+ Meer informatie

Pop fungeerde heel vroeger als amulet

4 minuten leestijd

In 1395 was Karel VI, koning van Frankrijk, herstellende van een ziekte en men probeerde liem wat op te vrolijken. Dat lukte niet, totdat een koopman, genaamd Grivaldi, uit Parijs kwam met 56 houten beelden, die Romeinse keizerinnen voorstelden. De koning vond één pop zo mooi, dat hij deze kocht voor 300 francs. Een zeer hoog bedrag voor die tijd! Het gevolg was dat de hovelingen nu ook zo'n pop wilden hebben en zo werd het 'n mode. De poppen noemde men: (in het Frans) poupée, en bij ons: pop. Dit woord betekent eigenlijk: ontwikkeling.

Dit lezen we in een boek over de geschiedenis van poppen, dat de titel draagt: „Das grosse Puppenbuch".

En als we ons wat meer verdiepen in die geschiedenis, zien we dat de pop heel vroeger fungeerde als idool of amulet. Ze werden gebruikt bij mytische handelingen in dienst van de religie. De Chinezen hadden poppen van speksteen en zeepsteen. De beste exemplaren daarvan zien we in de 16-de tot de 18-de eeuw. Deze poppen hadden de functie van beschermheilige, maar bij feestelijke gebeurtenissen werden ze als gelukbrengend geschenk gegeven.

Toch hadden de poppen niet altijd een religieuze betekenis. Indianen in Nieuw Mexico maakten poppen van keramiek en textiel, puur als kunstuiting. Volgens Amerikaanse volkenkundigen namen de Indianen de pop pas als speelgoed over van reizigers ten tijde van koningin Elizabeth. In sommige Indianentalen bestaat er geen woord voor pop, bij andere is het gelijk aan het woord baby.

Katschina-poppen

Tussen de voor het spel gemaakte poppen en de religieuze poppen, bevinden zich de sterk beschilderde poppen van de Hopi- en Züni-Indianen, de zogenaamde: „Katschina-poppen" (uit Noord-Amerika). Deze Katschinajoppen golden als leermiddel voor de cinderen, in de tweede plaats pas als speelgoed. De reden hiervan is dat ze werden gemaakt in navolging van de echte ,,Katschina's", die maskergeesten voorstelden. Deze geesten werden beschouwd als vriendelijke goden die speciaal als opvoeders van de kinderen waren bedoeld... Zo zien we dus de vloeiende overgang van de pop uit zijn religieuze betekenis naar de functie van .,speelgped.

Eenvoudig materiaal

Vaak werden poppen om mee te spelen van zeer eenvoudige materialen vervaardigd. Meisjes uit de Kongo bonden bijvoorbeeld een stuk hout of wortel met wat vezels op hun rug en speelden dan dat ze een kindje droegen! Toen deze kinderen de Europese poppen kregen aangeboden, wisten ze niet wat ze daarmee moesten doen. Ze werden dan ook snel aangeboden als fetisj (een voorwerp dat men vereert of waar men heil van verwacht).

Bij vele volkeren waren beenderen de grondmaterialen voor poppen. Ze werden behangen met kralen en hadden vaak menselijk haar. Ook werden ze wel uit ivoor gesneden en prachtig bewerkt en versierd. Beenbewerking bij poppen zie je vooral in Siberië, bij de Eskimo's, die er meesters in zijn.

Bij de Afrikaanse maiskolfpoppen bestaat het lichaam uit de kolf. Het haar uit gevlochten maisstro, vaak vermengd met echt vrouwenhaar. Mexicaanse poppen zijn uit meerdere kolven 'samengesteld en hebben uit maisstro gevlochten kleren en armen.

Gebreide poppen van gekleurde wol zien we in Guatemala, Bolivia/en Chili. Mexico en Peru maken poppen van aardewerk. In Beieren werden poppen van lompen, allerlei stof resten en draden gemaakt. Hier zijn geen overblijfselen van, omdat textiel vergaat. Als geraamte werd een houten pollepel gebruikt waaromheen de kleren werden gerangschikt.

Oudste poppen

De oudste houten poppen werden met de hand gemaakt en dateren van 2000 jaar voor Christus (Egypte). Ook stoffen poppen komen uit Egypte. Het hoofd was van'hout, ivoor of aardewerk en het lichaam van wol. De kleding van de poppen was volgens de mode van de volwassenen. In Griekenland ontstond de eerste echte speelgoedfabricage. De oudste poppen hebben beweegbare benen. De meeste waren van terra cotta (= een bepaalde kleisoort) gemaakt, maar er zijn ook poppen van hout, gips en ivoor. De Griekse en Romeinse poppenhuizen waren rijk ingericht met meubels van brons en ivoor. De verhouding was 1:10 in vergelijking met gewone meubels.

Uit de middeleeuwen is weinig speelgoed overgebleven. In de achtste en negende eeuw zien we lappenpoppen en vooral in Duitsland de houten poppen. Er was veel verschil in het materiaal tussen het speelgoed van de gewone man en de adel. De eerste groep had speelgoed van aardewerk, en de laatste bijvoorbeeld van hout met stof overtrokken.

Massaprodukt

Tot de poppen, aardewerken paardjes en gewapende ridders uit de 12-de en 13-de eeuw, zoals ze in Straatsburg werden ontdekt, hoort ook een dame, met een jachtvalk op de hand (14 cm hoog). In 1859 ontdekte men onder de" straatstenen in Neurenberg een collectie speelgoed; daaronder bevond zich een reeks poppen van aardewerk uit de 15- de eeuw.

Deze aardewerken poppen werden als massaprodukt gefabriceerd; door middel van een mal in de vorm geperst en daarna gebakken. Volgens de stijl zijn ze gotisch en ze hebben op de borst een ring-vormige verdieping (daar moest wellicht een muntje in). De kostuums zijn typisch vrouwelijk met lange, hooggetailleerde. geplisseerde gewaden, rijk geplooide mantels en haardracht volgens de laatste mode!

In de 18-de en 19-de eeuw werden er houten poppen met beweegbare ledematen van Holland naar Engeland uitgevoerd. Ze werden „Vlaanderse baby's" genoemd.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.