+ Meer informatie

Leiders Chaldese kerken zijn trouw aan Saddam

„Verhoudingen kerk en staat in Irak zijn erg plezierig"

5 minuten leestijd

BAGDAD — Vanuit het kleine witte kantoortje van het Chaldese Patriarchaat van Bagdad staart aartsbisschop Rufail Bidawid naar het hoofdkwartier van de Iraakse luchtmacht aan de overkant van de weg. Een Amerikaanse precisiebom veranderde het gebouw van tien verdiepingen in een verwrongen staalmassa. „Het was een wrede, onmenselijke oorlog die door iedereen veroordeeld moet worden. Het probleem had door onderhandelingen moeten worden opgelost. Vijf jaar onderhandelen is beter dan vijf minuten oorlog", zegt Bidawid.

De Chaldees-Katholieke aartsbisschop is niet alleen een onderdaan van paus Johannes Paulus II maar ook lid van de Baäth Partij en een trouw aanhanger van president Saddam Hoessein. De Chaldese 'secretaris voor buitenlandse zaken', priester Philip Najeem, verdedigt die kerkelijke steun aan het regime.

President liefhebben

Kort voor priester Philip de mis moet bedienen vertelt hij: „Onze kerk heeft geen profetische taak jegens de regering. Als christelijke religie en zeker als katholieken volgen we de Bijbel. In het Nieuwe Testament staat de christelijke wet dat we onze president moeten gehoorzamen, liefhebben en helpen".

Komt er dan voor de kerk geen punt waarop de president niet langer kan worden gevolgd? „Nee. Volgens de christelijke godsdienst hebben we onze president lief. Lees Romeinen 12 maar".

Over schendingen van de mensenrechten in Irak spreekt de kerk niet. Volgens priester Philip is er geen sprake van gebrek aan vrijheid van meningsuiting. „Als mensen tegen journalisten durven zeggen dat ze bang zijn voor het regime is er toch sprake van vrije meningsuiting? Dat is toch democratie?" „Wij mengen politiek en religie niet, want die hebben beide hun eigen beleid. Alleen als het om humanitaire zaken gaat, zoals de toekomst van Irak en de opheffing van de economische sancties, kan de kerk zich met de politiek bemoeien".

Op de vraag naar de kerkelijke mening over de Iraakse inval in Koeweit geeft priester Philip een ontwijkend antwoord. „De situatie van Koeweit was niet de reden voor de oorlog. De Amerikanen hebben niet vanwege Koeweit onze steden gebombardeerd en Irak verlamd. Als het niet om Koeweit was, werd wel een ander argument gezocht om het land te verwoesten".

Betrouwbaar

De Chaldese kerken zijn dus betrouwbare onderdanen voor president Saddam Hoessein. Ze bemoeien zich alleen met politiek voor zover het aankomt op het kritiekloos gehoorzamen van hun president. Volgens priester Philip is er geen reden voor kritiek op de president. „De verhoudingen tussen kerk en staat zijn heel plezierig. We werken samen met de regering voor het welzijn van het volk". Tijdens de Golfoorlog werden christenen in Irak vaak „kruisvaarders" genoemd door de islamitische meerderheid. Een Chaldese taxichauffeur vertelde dat zijn vrouw niet in de winkel werd toegelaten waar ze met regeringscoupons haar rantsoen gesubsidieerd eten kon kopen. „Vraag jij je eten maar aan Bush", zeiden de vrouwen, die haar de winkel uitwerkten.

Discriminatie

Het is in Irak bij de wet verboden dat moslims christen worden. Het omgekeerde is geen enkel probleem. Kinderen uit gemengde huwelijken worden altijd automatisch als moslims beschouwd. Is dat geen duidelijke vorm van discriminatie door de overheid? Priester Philip benadrukt dat iedereen, van welke religie ook, kan doen wat hij wil. „We hebben de vrijheid om onze religie te beoefenen". Maar volgens de grondwet heeft men toch niet het recht om het eigen geloof te propageren. „Inderdaad", geeft priester Philip toe, „maar zo is nu eenmaal de constitutie, de grondwet, van ons land".

In Irak wonen ongeveer 400.000 Chaldese christenen. Ongeveer even veel wonen er buiten het land, omdat al jarenlang een grote stroom christenen het burgerschap van het „grote volk Irak" inruilt voor het Amerikaanse paspoort. Met hun voeten spreken de Chaldeërs hun eigen regeringsgetrouwe kerkelijke leiders tegen.

Als de situatie voor de christenen zo goed is als priester Philip Najeem schildert, waarom dan toch zo'n massale emigratie? Voelen de Iraakse christenen zich dus toch geen deel van maatschappij? „Dat is een verkeerde kijk op de zaak", zegt priester Philip. „Moslims emigreren immers ook. Voor elke christen die vertrekt gaan eerst duizend moslims weg", zo beweert hij.

Volgens priester Philip, verantwoordelijk voor de contacten met de Chaldese christenen overzee, heeft de massale emigratie niets te maken met religieuze discriminatie, maar met de effecten van de oorlog en het economische embargo. „Mensen hebben geen kans op werk wegens de verwoesting van de economie door de sancties. Dus willen ze weg om een ander leven te beginnen. Door de inflatie hebben mensen geen geld voor eten. Dus verlaten ze het land".

Eten erg schaars

Door de oorlog en de economische sancties is eten schaars en dus verschrikkelijk duur. De meeste Irakezen geven meer dan hun maandloon uit aan niets anders uit dan aan het meest eenvoudige voedsel. Vlees is voor de meeste Irakezen alleen nog een droom. In het Palestine Hotel aan de Tigris heeft de Amerikaanse roomse bischoppenorganisatie Catholic Relief Services een kantoor geopend. Douglas Broderick is daar verantwoordelijk. Hij heeft voor meer dan een miljoen dollar eten en medicijnen naar de Iraakse kerken gebracht.

„De kerken zijn zwaar getroffen door de oorlog. Ie;dereen is in feite arm geworden. Iedereen maakt jacht op eten en medicijnen. Zelfs de rijken hebben nergens anders aandacht meer voor. Ze moeten juwelen, tapijten, meubels verkopen om hun gezin in leven te houden". „Sommige kerken hebben een actief distributieprogramma opgezet, waarmee ze duizenden gezinnen helpen. Niet alleen de eigen leden, maar ook moslims. Wij brengen via Amman in Jordanië veel voedselhulp. Omdat we dat via de kerken doen, mogen die daar zelf een fors deel van houden".

Plicht doen

„Onze kerk doet haar plicht voor het hele volk van Irak omdat de menselijke liefde geen grenzen kent. De deuren van onze kerken staan open voor alle burgers. Moslims en christenen kunnen voedselpakketten ophalen", zegt Bidawid. Broderick vertelt dat de honger in sommige kerken zo groot is, dat mensen vechten om de dozen met voedsel die worden uitgedeeld. „In één kerk waar ik was braken de ruiten vanwege de wilde taferelen".

Bij de Kerk van Sint Jozef in Bagdad zitten alle ruiten er nog in. Priester Philip zingt de mis, in het Chaldees en Arabisch. De politieke taal ter ondersteuning van het regime ontbreekt tijdens de diensten in de kerk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.