+ Meer informatie

Pessimisine over toekomst

Opstelling lidstaten opnieuw verdeeld

3 minuten leestijd

BRUSSEL — De Nederlandse minister van buitenlandse zaken, Van der Stoel, heeft zich dinsdag in Brussel uiterst pessimistisch uitgelaten over de huidige situatie in de Europese Gemeenschap. „Ik heb het benauwde gevoel, dat we niet verder komen", zo zei hij dinsdag in Brussel tijdens een Europese ministerraad die voor de zoveelste maal geen enkel positief resultaat opleverde.

Het komende halfjaar heeft Nederland het voorzitterschap van de EG. We maken ons geen illusies over het bereiken van resultaten in dat halfjaar, aldus de Nederlandse bewindsman, maar we willen wel tot het uiterste gaan om het uiteenvallen van de gemeenschap te verhinderen en om alle positieve krachten te mobiliseren.

De minister verheelde overigens niet dat Nederland verwacht in het komende halfjaar weinig te kunnen bereiken. In Italië komen er binnenkort verkiezingen en in oktober zijn er in Duitsland verkiezingen en iedereen weet, dat men in verkiezingsperiodes tot weinig zaken komt. Maar we weigeren de moed op te geven, omdat het in het belang van geheel Europa is te proberen de impasse te doorbreken, aldus Van der Stoel.

UNCTAD

De minister kwamin Brussel tot zijji pessimistische uitspraken, nadat de Europese ministerraad er opnieuw niet in geslaagd was enig positief resultaat te boeken. Het voornaamste punt tijdens de raad (die maandag was begonnen) was het bepalen van het EG-standpunt op de deze week in Nai-' robi beginnende nieuwe UNCTAD-conferentie. Op twee belangrijke punten heeft Nederland de besluitvorming in de raad geblokkeerd, omdat, zo legde staatssecretaris Brinkhorst (Europese zaken) later uit, het geen genoegen wilde nemen met een minimale positie van de EG.

Knelpunten

Die punten waren het schuldenvraagstuk, waarnjee de armste landen in de wereld kampen en de zaak van het aanleggen en financieren daarvan van grondstoffenvoorraden om arme landen in staat te stellen hun inkomen te stabiliseren. Ik heb in uiterste gemoedsrust een minimaal gemeenschappelijk EG-standpunt over die kwesties tegengehouden, omdat ik geloof dat zo'n standpunt in Nairobi de geloofwaardigheid van de gemeenschap op het spel zou hebben gezet, aldus Brinkhorst.

De Nederlandse staatssecretaris (en eerder ook minister Van der Stoel) gaf er blijk van de hoop te hebben dat in de loop van de conferentie in Nairobi — vooral als bijvoorbeeld de Verenigde Staten daar hun goede wil tonen — de EG-landen tot een standpunt kunnen komen, dat de arme landen meer armslag geeft dan het standpunt dat de meeste EG-lidstaten nu wilden innemen.

Nederlands standpunt

Het Nederlandse standpunt over de twee genoemde onderwerpen is in het kort het volgende; Nederland voelt ervoor dat er een algemene overeenkomst komt, die het mogelijk maakt grondstofvoorrade aan te leggen die door de producenten- en consumentenlanden gezamenlijk worden gefinancierd. Wat de kwestie van de schulden betreft vindt Nederland dat er een opschorting van de aflossing en rentebetaling moet komen voor die arme landen die het water nu tot de lippen gestegen is.

Hulp

De EG-raad is er dinsdag ook niet in geslaagd het eens te worden over de financiële hulp aan landen waarmee men ndg onderhandelt over akkoorden, of over wijziging of aanvulling van bestaande akkoorden.. Het gaat hier om Griekenland, Turkije, de- Machrak- landen, Israël, Portugal, Cyprus en Joegoslavië.

De ministers van financiën hebben al vastgesteld, dat het plafond van de hulp die de Europese Investeringsbank aan die landen kan geven, op 2400 miljoen gulden over vijfjaar tijd moet liggen. Het debat in de raad ging nu voornamelijk over een bijkomende hulp (eventueel te betalen uit de Europese begroting) van nog eens 1350 miljoen gulden. De permanente vertegenwoordigers van de EG-lidstaten in Brussel zullen deze zaak opnieuw moeten bestuderen.

 Zomertijd

 De permanente vertegenwoordigers zullen ook de kwestie van de invoering van een uniform Europees paspoort verder bestuderen, evenals het probleem ven de invoering op eenzelfde datum in de meeste EG-landen van de zomertijd. Over dat laatste zei staatssecretaris Brinkhorst nog, dat als er binnen vijftien dagen geen EG-besluit valt, de Beneluxlanden en Frankrijk zullen besluiten die zomertijd volgend jaar op 3 april te laten ingaan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.