heeft Hij gedragen. Hij heeft dat gedaan in de weg van Zijn lijden en sterven. Hij heeft dat gedaan in de uitstorting van Zijn bloed. Toen Hij dat gedaan had kon Hij getuigen”: Vader Ik heb voleindigd het werk, dat Gij Mij hebt opgedragen om te doen”. Wij denken ook aan dat zo betekenisvolle kruiswoord: „Het is volbracht!” „Vader in Uwe handen beveel Ik Mijne geest”!

De zesdaagse werkweek was toen ten einde.

Op de zesde dag stierf Hij.

Op de zevende dag rustte Hij in het graf.

Op de eerste dag stond Hij op, nadat Hij was opgewekt door Zijn Vader, en nu luisteren wij weer naar dat woord uit de 118e psalm: „Dit is de dag, die de HEERE gemaakt heeft! De opstandingsdag! De eerste dag! De roem der dagen! De dag van het nieuwe begin! ’t Oude is voorbij gegaan, ziet het is alles nieuw geworden!

De Oud Testamentische Sabbat had een schaduwachtig karakter.

De Nieuw Testamentische Sabbat draagt het karakter van de vervulling!

De Oud Testamentische Sabbat droeg het karakter van: eerst werken en dan rusten. Maar dat ging niet meer. „Rust noch vrede wordt gevonden, Om mijn zonden, In mijn beenderen dag en nacht”. De Oud Testamentische Sabbat klaagt aan! Veroordeelt!

De Nieuw Testamentische Sabbat roept ons toe: zoek de rust niet in uw werk! al uw werken zijn onvolmaakt, met zonden besmet, staak uw werk! maar zoek met al uw werk, met al uw zonden en schuld rust, aan de voeten van de ware Silo, de ware Rustaanbrenger. Leer zo het geheim van de Nieuw Testamentische Sabbat: rusten! rusten in het werk van Christus, en vanuit déze rust werken, het werk der heiligmaking, om Hem voortaan te leven van harte willig en bereid gemaakt. Dit! Dit is de dag, die de HEERE voor Zijn kerk gegemaakt heeft!

’t Is opmerkelijk dat juist déze dag, de eerste dag der week, Johannes op Patmos, de Heere Jezus heeft gezien wandelende tussen de zeven gouden kandelaren. Hij zag Hem als de verheerlijkte Priesterkoning, Die zijn priesterlijk werk volbracht had. Hij zag Hem bekleed met een lang wit kleed, dat in brede plooien neerhing tot op de grond, en omgord aan de borsten met een gouden gordel. Werd dat kleed in het dienen met die gouden gordel opgeschort, opdat het dienen niet zou worden gehinderd, dat kleed hing nu in brede plooien neer tot op de grond, want het dienen was afgelopen. Het werk was volbracht! Daarom lezen wij dan ook dat getuigenis: „Vrees niet, Ik ben de Eerste en de Laatste. En Die leef, en Ik ben dood geweest, eu zie, Ik ben levend in alle eeuwigheid, Amen. En Ik heb de sleutels der hel en des doods”.

Zo werd ook Johannes op de eerste dag der week, op de dag des Heeren aan het opstandingswerk van Christus herinnerd!

Zo wil de Heere dat wij elke rustdag, op de eerste dag der week, daaraan herinnerd zouden worden. Sabbat vieren op de zevende dag, gelijk de Sabattisten dat willen, is daarom in de diepste grond der zaak een niet zien, of een miskenning van het werk van Christus. Daarom attenderen wij al onze lezers in dit artikel op het woord der Schrift: Dit! Dit is de dag, die de Heere gemaakt heeft, laat ons op dezelve ons verheugen en verblijd zijn”. Dan zijn wij op de dag des Heeren niet verblijd zoals de wereld zich verblijdt. Gelukkig zondag, nu kunnen wij weer eens doen wat wij willen, nu kunnen wij naar de bossen of naar de stranden. Hoe neemt de Sabbatsontheiliging hand over hand toe, ook onder onze kerkelijke belijders. De Oud Testamentische Sabbat is afgedaan en nu leven wij in de vrijheid, in de blijdschap van het uitleven van het vlees, of even zondags naar de zgn. „kerk voor hen die onderweg zijn”! Neen! verstaan wij iets van dat woord: „Dit is de dag, die de Heere gemaakt heeft, laat ons op dezelve ons verheugen, en verblijd zijn, dan wordt het onze hartelijke begeerte, om juist op die dag, iets van Christus en Zijn volbrachte werk te mogen zien. Dan gaat het leven in ons hart: „Ik ben verblijd wanneer men mij Godvruchtig opwekt, zie wij staan, Gereed om naar Gods huis te gaan!

Zo pas hoorden wij reeds, juist op die dag, de dag des Heeren, wil Christus Zijn wandelingen maken tussen de zeven gouden kandelaren. En die zeven gouden kandelaren waren de zeven gemeenten.

Daarom zegt ook onze Catechismus: Wat gebiedt God in het vierde gebod?

Eerstelijk, dat de kerkedienst of het predikambt, en de scholen onderhouden worden, en dat ik, inzonderheid op de Sabbat, dat is op de rustdag, tot de gemeente Gods naarstelijk kome, om Gods Woord te horen, de Sacramenten te gebruiken, God de Heere openlijk aan te roepen, en de armen christelijke handreiking te doen; ten andere, dat ik alle dagen mijns leven van mijn boze werken ruste, de Heere door Zijn Geest in mij werke late, en alzo de eeuwige Sabbat in dit leven aanvange”.

Dan wordt de Nieuw Testamentische Sabbat een teken van wat straks komt, de eeuwige Sabbat, de eeuwige rust. En dat rusten zal dan bestaan in het altijd Godverheerlijkend werkzaam zijn, in het dienen van God dag en nacht in Zijn tempel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.