+ Meer informatie

Prediking en kerkelijke besluitvorming (10)

5 minuten leestijd

IN DE EERSTE ARTIKELEN HEBBEN WE STILGESTAAN BIJ DE BESLUITEN VAN KERKELIJKE VERGADERINGEN MET BETREKKING TOT HET AMBT VAN DIENAAR VAN HET WOORD EN DE PREDIKING. IN HET TWEEDE DEEL VAN DE REEKS ARTIKELEN WORDT DE BLIK GERICHT OP UITSPRAKEN OVER PREDIKERS EN PREDIKING IN DE DRIE FORMULIEREN VAN EENHEID. HET ZAL DIT KEER GAAN OVER DE BELIJDENIS VAN DE KERK EN DE MANIER WAAROP DE GEMEENTE WORDT BETROKKEN OP DE PREDIKING.

Veelzeggend woordgebruik

Gaat het over de vraag, hoe de gemeente te betrekken op de prediking, dan reiken met name de Dordtse Leerregels ons veel aan. In hoofdstuk 1, paragraaf 3 lezen we: “Door de dienst van verkondigers van de zeer blijde boodschap worden de mensen geroepen tot bekering en het geloof in Christus de Gekruisigde.” In hoofdstuk 2, paragraaf 5 lezen we: “De belofte van het Evangelie moet aan alle volkeren en mensen, tot wie God naar Zijn welbehagen Zijn Evangelie zendt, zonder onderscheid verkondigd en voorgesteld worden, met bevel van bekering en geloof.” We citeerden al eerder uit hoofdstuk 3 en 4, paragraaf 8. “Doch zovelen als er door het Evangelie geroepen worden, die worden ernstig geroepen.” In hetzelfde dubbelhoofdstuk lezen we in paragraaf 17: “De apostelen en de leraren die hen gevolgd zijn, hebben het volk godzalig onderwezen over de wedergeboorte. Ondertussen hebben ze nochtans niet nagelaten hen door heilige vermaningen van het Evangelie te houden onder de oefening van het Woord.” In de Dordtse Leerregels wordt zonder enige uitzondering beleden dat de gemeente op de prediking van het Woord betrokken wordt met appellerend spraakgebruik. Dat wil zeggen: De belofte van het Evangelie wordt aan allen zonder onderscheid verkondigd en voorgesteld, met bevel van bekering en geloof.

Verkiezing, verwerping en prediking

In de Dordtse Leerregels worden de wezenlijke elementen van de orde van het heil nadrukkelijk beleden. Men deelde Gods eeuwige, genadige uitverkiezing van zondaren naast Zijn rechtvaardige verwerping van anderen een eerste plaats toe in dit belijdenisgeschrift. Dit fundamenteel belijden heeft de leden van de synode er niet van weerhouden om onbekrompen te belijden dat de boodschap van eeuwig heil onvoorwaardelijk dient te worden aangeboden aan een ieder. Dat blijkt met name uit hoofdstuk 2 en 3-4 van de Leerregels. Ter illustratie een paar citaten uit de adviezen die verschillende afgevaardigden uit het buitenland aanreikten:

De theologen uit Groot Brittannië schreven: “Predikanten dienen met de nodige zorgvuldigheid eerst de gewetens van de hoorders door de schrik van de Wet te verwonden. Om ze vervolgens door de beloften van het Evangelie op te richten en ze aan te sporen om bekering en geloof met ernstig bidden en smeken van God te begeren.”

De afgevaardigden uit Emden en Genève schrijven: “Deze manier van gebieden en de geboden inscherpen en verklaren is het middel dat God gebruikt om de mens te bekeren.” De afgevaardigden uit Hessen schrijven: “De kracht en de waardigheid van de dood van Christus is zo groot, dat zij genoegzaam is om allen en een ieder mens, al waren er meer dan duizend werelden, met God te verzoenen en hun zonden te boeten. Dat is de oorzaak waarom het Evangelie aan allen zonder onderscheid, verkorenen en verworpenen, gepredikt wordt en waarom hun allen geboden wordt in Christus te geloven en dat de ongelovigen om hun ongelovigheid rechtvaardig verdoemd worden.”

We maken de rij van afgevaardigden op de betreffende synode die dit gedachtengoed onderschrijven niet langer. Ze onderschreven het allen.

De Gelderse afgevaardigden over verkiezing, verwerping en prediking

Er is wel eens beweerd dat er toch een categorie afgevaardigden op de Dordtse synode aanwezig was, die een andere visie had op de prediking dan die hierboven is geschilderd. De Gelderse afgevaardigden gebruiken bewoordingen die maar op één manier lijken te kunnen worden opgevat. In een poging om zich aan de beschuldigingen van de remonstranten te ontworstelen, schrijven ze dat alleen zij werkelijk tot de zaligheid worden genodigd, die ook door Gods kracht daadwerkelijk aan die nodiging gehoor zullen geven. Echter, wanneer zij schrijven over de taak van een getrouw dienaar van het Woord, dan luidt hun advies: “Hij heeft tijdig en ontijdig te bestraffen, te dreigen en te vermanen naar het bevel van Paulus. Die taak heeft hij ten overstaan van állen die hem horen. Want, de Héére weet wel wie de Zijnen zijn, maar de dienaar van het Woord weet dat niet.”

Wat is prediking naar Schrift en belijdenis?

Geprobeerd wordt, met name in het tweede deel van hoofdstuk 3 en 4, om het onnaspeurlijke geheim van het werk van de Heilige Geest met de prediking van het Woord te beschrijven. In samenhang daarmee wordt gelovig beleden dat God de Heilige Geest herscheppend, levenwekkend werkt, op het moment dat zondaren door de bediening van het Evangelie worden opgeroepen om te komen en zich te bekeren. Gods Geest werkt dus dan in verstand en wil en hart, wanneer in de bediening van het Evangelie Christus aan zondaren wordt aangeboden.

Een wezenlijke vraag

Wie geen vreemde is in kerkelijk Nederland zal weten dat er heel wat kerken zijn met een eenduidige gereformeerde grondslag. Elk van die kerken onderschrijft de Drie Formulieren van Enigheid, de Heidelbergse Catechismus, de Nederlandse Geloofsbelijdenis en de Dordtse Leerregels. Toch zijn er met name op het terrein van de prediking de nodige verschillen te constateren. Daar hoeven we trouwens de deur van onze kerk niet voor uit. Mijn indruk is dat niet al die verschillen te wettigen zijn met een beroep op de Schrift en deze belijdenissen. Al langere tijd houdt de volgende vraag me bezig: Zou het dienstig zijn aan de eer van de HEERE, de drie-enige God, aan het geestelijk welzijn van de kerk, wanneer we ons als predikanten en als kerkelijke vergaderingen samen biddend zouden buigen over de vraag wat prediking is naar Schrift en belijdenis? Ik hoop dat samen onze belijdenissen lezen met het oog op dit wezenlijke onderwerp ons dichter bij het Woord en bij elkaar zal brengen!

Zomba, Malawi, C.J.P. van der Bas, V.D.m.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.