+ Meer informatie

WAT JE ZEGT, BEN JE ZELF!

3 minuten leestijd

Eind 2003 verscheen een belangwekkend én prettig leesbaar boek. De titel — als kinderen door ons wel gebezigd — duidt op de pretentie die de woorden waarvan je je bedient, met zich meebrengen. Dat geldt dan in het bijzonder voor het adjectief ‘christelijk’ waarmee nog altijd heel wat organisaties zich tooien. In dit boek gaat het om de plaats die identiteit als ‘keurmerk’ van christelijke organi-saties inneemt met als achterliggende vraag: ‘betekenen christelijke organisaties nog.of opnieuw, iets voor onze samenleving?’ Denk aan verzorgingsinstellingen, scholen, vakorganisaties, politieke partijen, aan al die organisaties die hun plaats innemen in het maatschappelijk middenveld; niet beheerst door de overheid of commerciële belangen; ooit geboren vanuit een levend beginsel: evangelische bewogenheid met mens en samenleving. Dat diaconale perspectief én de bedreiging daarvan maakt dit boek ook interessant voor allen die vanuit een kerkelijk ambt hebben na te denken over ‘mens en samenleving’.

14 auteurs leverden, elk vanuit hun eigen professie, een bijdrage. Na een buitengewoon heldere inleiding van dr. Govert Buijs met een leerzame analyse van onze postmoderne maatschappij, volgen 3 delen. In deel 1, ‘Kansrijke posities’, gaan vier artikelen vooral over de invloed van maatschappelijke en levensbeschouwelijke tendensen op de identiteit van instellingen en bedrijven. Deel 2 onder de kop ‘Diverse wegen’ gaat serieus in op de beleidszaken en de rol die identiteit daarbij speelt:het grote belang van eerlijke communicatie; de keuzes bij personeelsbeleid. Bijzonder aardig is de bijdrage (geïllustreerd) van Sibilla Verhagen, die laat zien hoe identiteitsopvattingen doorwerken tot in de inrichting en aankleding van je verzorgingshuis! In deel 3, ‘Recente praktijk’, gaan vier auteurs heel concreet na hoe bij sommige organisaties — ‘Shell’ bijv. — identiteit wordt vormgegeven vanuit een ethische of levensbeschouwelijke oriëntatie. De valkuilen en verleidingen waarmee ze te kampen krijgen, worden daarbij niet overgeslagen. Tenslotte wordt in een laatste hoofdstuk door drs. Frank Dijkstra een ‘Agenda van de Toekomst’ gegeven met tien ‘prikkelende’ stellingen.

De auteurs winden er geen doekjes om dat er in de halve eeuw die achter ons ligt, heel wat ‘gesjoemeld’ is met de christelijke identiteit. Onder de druk van economisering enz. zijn vele van ouds christelijke instellingen opgegaan in grote algemene organisatieverbanden. Maar de schrijvers tekenen geen doem-scenario. Er is in onze tijd weer vraag naar zingeving en inspiratie; en juist daarom zijn er kansen voor christelijke organisaties. Maar dan moeten zij hun inspiratiebronnen niet langer negeren of op sterk water zetten, maar opnieuw aanboren en omzetten in gedrag, communicatie en symboliek, zoals een der auteurs, dr. J. Hoogland, betoogt. Buijs spant met zijn twee fundamentele arti-kelen inhoudelijk en qua stijl de kroon naar mijn gedachte.

Govert Buijs, WAT JE ZEGT, BEN JE ZELF. Identiteit en chr. organisaties; Boekencentrum Zoetermeer/De Vuurbaak Barneveld, 176 blz. (een gezamenlijke uitgave van ICS en GSEv)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.