+ Meer informatie

Uitgaansverbod in provincie Kosovo

ilbanese activisten blijven demonstreren

2 minuten leestijd

BELGRADO — De Joegoslavische autoriteiten ebben vrijdag bekend gemaakt dat voor buitenlandse tl Joegoslavische verslaggevers een reisverbod is ingeteld voor de provincie Kosovo, met name de provincieoofdstad Pristina en de stad Podujevo, waar zich onings gewelddadige demonstraties van Albanese natioalisten hebben voorgedaan.

Een Joegoslavische regeringsiunconaris, die niet bij naam genoemd wenste te worden, verklaarde dat betogers op 26 maart kinderen als schild hadden gebruikt en op de politie hadden gevuurd. Dit incident zou slechts een van de vele in het betrokken gebied zijn geweest. De provincie grenst aan het sterk centraal geregeerde, communistische Albanië.

De laatste betogingen in Pristina en Podujeva zouden zich afgelopen woendsdag hebben voorgedaan. De regeringsfunctionaris verklaarde dat aan journalisten in Pristina opdracht zou worden gegeven om te vertrekken. De afgelopen maand zouden bij demonstraties van Albanese nationalisten tenminste 35 mensen zijn gewond. In totaal 21 mensen werden tot dusver gearresteerd.

De hoogste provinciale autoriteit, Dzavid Nimani, verklaarde donderdag dat „vijandige krachten" wapens tegen veiligheidstroepen van de staat hadden gebruikt. Nimani verschafte geen bijzonderheden. Kosovo is een van de armste en minst ontwikkelde gebieden van Joegoslavië. Het bestaat uit zes republieken en twee autonome districten. Ongeveer 85 procent van de bevolking is van Albanese origine.

Activisten in Kosovo streven sinds lange tijd naar grotere autonomie voor het gebied. Sommigen onder hen willen zich volledig afscheiden van de Joegoslavische federatie en aansluiting bij Albanië. Het nationale Albanese persbureau meldde vrijdag dat volgens het Joegoslavische nieuwsagentschap de ordeverstoringen te wijten waren aan de ,,leef- en werkomstandigheden van de studenten aan de universiteit van Pristina.

Legerversterkingen

De demonstraties waren de meest gewelddadige protesten sinds de dood verleden jaar rhei, van de Joegoslavische president Josip Broz Tito. De betogingen vingen 11 maart aan toen studenten zouden hebben geprotesteerd tegen de kwaliteit van het voedsel en de faciliteiten op de universiteit. Latere demonstraties zouden meer politiek van aard zijn geweest.

Federale functionarissen in Belgrado ontkenden vrijdag dat het Joegoslavische leger was ingezet om de orde in de provincie.te handhaven. In de hoofdstad deden evenwel onbevestigde geruchten de ronde dat er versferkingen naar in Pristina reeds aanwezige veiligheidstroepen waren gezonden. Alle verbindingen van Kosovo waar de bevolking in meerderheid van Albanese afkomst is, met de rest van het land zijn verbroken. Eenheden van het Joegoslavische leger en de politie controleren met pantserwagens de toegang tot Pristina. In geheel Kosovo zijn de onderwijsinstellingen gesloten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.