+ Meer informatie

Sinterklaas komt uit Turkije

11 minuten leestijd

Terwijl een (voorheen) protestantse natie als Nederland jaarlijks de schoen zet, sinterklaasverzen fabriceert of „alleen maar" pakjesavond houdt, wordt in het roomse Spanje de 5e december absoluut niet gevierd. Nu komt Sint Nicolaas dan ook niet uit Spanje, maar uit (nu) Turkije. Maar wat hebben Zwarte Piet, chocoladeletters, gedichten en het zetten van de schoen ermee te maken?

Sint. Officieel heette hij Nicolaas, en hij was in de eerste helft van de vierde eeuw bisschop van Myra (Klein-Azië, nu Turkije). Hij heeft het concilie van Nicea bijgewoond, zou Arius zelfs een klap in het gezicht hebben gegeven en werd na zijn dood op 6 december (+ 350 n.C.) heilig verklaard. Vandaar dat voorvoegsel "sint".

Dit zijn ongeveer de enige min of meer controleerbare feiten rond Nicolaas. Van wat er verder bekend is, is niet meer na te gaan of het op waarheid, legenden en sagen, bijgeloof of fantasie berust. Er is heel veel geschreven over de herkomst van Sinterklaas, maar in elk artikel zijn de 'feiten' net even anders.

Nicolaas was schutspatroon van onder meer de zeelieden en beschermheilige tegen overstromingen, en dat verklaart waarom in veel havensteden Nicolaaskerken zijn verrezen. Ook van de stad Amsterdam werd hij de patroon. Wellicht houdt dit gegeven verband met de (stoom)boot van de huidige Sint.

Goedgeefs

Direct na de dood van de bisschop werd Myra bedevaartsoord. Nicolaas zou zeer bijzondere daden hebben verricht, en ook na zijn dood nog mirakelen doen. De goedgeefsheid van 'onze' Sinterklaas laat zich bijvoorbeeld verklaren uit de volgende legende.

De vader van een huwbaar meisje zat in de problemen. Hij had onvoldoende geld om de bruidsschat voor zijn dochter te betalen en overwoog in uiterste nood het meisje door prostitutie geld bijeen te laten scharrelen. Toen Nicolaas dit vernam, klom hij des nachts op het dak van de bewuste woning en gooide een zak goudstukken door de schoorsteen. De eer en goede naam van vader en dochter waren gered.

Bij de tweede telg ging het precies zo, en ook toen de derde dochter de huwbare leeftijd had, zag de bisschop zich genoodzaakt een beurs met goud door de schoorsteen neer te laten. Dit is slechts een versie van de legende; er zijn er diverse.

In elk geval verklaart deze variant zowel de gulheid van de Sint als het feit dat hij zijn gaven gemeenlijk via schoorstenen pleegt uit te delen. Andere bronnen menen dat de dakloperij teruggaat op de tijd van mohammedaanse christenvervolgingen. Nicolaas ontsnapte aan de achtervolgers door zich via de (platte) daken van Myra te verplaatsen.

Italië
Nicolaas' gedachtenis wordt in de middeleeuwen vooral via mirakelspelen in stand gehouden. Verhalen als de legende hierboven lenen zich daar uitstekend voor. In Myra en Constantinopel is zijn verering aantoonbaar vanaf de zesde eeuw. Sinds de negende eeuw wordt de bisschop in Rome en Italië vereerd, terwijl een eeuw later Duitsland, Engeland en Frankrijk volgen.

Via handelaren verspreidt de verering zich over het noorden van Europa. Handelslieden uit het Zuiditaliaanse Bari zien brood in de beenderen van de bisschop. In april 1087 halen ze het gebeente van Nicolaas naar Bari, met als vroom voorwendsel dat Myra geregeld geplunderd wordt door heidenen, waardoor het graf gevaar loopt. Volgens sommige historici is dit echter geen smoes, maar is men oprecht begaan met de stoffelijke resten.

Langs de deuren
In elk geval, op 9 mei zijn de handelaren in Bari terug met hun kostbare scheepslading (misschien ligt ook hieraan het boot-motief ten grondslag). Italië herdenkt tot op de huidige dag de bisschop op 9 mei, en niet aan de vooravond van zijn sterfdatum.

Er wordt een basiliek voor de bischoppelijke beenderen gebouwd en alras is dit een enorme trekpleister. Er ontstaat een volkscultus in drie delen. Daar is allereerst het scholierenfeest, waarbij jonge leerlingen van de stedelijke kloosterscholen een van hen tot "Nicolaasbisschop" kiezen en met hem langs de deuren gaan om gaven in te zamelen (nota bene!). Dit gebruik is in mijn geboorteplaats nog steeds in ere.

Het tweede onderdeel van de cultus is een ruwe maskerade voor de oudere jeugd, en het derde, minstens vanaf 1400, is het gezinsfeest zoals dat ook nu nog bestaat. Het feest begint, zoals alle heiligenfeesten, aan de vooravond van de sterfdatum.

Ook Nederland krijgt lucht van de festiviteiten. Bij de kerstening van ons land blijkt Sinterklaas uitstekend enkele gewoonten van de Germaanse god Odin te kunnen overnemen. Het bijbehorende feest, waarschijnlijk vooral de maskerade, is oorzaak van nogal wat wanordelijkheden op straat, reden waarom de overheid het verbiedt. Ook de kerk van de Reformatie is ertegen, maar vooral vanwege het feit dat het een rooms-katholiek feest is.

Het protest helpt overigens weinig. Boetes op het bakken van sinterklaaspoppen en het zetten van de schoen mogen niet baten. Wel is het gelukt om het feest van zijn kerkelijke achtergrond te ontdoen.

Mysterie
Het zetten van de schoen is in Utrecht al in de eerste helft van de 15e eeuw bekend. Overbodig om te zeggen dat in de schoen geen peperdure cadeaus belanden, maar wat lekkernijen als pepernoten en taai-taai. Wat wil je ook, in ruil voor een wortel en wat hooi. Het is dan nog vooral een kinderfeest.

Maar ondanks de mooie legende over de arme meisjes die goud ontvingen is het in de sinterklaaspraktijk niet zo dat juist de minder bedeelden veel 'krijgen'. „Waarom geeft Sinterklaas meer aan rijke kinderen dan aan arme kinderen?", laat Godfried Bomans een kind vragen, met daarop het onovertroffen antwoord: „Dit is een mysterie, dat ons bij het ouder worden verklaard zal worden."

Op de vraag waarom de bisschop over de daken rijdt laat Bomans uitleggen: „Omdat daar de meeste schoorstenen zijn." In de loop van deze eeuw is Sinterklaas tot een feest ook voor volwassenen geworden. Juist bij hen zijn de gedichten en surprises bijzonder in zwang, hetgeen weinig tot niets met de man uit Myra te maken heeft.

Letters en gedichten

Datzelfde geldt de chocoladeletter. De band tussen dit produkt en Sint is ook in nevelen gehuld. Een mythe die de Noordeuropese god Odin als schenker van het schrift noemt, meldt dat bij oogstfeesten van het eerste meel koeken werden gemaakt voor Odin, en een deel daarvan zou lettervormig zijn. Het eten van deze koeken zou mensen de kennis van lezen en schrijven geven. Lettervreterij als bron van kennis, ook nu nog een gangbare gedachte.

Toen men later kans zag chocolade in vaste vorm te produceren, was de weg vrij voor de chocoladeletter. Bij het kerstenen van heidense tradities moest zoals gezegd ook Odin eraan geloven. Het Kerstfeest werd met een verlichte boom opgezadeld, Pasen met eieren eten, terwijl de schrift-god de bisschopsmantel werd toebedacht. Dat zou dan het verband zijn met de letters van banket en chocola.

Ook „'t schimmeltje dat met gemak Sinterklaasje over 't dak draagt" lijkt hiermee verklaard, want Odin bereed een ros. Vermoedelijk was hij tevens de god van de literatuur, zodat licht valt op de herkomst van sinterklaasgedichten. Andere bronnen menen dat rijm en surprises pas begin deze eeuw gewoonte werden.

Zwarte Piet
Odin lijkt ook garant te staan voor de verschijning van Zwarte Piet. In de Germaanse mythologie was Zwarte Piet mogelijk de duisternis die de godheid vergezelde. Een ander verhaal meldt gewoon dat Odin een knechtje had; hij wordt nu de helper van de bisschop.

Op een of andere wijze is in onze streken Italië verwisseld voor Spanje, waarna Sint van een zwarte (Moorse) knecht kon worden voorzien (een deel van het Iberisch schiereiland is lange tijd door de Moren bezet geweest; dat waren overigens mohammedanen die bepaald niet zwart waren). Wellicht is de oorzaak van deze wisseling dat Spanje in de zestiende eeuw hèt land van de zeevaart was, en Nicolaas was immers patroon der zeelieden.

In een tijd waarin je bijna niets meer zwart op wit kunt zetten zonder voor racist uitgemaakt te worden, gaan stemmen op om Zwarte Piet af te schaffen, als zijnde de onderdanige zwarte tegenover de blanke meester Nicolaas. Piet is voor de kinderen echter geen slaaf, maar een behulpzame bijfiguur.

Een onderwijzer aan een school waar 95 procent van de leerlingen een huidskleur heeft die min of meer op die van Piet lijkt, vertelde dat alleen volgens autochtone kinderen Sinterklaas racistische trekjes vertoonde. „Want al ben ik zwart als roet, 'k meen het wel goed" zullen we nog wel tot in lengte van dagen in supermarkten en speelgoedwinkels kunnen horen.

Doosje kralen
Piet mag het dan goed menen; bij de gezindheid van Sinterklaas kunnen kinderen zo hun vraagtekens zetten. Neem nu het meisje dat -het is alweer jaren geleden- bij de Sint moest komen die de klas met een bezoek vereerde. Ze konden honderd maal zeggen dat het Jan de melkboer was, ze vond hem toch wat eng.

De man vroeg haar wat ze wilde hebben. „Een pop", lag haar op de lippen, maar nog net op tijd herinnerde ze zich dat vader vond dat ze er al te veel had. „Een boek", fluisterde het kind gedwee als tweede wens. Toen de man in tabberd en zijn knecht het lokaal verlaten hadden, deelde de juf de pakjes uit die hij had achtergelaten. Voorzichtig peuterde het meiske de plakbandjes los.

Toen kwam de grote teleurstelling. In haar handen hield ze een doosje met kralen. Waarschijnlijk heeft haar geloof in de eerwaarde uit Spanje toen een forse knauw gekregen.

„Beste vrind"
Alleen al uit pedagogisch oogpunt zijn er de nodige bezwaren tegen een dergelijke werkwijze aan te voeren. Vandaar dat er tegenwoordig zelfs cursussen worden gegeven hoe men zich als Sint Nicolaas dient te gedragen. Niet streng, vooral niet straffen, laat staan dreigen met de roe, de zak of meenemen naar Spanje. Het beeld van "de goede, goede Sint, mijn beste vrind" moet in stand gehouden worden.

Sommige kinderen blijken namelijk problemen te hebben met de verwerking van Sinterklaas. Het is de vraag of dat aan Nicolaas ligt of aan de manier waarop over hem gesproken wordt in het gezin. Wanneer hij in november als boeman wordt afgeschilderd die je in de zak stopt als je je brood niet opeet is er iets mis.

Sint mag niet worden voorgesteld als een man die alles weet en het gedrag van kinderen in een boek bijhoudt. Daar zijn niet alleen pedagogische, maar zeker ook bijbelse argumenten tegen aan te voeren. Daarentegen moet ik het kind nog tegenkomen dat van een gezellige pakjesavond frustraties overhoudt. Daar ligt hooguit het gevaar van te dure cadeaus op de loer, maar dat is een ander chapiter.

Santa Claus
Met de emigrantenstroom is Sinterklaas met zijn feest ook naar Amerika geëmigreerd. Althans, met degenen die ook in Nederland zijn feest al vierden. Zijn naam is overzee verbasterd tot Santa Claus, de mijter is vervangen door een vrolijke muts en de tabberd is wat ingekort, zodat een bijpassende rode broek zichtbaar wordt. Niet Spanje, maar de poolstreken worden land van herkomst.

Eerwaard kun je deze dolle figuur nauwelijks noemen. Kwalijker is dat Santa Claus zijn cadeautjes bij voorkeur twintig dagen na Sinterklaas uitdeelt, ofwel met Kerst. En dit wordt ook in ons land helaas steeds meer gebruik, overigens vaak met instandhouding van het feest op 5 december. Onze Sinterklaas gerepatrieerd als kerstman.

Kerst is dan het feest voor de luxe geschenken, Sinterklaas voor de gezelligheid. Als motivatie voor een pakjesavond met Kerst noemt men soms dat onze geschenken een teken zouden zijn van Gods gift, Zijn Zoon Jezus Christus.

Andere orde
In het dagblad Trouw argumenteerde ds. D.N. Verschoor vorig jaar heftig tegen deze redenering. De verschuiving van sinterklaasfeest naar Kerst is hem een doorn in het oog. Principiële bezwaren tegen het 5-decemberfeest heeft hij niet, „maar ik heb wèl ernstige bedenkingen tegen de kerstman", verklaarde de predikant in Trouw.

„Het Sinterklaasfeest heeft geen godsdienstige achtergrond, het kerstfeest wel. Het gaat om de herdenking en viering van een stuk heilsgeschiedenis. (...) Ik zou graag een pleidooi willen voeren om het kerstfeest zuiver en echt te houden. (...) Pakjesfeest op kerstfeest wordt soms verdedigd met het argument: Kerst is toch ook een geef-feest, onze cadeaus zijn als het ware een teken van het grote kerstgeschenk.

Maar dan gaan mijn haren recht overeind staan: Hoe krijgt men het bedacht?! Het geschenk van Kerst is een cadeau van een geheel andere orde dan onze pakjes en suprises. (...) Kerstfeest is niet een feest van ons geven, niet een feest van wat wij doen, maar het feest van Gods geven, het feest van wat God voor ons doet."

Over het al dan niet vieren van Sinterklaas kun je van mening verschillen. Maar als u in december cadeautjes wilt geven, doe dat dan in elk geval niet bij de herdenking van Christus' geboorte. Kinderen krijgen dan niet het idee dat Sinterklaas -want zo noemen ze het toch- iets met Kerst te maken heeft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.