+ Meer informatie

Besprekingen van de Heilige Oorlog

6 minuten leestijd

20

Al de activiteit van de trouwe kapiteins ten opzichte van de stad Mensziel ging van El-Schaddai uit. Door vernieuwing en bekering waren zij in de rechte zin van het woord kinderen des Heeren. Daarna waren zij geroepen en geoefend door de grote Koning uitgezonden, met een heerlijke opdracht voor Mensziel. En dat met de grote verantwoordelijkheid de stad te waarschuwen voor het gevaar waarin zij verkeerde, daar het oordeel des doods over haar was uitgesproken. Om haar de weg des behouds aan te wijzen en aan te prijzen, opdat zij haar toevlucht zou nemen tot de volheerlijke openbaring van Gods genade en dat tot ontvlieding van Zijn toekomende toorn.

Maar daarmee bleef toch alles nog zoals het was. Nee, dat bleef het niet, in geen geval! Hoor maar: „Maar als gij de goddeloze van zijn weg af maant, dat hij zich van die bekere en hij zich van zijn weg niet bekeert, zo zal hij in zijn ongerechtigheid sterven; maar gij hebt uw ziel bevrijd.”

Deze kapiteins hebben hun ziel bevrijd, het bloed van het ongehoorzame Mensziel zal van hun hand niet geëist worden. Waarop maar al te weinig gelet wordt, want het is geen geringe zaak voor de leraars als de onbekeerden weinig of niet gewezen worden op het oordeel, dat over de mens is uitgesproken, om haar met kracht en klem de weg des behouds te prediken. Het bloed van de hoorders zal in de dag des gerichts van hun land geëist worden, zoals de Schrift dat zegt. Met veel meer zorg en gebed moest ons hart vervuld zijn omtrent degenen, die het leven der genade nog missen, daar zij zo voortlevende straks voor een gesloten deur zullen komen te staan. Wat de kapiteins wel wisten vanuit het nieuwe leven, is hun door de onbekeerlijkheid van Mensziel, opnieuw voor ogen gesteld, dat de stad wederbarende genade nodig heeft. De stad leeft met al de poorten en eigenschappen van haar ziel in de zonde, om steeds dieper weg te zinken in de staat der ellende.

Maar hoe afkerig de stad ook was, op grond van Gods wederbarende liefde in Christus door de werkingen van de Heilige Geest, hebben de kapiteins van de grote Koning nog moed de stad met meer kracht en klem aan te pakken. Zij willen het haar zeer moeilijk maken door Mensziel te dwingen tot bekering, en dat is te dwingen in te gaan.

Al de mannen, die het behoud van Mensziel zoeken, zijn het met de kapiteins roerend eens, dat de Oorpoort opengebroken moet worden, om het Evangelie als het zaad der wedergeboorte in de akker des harten te werpen. Tot nog toe viel het, daar zij wind en opstand tegen hadden, bij de weg, zodat de vogelen des hemels er zich vrolijk over kwamen te maken.

Maar gekomen in de stad is het heus niet onmogelijk, dat anderen uit vrees voor hun hachje zich bij ons scharen, om dan tegelijkertijd zo mogelijk ons werk krachteloos te maken. En hierom moeten wij tot onderkenning van die mannen een wachtwoord hebben.

Daarom dacht het de kapiteins goed de manschappen het woord van de zaak waarom het gaat, tot wachtwoord te geven. Dan heeft dat woord tegelijkertijd tweeërlei effect. Enerzijds dient het tot onderkenning van de vreemde die onze zaak niet kunnen en niet willen dienen, en anderzijds dient het tot verdieping in het doel waarom het gaat. Want dat moet ons toch altijd helder voor ogen staan. Het wachtwoord luidt dan aldus:

GIJ MOET WEDERGEBOREN WORDEN.

Daarop bliezen zij de trompet, wat die van de stad beantwoordden. Aldus stond gejuich tegenover gejuich en bedreiging tegenover bedreiging en nam de strijd een aanvang.

Die van de stad nu hadden op de toren tegenover de Oorpoort twee grote kanonnen of sterkten geplant. Het ene werd Hooggevoelende en het andere Hardnekkig genaamd. De hooggevoeligheid van de stad ging de verbeelding des harten nog ver te boven, en de hardnekkigheid die van een steenrots. Hoe komt Mensziel ooit in de verootmoediging met een vlesen hart? werd gevraagd door één van de manschappen. Wel, zei een ander, dat zegt ons wachtwoord: „Gij moet wederom geboren worden.” Ja, ’t is waar ook, dan kan het voor de verstokste zondaar.

Hier gaat het dus niet om een godsdienstige verbetering van de mens, hoewel dat mogelijk is door de kracht van de algemene genade.

En dan houdt men een historisch geloof voor het zaligmakend geloof. Met deze godsdienst is inderdaad heel veel te presteren, heeft bij de mens, die over het wonder der genade heen werkt, door alle tijden heen heel veel opgang. Door zijn godsdienstig belijden voor beleving te houden bouwt men het huis van zijn verwachting voor de eeuwigheid op een zandgrond. En wij weten dat deze godsdienst door de Heere veroordeeld wordt. Bij de levende en strijdende kerk voor de naam en zaak des Heeren geldt het wachtwoord: „Gij moet wederom geboren worden” nog. Om deelgenoot te worden van het eeuwige leven hebben wij de levendmaking nodig. En dat is de inlijving in Christus, want uit die innerlijke gemeenschap met Christus vloeit het leven der genade met al zijn oefeningen en beproevingen voort. Gelijk de oude mens met al zijn verdorvenheid leeft uit de eerste Adam, leeft het nieuwe leven in en uit de gemeenschap van de tweede of laatste Adam Jezus Christus. En gelijk de levensgeschiedenis van een mens zijn geboorte heeft tot uitgangspunt, heeft de bekeringsgeschiedenis de wedergeboorte tot uitgangspunt. De droefheid naar God werkt een onberouwelijke bekering tot zaligheid, maar de droefheid van de wereld werkt de dood.

De strijders om het behoud van de stad Mensziel in de weg van de waarachtige bekering, stelden de wedergeboorte tot uitgangspunt.

En in de wedergeboorte is de mens totaal lijdelijk, want deze strijders zeggen: „dewelke God zonder ons in ons werkt.”

Maar nu zijn zij tegenover Mensziel één en al activiteit omtrent de wedergeboorte. Hoe zit dat nu? Wel heel eenvoudig, de landman is één en al activiteit om het zaad in de akker te krijgen, laat daarvoor niet één dag verloren gaan, maar dan is het God, Die alleen dat zaad wasdom kan geven. In dat verband zegt Petrus: „Gij die wedergeboren zijt niet uit vergankelijk, maar uit onvergankelijk zaad door het levende en eeuwigblijvende Woord Gods.” Actief waren de strijders omtrent de stad Mensziel om het zaad van het levende en eeuwigbhj vende Woord Gods in de harten te zaaien in afhankelijkheid van de dierbare en onwederstandelijke werkingen van de Heilige Geest.

Nijkerk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.