+ Meer informatie

De Pelgrimsreis is voor Oud en Jong

7 minuten leestijd

38.

Tot laat in de nacht is gesproken van de Heere, daar zij Hem mochten Ie en kennen in Zijn grote daden en wonderlijke wegen. Door te staan in het geloof en te leven in het licht van Gods vriendelijk aangezicht, was het een spreken uit het leven tot verheerlijking van Zijn grote naam. ’t Was een kennen en waarderen van elkander in de Heere. We kunnen elkaar niet missen tot onderhouding van de gemeenschap der heiligen. Aller hart was vervuld met de liefde des Heeren, liefde in het prijzen van Zijn deugden en daden, Groot en klein, oud en jong, deden daarin mee. Daar werd geen wanklank gehoord, alles wat van de mens is lag er onder. En in de vlakte van die vernedering rijdt de Heere op het witte paard van Zijn overwinning. In een ootmoedige erkentelijkheid voor al het goede door de Heere geschonken, hebben zij zich gemeenschappelijk tot verkrijging van de zoete rust des slaaps in Zijn hoede aanbevolen. De bewaking van de Wachter Israëls hebben wij naar ziel en lichaam nodig. Toen de Pelgrim in de grote opperzaal met een geopend venster aan de oostzijde gekomen was, kwam hij in de Heere over al het goede na en door te denken. Hoe wonderlijk had de Heere hem uitgeholpen en in de ruimte gesteld. Slapen met een open venster naar het oosten, ’t kon niet beter. Bij het licht van haar eerste stralen kon hij door de Vader der lichten gewekt worden. Gelijk als door Daniël wordt ook door deze broeder het open venster naar Jeruzalem hogelijk gewaardeerd, om de Heere te zoeken met gebed en dankzegging. Want daarom toch heet deze kamer „Vrede”.

’t Gaat hier om de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat. In het paleis van de gemeenschap der heiligen wordt de vrede, die alle verstand te boven gaat geprezen. Bij deze vrede leeft het hart, en dat veroorzaakt een zoete en zalige harmonie tussen de Heere en ons gemoed. Door de levende geloofsgemeenschap met de Levensvorst Jezus Christus heeft het hart niets op de Heere tegen en ziet Hij vriendelijk op ons neder. En in die vrede mocht de Pelgrim de rust van de slaap genieten, en met blijdschap in de Heere ontwaken. Zijn hart is vol bewondering over de liefde en zorg, die de Heere voor Zijn pelgrims heeft. Wonderlijk voorziet de Heere in al hun noden. Hij laat het hart met steeds meer klaarheid delen in Zijn vergevende en zorgende liefde. Veel mocht hier gesmaakt worden van het hemelleven en dat gaf een blij vooruitzicht.

„Toen zij des morgens allen waren opgestaan, zetten zij het gesprek van de vorige dag nog een poos voort en daarop zeiden ze hem, dat hij niet moest vertrekken alvorens hem enige merkwaardigheden van die plaats getoond waren”.

„Zo bracht men hem eerst in de studeerkamer, en daar lieten zij hem geslachtsregisters en geschiedrollen zien, afkomstig uit de hoogste oudheid. Zo herinner ik mij uit mijn droom dat ze hem eerst de afkomst verklaarden van de Heer des heuvels, als zijnde de Zoon van de Oude van Dagen, van eeuwigheid gegenereerd. Hier was ook bewaard de herinnering aan al de daden, door Hem verricht, en tevens waren daar de namen vermeld van de honderdtallen, die Hij in Zijn dienst had genomen en wie Hij plaats had gegeven in woningen, die niet konden verdwijnen door lengte van tijd noch door verval”.

Bij het ontmoeten van elkander in de heerlijke morgenstond van de tweede dag, werd het gesprek uit het leven der genade nog een poos voortgezet zoals dat tot laat in de nacht was gevoerd.

Uit kracht van de band der liefde, die door de Heere gelegd was in het hart, mocht de Pelgrim nog niet vertrekken. Hij moest dieper geleid worden in het Woord des Heeren, en dat is een studeerkamer voor de gelovigen en een werkplaats voor de Heilige Geest. Om steeds meer te komen onder de bearbeidingen van de Heilige Geest, hebben wij ons steeds meer te verdiepen in de verborgenheden des heils. Zodat allen die het geheim, ^ en dat is de kracht en troost van deze heerlijke studeerkamer mogen kennen, er steeds j meer gebruik van komen te maken.

Door eerst de geslachtregisters en geschiedrollen ter hand te nemen en in te zien, werd in verband daarmee gesproken van de Heer des heuvels, als zijnde de Zoon van de Oude van dagen, van eeuwigheid gegenereerd.

Daniël aanschouwt het komen van de Zoon des mensen tot de Oude van dagen, „de Onvergankelijke van dagen”, de eeuwige God, in de staat van Zijn verheerlijking, En dat staat in verband met Zijn zitten aan Gods rechterhand en wederkomst op de wolken des hemels. „Hij is de Vorst van het * onbewegelijk Koninkrijk”. En dat is het wat de Pelgrim helder voor de aandacht moet staan om te volharden in de strijd.

„Toen werden hem enige roemrijke daden voorgelezen, die sommigen Zijner dienstknechten verricht hadden, hoe zij koninkrijken hadden overwonnen, gerechtigheid gewerkt, de beloften verkregen, de muil der leeuwen toegestopt, de kracht des vuurs geblust, de scherpte des zwaards ontvloden, uit zwakheid krachten gekregen hebben, sterk in de strijd geworden zijn, en heirlegers der vreemden op de vlucht hebben gedreven” En zo is de Pelgrim gewezen op de strijd van verschillende geloofshelden die juichen voor Gods troon. De overwinning die is in de Zoon des mensen, daar Hij overwinnende is gezeten aan des Vaders rechterhand.

„En op een andere plaats in het gedenk boek lazen zij van de bereidvaardigheid huns Heeren om te ontvangen die tot Hem kwamen, al hadden zij Hem te voren ook zwaar beledigd en veel tegen Hem misdreven”.

De bereidvaardigheid des Heeren in het ontvangen van ellendige zondaren mag nooit beperkt of bezwaard worden met menselijke bepalingen. Hij maakt op Zijn leerschool dwaze zondaren wijs tot zaligheid.

„Ook kreeg de Pelgrim hier een gezicht op verscheidene andere merkwaardige geschiedenissen, oude en nieuwe dingen, profetieën en de prediking van dingen, die hun zekere vervulling hebben, beide zo wel tot schrik en ontzetting van vijanden als tot troost i en bemoediging der pelgrims”

Zo zeker als Babel is prijsgegeven aan de a verwoesting en de duivelen op die puinhopen huppelen, zal het rijk van zonde en satan prijsgegeven worden aan het eeuwig verderf, En zo zeker als Christus overwinnend ten hemel is gevaren, zal Hij Zijn volk opnemen in de eeuwige heerlijkheid. Laat ons toch het profetisch Woord ter harte nemen, want het is zeer vast en onbewegelijk vast. En dat zowel tot veroordeling als tot vertroosting. ”De volgende dag brachten zij hem in de wapenkamer, en daar toonden zij hem allerlei wapentuig, door hun Heer daar bijeen gebracht ten dienste van pelgrims, zoals zwaard, schild, helm, borstharnas en schoeisel, dat niet veroudert. Er was zulk een grote voorraad van dit alles, dat men er een leger, talloos als de sterren des hemels, voor de zaak des Heeren mede had kunnen wapenen. Ook toonden zij hem enige werktuigen waarmee enige van Zijn dienstknechten wonderen hadden verricht. Zij lieten hem de staf van Mozes zien; de hamer en de nagel waarmee Jaël Sisera versloeg; de kruiken, bazuinen en fakkels, waarvan Gideon zich had bediend om het leger van de Midianieten op de vlucht te drijven. Dan de ossestok van Samgar, waarmee hij zeshonderd man sloeg, en het ezelskinnebakken door Simson gebruikt om zijn heldendaad te verrichten. Daar was ook de slinger van David met de steen, waarmee hij de reus Goliath had neergeveld. Ook zag hij het zwaard, waarmee de Heere de mens der zonde zal doden, ten dage als hij zich zal opmaken ter overwinning. En nog veel meer andere dingen zag hij, die hem in verrukking brachten. Na dit alles begaven zij zich weer ter ruste”.

A.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.