+ Meer informatie

WEINIG VERANDERINGEN

1 minuut leestijd

In het definitieve wetsvoorstel — verschenen In oktober — was niettemin weinig veranderd. De strekking en de praktische uitwerking bleven op dezelfde grote problemen bij het bedrijfsleven stuiten.

Voorgesteld werd een heffing te leggen op het bouwen van nieuwe bedrijven in de Randstad (d.w.z. Zuid-Holland, Utrecht en Noord-Holland zonder „de Kop"). Die „belasting" zou in het algemeen 40 procent bedragen van de bouwkosten — voorzover die de 2.5 ton te boven gingen. Ook installaties in de open lucht werden — indien ze meer dan 2 miljoen hadden gekost — „belast". Vijf procent van de bouwkosten zou afgedragen moeten worden.

Voor kantoren, hotels en tuinbouwveilingen werd een aangepast tarief van 20 procent voorgesteld. Buiten schot bleven de onderkomens van de lagere overheid (bijv. gemeentehuizen). Verder kon voor sommige gebouwen (kerken, ziekenhuizen en winkels) bij algemene maatregel van bestuur ontheffing worden verleend. Dit was eveneens mogelijk in bijzondere gevallen, zoals herbouw na brand.

Bovendien opende het wetsvoorstel de mogelijkheid gebieden aan te wijzen, waar men niet alleen een heffing moest betalen, doch tevens in bezit van een vergunning zijn, voordat met de bouw kon worden begonnen. Deze maatregel gold met name

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.