+ Meer informatie

ATTENTIE EEN GOED GETUIGENIS

4 minuten leestijd

„Gij zult Mijn getuigen zijn”.

Dit woord kennen wij.

Kennen wij nu ook de beleving?

In onze vakantietijd waren wij in het buitenland, en vonden daar het bekende dagblad ”De Telegraaf”.

Géén blad van onze beginselen, maar ’t deed mij toch goed, daarin een goed getuigenis te lezen van een onzer Kamerleden, die zich het Evangelie van Jezus Christus niet schaamde, voor een zeer uitgebreide lezerskring, ’t Getuigenis werd geaccepteerd en ook gewaardeerd, hetwelk mij deed denken aan het woord der Schrift, waarin gesproken wordt over „een goed getuigenis hebben van degenen die buiten zijn”.

Laat ik er iets van mogen doorgeven.

’t Gaat over het Kamerlid Ir. Van Dis, die 23 aug. j.l. 75 jaar mocht worden.

Onder de noemer: Beginselen lezen wij: „Een leven van grote beginselvastheid. Een leven van nimmer wankelende principes. Hoe verloopt zo’n leven? Hoe ontstaan zulke principes? Worden zij de mens ingebakken bij de geboorte? Zijn ze de mens als een steen om de nek? Gaat zo’n mens gebukt onder de heilige plicht, die hij zichzelf heeft opgelegd? Ir. Cornells Nicolaas van Dis glimlacht weer. En hij gaat een paar dingen vertellen, waarover hij tot dusver in interviews nog maar weinig heeft losgelaten. „Ik ben” zegt het kamerlid Van Dis, „Ik ben niet altijd zo geweest. Toen ik student was, en mijn moeder ging dan ’s zondags naar de kerk, dan liep ik het liefst om die kerk heen. Mijn hart trok meer naar de wereldse dingen. Maar toen ik een jaar of 22 was, is daar een kentering in gekomen, en is dat in de loop der jaren niet verminderd, veeleer versterkt, door allerlei ervaringen. Het is voor mij de volle werkelijkheid geworden dat de mens alleen gered kan worden in Christus. Toen ik 22 jaar was kreeg ik ineens een licht over mijzelf. Dat is een inwendig iets, dat je heel moeilijk kunt verklaren aan personen, die daar helemaal buiten staan. In 1939 mocht ik Christus door het geloof omhelzen. Hoe dat ging? In het geloof zijn trappen, standen in het geestelijk leven. Dat was zo’n trap. Ja, dat was in de nacht van 28 op 29 januari 1939 toen werd het ineens licht. En die ervaring ging gepaard met een onuitsprekelijke vreugde

In die toestand kun je jezelf niet brengen. Het is een gave Gods. Ach j a, er zijn veel mensen, die van deze beginselen niets begrijpen. Die beschouwen ons als een soort zestiende-eeuwers Wij houden nu eenmaal onveranderd vast aan de leer, zoals die in de zestiende eeuw werd verkondigd. Maar daarom kun je toch wel twintigste-eeuwer zijn. Maar ik kan me heel goed indenken, dat veel mensen het niet met onze beginselen eens zijn..... Mensen gaan van nature tegen Gods wet in. De mens is van nature een vijand,en een hater van God en zijn naaste. Op elk mens, die geboren is, ligt de toorn Gods. Er wordt tegenwoordig zo veel gepraat over: God is dood! Waarom? Omdat de mens door de val in het paradijs zelf dood is. Hij kent God niet. Als ze nu alleen maar eens rondkeken in de natuur, naar al die prachtige variëteiten van vogels en planten, dan kwamen ze vanzelf tot het Godsbesef. Zelfs zij, die de evolutieleer zijn toegedaan, die hebben alleen nog meer geloof nodig!

Neen het leven met principes vindt Ir. Van Dis geen last. Want als je het als een last zou zien, dan deugt je hele godsdienst niet....... Op de vraag: Voelt u zich een gelukkig mens, werd geantwoord: „Ik geloof het wel”. Ik voel roe althans niet ongelukkig. Ik ben eigenlijk nooit echt uit mijn humeur. Nou ja, je ziet in het leven liever de zon schijnen in alle opzichten, maar het regent wel eens. Er zijn natuurlijk wel eens momenten dat ik me down voel. Een mens is wel eens in de put. Maar dat is ook nodig, want als je er weer uitkomt flikkert het geloof weer veel voller in je op. Maar ik twijfel nooit aan het godsbestaan. En ik zou niet willen ruilen met mensen die miljarden hebben.

Toen ik dit alles las, dacht ik, wat een voorrecht dat we zulke mensen ook in onze volksvertegenwoordiging hebben. Ik dacht namens heel onze lezerskring te mogen spreken wanneer ik onze broeder Van Dis nog hartelijk feliciteer met de dag van zijn verjaring, en God geve hem onder de bediening van Zijn Geest nog vele jaren te beleven: „Gij zult Mijn getuige zijn!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.