+ Meer informatie

Bijbelse hoop geeft uitzicht en biedt houvast

4 minuten leestijd

"Jezus Christus, Die onze hoop is."

Het jaar 1994 is een enkele week oud. Wat zal dit jaar ons brengen? Dat is een vaak gestelde vraag en wij moeten elkaar het antwoord schuldig blijven. We doen er wijs aan ons door Gods woord te laten leiden. In het opschrift boven de eerste brief, die Timotheüs van Paulus kreeg, lezen we: ,Jezus Christus, Die onze hoop is." Dit woord verdient uw warme belangstelling! Wij zijn kleine mensen. Wij kunnen niet voor vaste hoop zorgen. Dat moet duidelijk zijn. Wij zijn klein van krachten. Maar daarmee is niet alles gezegd. God doet grote dingen. Hij alleen schenkt de hoop, die niet beschaamt. Dat mogen wij met Timotheüs bedenken. Paulus laat het licht vallen op zijn Heiland. Hij schrijft dat de Heere Jezus Christus onze hoop is. Dat is de stellige overtuiging van allen die in Hem geloven. Hoop is een heel bekend begrip. We hopen dat de ziekte een keer zal nemen. We hopen dat God uitkomst geven zal. En ik hoor oudere gemeenteleden wel eens zeggen: „Dominee, we hebben een hoopje voor hem!" Het zal u duidelijk zijn dat deze manier van spreken niet doet denken aan een rotsvaste zekerheid. We weten het niet zeker, maar we hopen het! In onze taal heeft het woordje "hoop" geen beste papieren. Het is duidelijk in waarde gedaald. Dat kunt u wel zeggen!

Voor Paulus is het woord "hoop" niet de aanduiding van iets onzekers, iets twijfelachtigs. De bijbelse hoop geeft uitzicht en biedt houvast. Deze hoop stelt nooit teleur. Want God wil met deze hoop verkwikken. Dat is Hem volle ernst! Hij is goed voor Zijn kinderen. Niet zonder bedoeling schrijft Paulus over deze hoop. In zijn dagen zijn velen de wanhoop nabij. Dankbaar herinnert hij Timotheüs aan wat God Zijn Kerk in Christus schonk. In dit pas begonnen jaar is er veel te noemen waardoor we hopeloos gestemd onze weg kunnen gaan. Ik zal dat niet ontkennen. Veel van onze medemensen zijn er ellendig aan toe. Zij hebben moeten leren, dat ze hun hoop niet op mensen mogen bouwen. Wij kunnen elkaar geen blijvende hoop schenken. Daarvoor moeten we bij de Heere Jezus zijn. En laten we het eerlijk erkennen: het zicht op Hem kan wel eens helemaal weg zijn. Ik denk aan wat er gebeurde in het leven van Maarten Luther. Voor de kerk van God op aarde heeft hij veel betekend. Maar hij was niet altijd hoopvol gestemd. Op een dag was hij in een grote geloofscrisis. Alles was donker voor hem. Maar hij had een wijze vrouw gekregen. En zij heeft in die verdrietige ogenblikken iets merkwaardigs gedaan. Midden op de dag deed ze de luiken voor de ramen. Toen was het niet alleen donker in het hart van Luther. Het was ook duister in zijn huis! Het leek wel alsof er een dode boven aarde stond. Toen hij vroeg: „Kathe, waarom heb je dit gedaan?", antwoordde ze: „God is toch gestorven? Want Maarten Luther heeft geen hoop meer." Dat voelde ze goed aan: God en hoop kunnen we nooit van elkaar scheiden.

Wanneer God Zich voor ons verbergt, is alles hopeloos en gaan we in wanhoop onze weg. Dan is alle spreken over hoop ongerijmd! Maar wanneer Gods Geest ons door het geloof aan Christus bindt, draagt de hoop ons leven. Want de Heere Jezus geeft niet alleen hoop. Dat kan een dokter ook doen, al is er soms geen enkele aanleiding om zo te spreken. Maar de Heiland doet meer dan hoop geven. Hij is de hoop van Zijn volgelingen. Zijn doorboorde handen houden hen vast! Dat is hun enige troost in leven en in sterven. We zijn dan ook rijk wanneer we door het geloof met Hem verbonden zijn. Dan is Paulus ook onze tolk als hij met nadruk stelt aan het begin van zijn brief: „De Heere Jezus Christus, Die onze hoop is." Wanneer Paulus deze regels schrijft zit hij zelf gevangen. Maar zonder hoop is hij niet. Zijn Meester leeft! Hij zal mij nooit begeven! Dat mogen allen die de HEERE kennen, vertrouwen. Zij hebben hoop!

Met goede hoop gaan ze dit jaar binnen. Ook als de golven huizenhoog rijzen? Ja, ook dan! Ook als het levensscheepje een speelbal van de golven wordt. Dan is er toch hoop! De zeeman wijst u op het anker. Dat moet overboord. Dat anker zorgt voor houvast. Het anker is het beeld van de hoop. Zo is de Heere Jezus de hoop van Zijn gelovigen. Deze hoop doet leven. Hij brengt de Zijnen thuis. Deze hoop moet al hun leed verzachten. En met David roepen ze in vertrouwen uit: „En nu, wat verwacht ik, o Heere? Mijn hoop, die is op U!"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.