+ Meer informatie

COLUMN: KERKELIJKE GASTVRIJHEID

3 minuten leestijd

Het gebeurde tijdens onze vakantie op Kreta. We waren op zoek gegaan naar een kerk. In het kleine dorpje waar we logeerden vonden we alleen een Grieks-Orthodoxe kerk. Bij de deur troffen we een uitnodiging aan voor buitenlanders. Zaterdagavond om zes uur zou er een vesper worden gehouden.

We waren twintig minuten voor de tijd in de kerk. Achteraf bleek dat wel nodig te zijn. Om kwart voor zes begon de priester met de liturgie, deels gelezen, deels gezongen en enkele handelingen ertussen.

Met geen woord werden de aanwezige buitenlandse gasten verwelkomd. In Engels noch in Duits werd enig evangeliewoord gelezen, laat staan uitgelegd of bemediteerd.

Na een klein halfuur zagen we de priester naar de uitgang van de kerk lopen. Met een good-bye vertrok hij, ons achterlatend in het kerkgebouw, met een gevoel van bevreemding, teleurstelling en verwarring. Gasten uit het buitenland waren uitgenodigd. Er werd niet met hen gerekend.

Deze ervaring doet mij denken aan kerkdiensten in Duitsland. Meer dan eens is het ons overkomen dat de predikant bij de uitgang ons de hand gaf. Merkwaardig was het dat hij daarbij zijn oog al richtte op de mensen die achter ons kwamen. Hen kende hij kennelijk beter. Dan voel je je als vreemdeling echt een vreemde.

Onwillekeurig moest ik die zaterdagavond op Kreta denken aan onze kerken. Hoe ontvangen wij gasten? Laten we merken dat ze welkom zijn door een korte begroeting? Eventueel door enkele zinnen in de preek? En wat gebeurt er bij de uitgang?

Zijn onze kerkleden erop voorbereid (en in getraind) om gasten in de kerkdienst op te vangen ?

In Amerika en Canada heeft het mij getroffen dat men voor de diensten enkele wachters (waiters) heeft, die onbekenden een plaats wijzen. Zij gaan mee tot aan de bank waar je mag zitten. Wat een genoegen om zo ontvangen te worden.

Ik weet het: de situatie verschilt van plaats tot plaats. Ook de ruimte van het kerkgebouw. Niettemin moet er aandacht voor gasten zijn. Dat wijst op gastvrijheid. Van Dale omschrijft dit woord als het opnemen, respectievelijk het opgenomen worden als gast.

In onze eerste gemeente hadden we een oude broeder als koster, die de kunst verstond om met ieder wiens gezicht of naam hij niet kende, een praatje te maken. Na afloop van de dienst wist hij wie de gast was en vanwaar deze kwam.

Voor sommigen gaat dit misschien te ver. Een gast mag echter niet onopgemerkt blijven.

Om verschillende redenen houd ik aan die zaterdagavondvesper geen prettige herinnering over. Wat een voorrecht en genoegen om dan weer in eigen kerk thuis te zijn. Dat genoegen gun ik ook graag gasten in onze kerkdiensten. Zijn we daarop ingesteld? Moeten we er misschien eens over praten? En ook in de preek iets over zeggen? Hebree├źn 13:2 zou ook uitgelegd kunnen worden naar gastvrijheid in onze kerkdiensten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.