+ Meer informatie

NOGEENS: GEROEPEN NAAR GODS VOORNEMEN

5 minuten leestijd

2

We geven weer het woord aan onze lezer:

„Het „evenwicht” van alle deze zaken, komt in de preken van Erskine op een zéér zeldzame wijze tot zijn récht!! Ten diepste is het réchte luisteren naar Erskine, het luisteren naar zijn wezenlijke inhoud: „een zich láten zaligen-door-Gòd”. En dat geldt natuurlijk van alle rechte luisteren naar elke zuivere Bediening van het heilig Evangelie. Maar dat openleggen van het dierbaar Evangelie in de preken van dienstknechten als de Erskines waren, is wel een „zeldzaam” voorbeeld van zuivere en zéér bewogen Evangelie-bediening! Het wil wat zeggen: dat een dienstknecht als Erskine het uitdrukt: „het is Gods gewone weg.... om mét de arme ziel samen-te-spannen”!!! Hoe dringt Erskine het al-maar-aan: „Om de wille Gods in dezen te dóen (wat moeten wij doen: opdat wij de werken Gòds mogen werken? Dit is het werk Gods: dat gij gelooft in Hem, die Hij gezonden heeft) en dat de ziel het nóóit op-moet-geven: „ook al bevindt hij géén gewaarwording van de invloed des Heiligen Geestes”. Want het is het bevél van Gòd in Zijn Wóórd.... en niet de invloed van Zijn Geest: die de régel van uw plicht is! En nogmaals: „beter dan duizenden van theologen van welke Kerk ook.... weet Erskine: dat niets zonder de invloed van de Heilige Geest kàn! Sterker: er is zonder die gezégende invloed van Gods lieve Geest: „niet de minste néiging in een zondaars-hart aanwezig”. En toch handhaaft Erskine (en met Hem al onze vaderen) déze oproep tot het ware geloof en de ware bekering! En spóórt hij aan: „in èlke waarneming en gebruikmaken van de door God Zèlf gegeven en verordineerde INSTELLINGEN”. Zo komt Erskine tot deze uitdrukking: „het was géén begenadigd begìnsel dat Naäman bewóóg.... om zich in het water van de Jordaan te wassen; evenwèl: omdat hij deed.... wat God hem bevólen had: behaagde het de Heere met Zijn Eigen INSTELLING méde te werken.... en dat is nu Gods gewone weg!!!

Als we met zijn allen, (of we nu Chr. Ger. zijn of Ger. Gemeente of Hervormd of wàt ook) het eens niet meer wisten, en eens zéér ootmoedig, en zéér bescheiden aan de voeten van onze Vaderen neer mochten zitten, om te le en: „hoe er ziel-kundig vanuit Gòd, vanuit Zijn Wóórd, pastoraal bearbéid moet worden ? ? ? En voor onze éigen àrme ziel.... én voor die van onze mede-mensen ? ? ?

Dan wordt de uitdrukking van Erskine.... waar de „drèntse” richting bezwaar tegen had.... het krachtigste ARGUMENT om het tot God te wenden.... in de gewaarwording: „niet dat men het al van zich zélf gelóven kan: door-de-Heilige Geest beïnvloed te zijn.... maar júist in de (eigen) waarneming van àlles te missen.... en gaat wat God bevéélt dan ook waaràchtig klemmen.... en wat God belooft dan ook waarachtig hóuvast aan God geven! En de krachtige indruk zowel van het één, als dat van het ander: „dringt en drijft tot de pogingen, waar Erskine (juist in die „bewuste” uitdrukking) de arme ziel toe aandringt!!!” Laat ons dan in gehoorzaamheid aan Zijn Goddelijk bevel... en in afhanging van Zijn Goddelijke kràcht gelóven zo goed als wij kunnen.... en wanneer wij zulks doen.... schoon de daad in het eerst maar „natuurlijk” is, komt nòchtans de beloofde Genade Zèlf in-het-óefenen-daarvan, en máákt die tot een „boven-natuurlijke” dáád-des-geloofs!!

De „uit-één-rafelaar” van deze woorden, (ach, arme!! ) nee, die belééft het niet als een uitnémend en zeer krachtige „aansporing”.... maar een mens: „die hier wat van aanvóelt zou zich in tranen wèg willen wenen.... en als een àlles missend schepsel het zich tòch onderwinden om een greep op God te doen!! En in de beléving en betrachting van deze dingen zouden we Erskine het „bèst” begrepen hebben.... laat dan kraken wie kráken wil.... en laat „bezwaar” hebben wie zo-al-zijn-„bezwáren” heeft: (o, wat rèchtzinnig) maar wat dódelijk àrm!!!

Dit móest mij van het hart, En ik weet het: dat júist bij U, en de andere mede-werkers van: „Bewaar het Pand” diepe hoogachting is juist voor onze Vaderen als Erskine, Boston, Durham enz. enz. enz., maar het dacht mij dúre roeping te zijn: „om Erskine, óók in déze bewuste uitdrukking (voorzover dit korte bestek dit toelaat) aan àlle zijden rècht te doen”.

Verder: alle waardering voor uw blad! Ga in de kracht des Heeren door! Juist in déze tijdz van diep verval en afglijding van de grondslagen der Waarheid.... en dat zèlfs binnen de Ger. Gezindte, op ontstellende wijze.... is een helder en krachtig getuigenis hoge roeping!!

Dat we allen toch bij de eenvoud der Waarheid mochten bewaard worden, ook ons arme nageslacht. Als u mijn schrijven werkelijk „recht-doen-aan-Erskine” bevindt te zijn, mag u het gerust als ingezonden stuk plaatsen. Het mòcht voor deze of gene eens een met een „ziels-mis-verstand” en daardoor ontstaande verwarring.... tot enige „opheldering” verstrekken. Met die oprèchte bedoeling is het geschreven.”

Het leek ons goed dit ingezonden stuk te plaatsen. Het spreekt voor zichzelf. Nadere toelichting is niet nodig.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.