+ Meer informatie

„Liberale Coornhert is te eren boven Piet Heyn"

Coornhertjaar 1990 officieel in Gouda geopend

3 minuten leestijd

GOUDA - Niet Piet Heyn maar een Coornhert is het waard om te herdenken. De eerste vooronderstelt een nationalistisch sentiment, dat uit de tijd is, maar Coornhert beantwoordt aan de idee van erflaterschap en maatschappelijke relevantie. Coornhert is een erflater, al heeft het lang geduurd voordat dit aanvaard werd. Dit zei dr. A. A. de Bruin, voorzitter van het Nationaal Comité Coornhertherdenking 1990, gisteren tijdens de officiële opening van het Coornhertjaar 1990 in Gouda. In deze plaats overleed in 1590 de de humanistische literator, moralist en theoloog Dirck Volckertszoon Coornhert.

Het komende jaar staan tal van activiteiten op het programma. Volgens dr. De Bruin doet de gedachtenwereld van Coornhert een „appel op de sociale creativiteit en de harmonisering van onze samenleving". Coomhert beklemtoonde volgens hem de verdraagzaamheid, de individuele verantwoordelijkheid voor mens en samenleving en „de vanzelfsprekendheid van een pluriforme samenleving".

Coornhertprijs

Dr. De Bruin maakte bekend dat vanaf dit jaar om de twee jaar de Coornhertprijs uitgereikt zal worden. Zij zal bestemd zijn voor een persoon of instelling „die zich bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt voor de gelijke behandeling, verdraagzaamheid, kortom de harmonisering van de pluriforme Nederlandse samenleving waarop gedoeld wordt in het eerste artikel van de grondwet".


De Verenigde Spaarbank stelt tot het jaar 2000 een bedrag van 40.000 gulden beschikbaar voor deze prijs. De Coornhertpijs zal gemeentelijke en provincale belangen moeten dienen, waarbij dr. De Bruin als mogelijkheid opperde om lokale anti-discriminatieprojecten te onderscheiden met deze Coornhertprijs. Er is een beoordelingscommisie voor de prijs in het leven geroepen onder voorzitterschap van H. J. L. Vonhoff, commissaris van de Koningin in Groningen.


Secretaris-generaal H. A. de Boer van het ministerie welzijn, volksgezondheid en cultuur (hij verving minister drs. H. d' Ancona), zei dat Coornhert de hedendaagse opvattingen over mensenrechten en strafrechtpleging diepgaand heeft beïnvloed. Coornhert schreef geen Latijn maar Nederlands en kreeg daarmee geen Europese bekendheid, maar hij droeg veel bij tot de eenheid en eigenheid van de Nederlandse taal en daarmee ook tot de vorming van de Nederlandse nationale staat. „De staatkundige eenheid vond immers mede uitdrukking in een Nederlands dat taalkundig en inhoudelijk een zodanig niveau bereikte dat het een volwaardig uitdrukkingsmiddel kon zijn voor diep democratische gedachten". Het herdenken van Coornhert noemde De Boer een wezenlijke bijdrage „tot het behoud en de bevordering van het culturele en humanitaire niveau van onze Nederlandse samenleving en beschaving".


De Vereniging van docenten in geschiedenis en staatsinrichting in Nederland (VGN) presenteerde aan De Boer een onderwijsproject dat gewijd is aan Coornhert. Het project heeft de vorm van een speciaal nummer van het VGN-blad Kleio-Didactica. Het nummer bestaat uit vier onderdelen: "misdaad en straf', "godsdienst en tolerantie", "de reizen van Coornhert" en "rangen en standen". Volgens hoofdredacteur G. Peek lijkt het achterhaald om zo veel aandacht te besteden een Nederlands onderwerp en dat ook van zo lang geleden „daar de vaderlandse geschiedenis al jaren lang wijkt voor Europese en contemporaine wereldgeschiedenis". Maar juist Coornherts ideeën zouden een goede inspiratie vormen voor het denken op Europees en mondiaal niveau.


De uitgever van Walburg Pers in Zutphen overhandigde aan De Boer de gedenkbundel "Dirck Volckertszoon Coornhert. Dwars maar recht". De voorzitter van de redactiecommissie, prof. dr. I. Schöffer, noemde de titel een treffende inval van een van de redactieleden. „Coomhert was dwars door zijn individualistische persoonlijkheid, maar recht in zijn overtuiging en gedrag".


De officiële opening van het Coornhertjaar eindigde ten slotte met de onthulling van het reliëf "Rechtvaardigheyd totten menschen is nodigh ende nut", een zinspreuk van Coornhert die in kunstzinnige vorm verwerkt werd door Eric Claus, in opdracht van het gemeentebestuur van Gouda. Het dagelijks bestuur van het Nationaal Comité Coornhertherdenking, dat de komende activiteiten begeleidt, wordt gevormd door bestuursleden van de in 1983 opgerichte Coornhertstichting, waar dr. de Bruin ook voorzitter van is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.