+ Meer informatie

Leven op een tikkende tijdbom

Kobe na de aarbeving

9 minuten leestijd

Luttele minuten werd Kobe door elkaar geschud. Het was genoeg om de trots van Japan te veranderen in een puinhoop. Anderhalfjaar later is de materiële schade nagenoeg hersteld. Maar het vertrouwen van de Japanner in de technologie is ernstig geschokt. En de grote klap moet volgens deskundigen nog komen. In Tokio. Het Aziatische volk accepteert het gelaten. „Als we erover na zouden denken, hoe zouden we dan kunnen leven?"

Bijna niets wijst er meer op dat de Japanse havenstad Kobe in de vroege morgen van 17 januari 1995 door een aardbeving werd geruïneerd. De schade als gevolg van de Great Hanshin Earthquake is voor het oog nagenoeg hersteld. Alleen de afgetekende scheuren in het wegdek herinneren aan de ramp. En de bouwactiviteit door de hele stad, al is de afronding in zicht. De bovenste twee verdiepingen van het zwaar beschadigde gemeentehuis zijn gesloopt en opnieuw opgetrokken. Karin Zaugg, afkomstig uit het Amerikaanse Seattle, is er werkzaam als coördinator van de afdehng internationale relaties. Haar kamer biedt uitzicht op de hooggelegen snelweg, die door de aardbeving als een kaartenhuis instortte, en hèt symbool werd van de ramp in Kobe. In oktober '95 werd hij heropend, ruim een jaar eerder dan gepland.

Verdoofd
De psychische schade is minder gemakkelijk te herstellen, weet de voorlichtster uit ondervinding. De morgen van de aardbeving werd ze ruw wakker geschud. Het meubilair in haar slaapkamer slingerde door het vertrek. In de keuken kletterde vaatwerk en serviesgoed uit de kast. „Ik heb meer aardbevingen meegemaakt, in Tokio en Los Angelos, dus ik wist dat ik buiten moest zien te komen, maar dat lukte niet. We hadden horizontale en verticale bewegingen tegelijk. Gelukkig hielden de muren het. Ik woon in KobeNoord, aan de andere kant van het Rokko-gebergte. Daar was de schade verhoudingsgewijs gering." In de dagen na de ramp trok ze als tolk op met Zwitserse hulpverleners en Japanse brandweermensen. „Ik hielp mee met het bergen van doden en het bevrijden van gewonden uit brandende en ingestorte huizen. Zo goed mogelijk probeerde je hen te begeleiden. Voor ons was er geen ondersteuning. Vier maanden lang was ik totaal verdoofd. Toen brak er iets en heb ik zes uur aan een stuk gehuild."

Spookstad
Op advies van psychologen in Seattle keerde ze niet naar huis terug. Wel had ze wekelijks telefonisch contact met haar familie. Twee maanden na de ramp kwam haar vader over naar Kobe, zodat ze hem persoonlijk de ravage kon laten zien. Ook het steeds weer tonen van een video van de ramp, aan persmensen uit de hele wereld, hielp mee aan de verwerking. Nog belangrijker is volgens de Amerikaanse dat ze de spectaculaire herbouw van de stad heeft meegemaakt. „Vrienden van me die meteen na de aardbeving naar hun eigen land zijn teruggekeerd, hebben nu veel meer psychische problemen dan ik. In hun gedachten blijft Kobe voortleven als een spookstad, vol vuur, dood en verschrikking."

Noodwoningen
Van de anderhalf miljoen inwoners van Kobe wonen er nog ruim 55.000 in noodwoningen. Voor het overgrote deel bejaarden. Aan kleine, oudere woningen werd de meeste schade aangericht. Op verschillende locaties is vervangende woonruimte gecreëerd: blokken van honderden identieke tweekamerappartementen, rij aan rij. Ook beschikbare ruimte op Port Island is voor dit doel gebruikt. Nabij een kade van het kunstmatige eiland, met z'n havens, flats, kantoren, conferentiecentra en een regionaal pretpark, is een complex met in totaal vierhonderd woningen gerealiseerd. Verveeld slentert een man van middelbare leeftijd door een nauwe steeg tussen de barakken, waar aan simpele rekjes was hangt te drogen. Door bloembakken proberen de bewoners nog wat fleur aan te brengen. Een vrouw verwijdert vol toewijding de uitgebloeide kelken.

Karaoke
Naast de gemeenschapsruimte aan de rand van het alternatieve dorp wapperen aan vlaggemasten kleurige windsokken, holle vlaggen in de vorm van karpers. Ten teken dat de nationale jongensdag zelfs in dit trieste oord niet wordt vergeten. We worden verwelkomd als verjaardagsvisite. Er is koffie met cake. Aan het hoofd van de tafel noteert een oude baas wie aan de beurt is om te zingen. Het beproefde Karaoke wordt ook hier in ere gehouden. Op het video-scherm voor in de zaal verschijnt in Japanse karakters de tekst van het lied dat een vrouwtje heeft uitgekozen. Aandachtig luistert het bejaarde publiek naar het onvaste gezang van de vrouw, die moeite heeft de melodie uit de speakers te overstemmen. Verontschuldigend wijst ze naar haar keel, met een zielige grijns. Maar er is niemand die lacht, wanneer haar stem voor de zoveelste keer overslaat. Als ze de microfoon neerlegt, wordt eenparig geapplaudisseerd.

Ruimtegebrek
Zo nu en dan komt een dokter spreekuur houden. Voor het overige wordt van de bewoners verwacht dat ze hun bestaan zelf invullen. Aanvankelijk werd hun voorgespiegeld dat het verblijf in de noodwoningen niet veel langer dan een jaar zou duren. Recent werd die periode weer met een jaar verlengd. De vraag is of ze er ooit vandaan komen. Uiterlijk slaan ze er zich manmoedig doorheen, maar achter veel lachende gezichten gaan treurige harten schuil, weet Karin Zaugg. „Door hun leeftijd kunnen ze de psychische klap moeilijker verwerken dan de jongere generatie. Bij hen zijn bovendien de herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog weer boven gekomen, toen Kobe door bombardementen werd vernietigd." Een groot aantal woningen wordt bewust niet herbouwd, omdat de bestuurders van Kobe met de vrijgekomen grond andere plannen hebben. Nu de ramp is geschied, kan van de nood een deugd worden gemaakt, door voorzieningen te realiseren waarvoor in het verleden geen plaats was. Ruimtegebrek is in Kobe, dat wordt omringd door water en bergen, al decennia lang een nijpend probleem.

Zelfmoord
Prof Sumito Haruna, hoogleraar filosofie aan de Kwansei Gakuin universiteit, heeft weinig lof voor het sociale beleid van het stadsbestuur. „Veel noodwoningen zijn neergezet in buitengebieden, waar geen openbaar vervoer komt. Wat betekent dat de mannen niet naar hun werk kunnen en door hun werkgever worden ontslagen. Anderen bivakkeren om die reden nog steeds in tenten, op verschillende plaatsen in de stad. Om hun baan te behouden. Werkloosheid is een belangrijke oorzaak van zelfmoord onder gedupeerden van de aardbeving." De wetenschapper, zelf geboren en getogen in Kobe, kwam redelijk gunstig van de aardbeving af Alleen het dak van zijn woning werd ernstig beschadigd. „M'n vrouw was sneller bij haar positieven dan ik. Ze sprong meteen uit bed, trok mij er ook uit, en nam me aan de hand mee naar de woonkamer, waar we onder de tafel zijn gekropen. Het kwam voor ons totaal onverwacht. M'n moeder zei altijd: Hier in Kobe hebben we gelukkig nooit aardbevingen. Hetzelfde werd ook door de geleerden beweerd."

Waarschuwing
De gereformeerde hoogleraar beschouwt de aardbeving als een waarschuwing van God. „Kobe was de trots van Japan. De belangrijkste haven en een centrum van technologie, met hypermoderne kantoorgebouwen en een zeven kilometer lange tunnel door het Rokkogebergte. Daar beroemden velen zich op. Maar God heeft erin geblazen. Ik heb daar met mijn studenten na de ramp ook over gesproken. We kunnen wel denken dat we met onze technologie alles beheersen, maar het is God Die regeert. In de aardbeving zagen we Zijn macht. Wat wij in tientallen jaren opbouwden, werd door natuurgeweld binnen enkele minuten verwoest. Na de ramp werden we pijnlijk aan onze afhankelijkheid herinnerd. Niets functioneerde meer. We hadden geen elektriciteit, geen gas, geen water, geen telefoon... Dan besef je hoe nietig de mens blijft, met al z'n vernuft, en belijd je met Hebreeën 12 dat alles hier beweeglijk is. Het onbeweeglijk Koninkrijk, waar we naar uitzien, is boven."

Geschokt
Het aardse vaderland van de christen-filosoof ligt op een van de meest actieve aardbevingsgordels ter wereld. In Tokio zijn bijna dagelijks lichte trillingen voelbaar. Historisch gezien wordt de stad gemiddeld om de zeventig jaar door een zware schok getroffen. De laatste keer was dat in 1923. De ramp in de hoofdstad en het aangrenzende Yokohama kostte toen aan 140.000 inwoners het leven. Op grond van de statistiek kan de metropool elke dag de nieuwe grote klap verwachten. De ramp in Kobe heeft zowel aardbevingsspecialisten als bouwkundigen behoorlijk geschokt. De eersten beweerden dat de kans op een aardbeving in de havenstad nagenoeg uitgesloten was. De laatsten dat de moderne bouwwerken, zoals de verhoogde snelweg in Kobe, aardbevingsbestendig waren. Beide stellingen werden door de Great Hanshin Earthquake omver geworpen. Een vergelijkbare aardschok in Tokio zal volgens specialisten 24.000 doden en ruim 100.000 gewonden betekenen. Dat is pas het begin van de nachtmerrie. Als het hart van de stad, met z'n vele regeringsgebouwen en hoofdkantoren, wordt getroffen, is in één klap het zenuwcentrum van de sterk centraal geleide staat uitgeschakeld, en zakt het land binnen een maand economisch in elkaar.

Verhuizing
Het sombere scenario heeft de plannen om alle overheidsgebouwen te verplaatsen naar een veel kleinere hoofdstad in een veilige streek nieuw leven ingeblazen. De verhuizing zou rond 2010 moeten plaatsvinden. Het hele project is begroot op 225 miljard gulden. Gert van der Knaap, in Tokio werkzaam voor Akzo-Nobel Japan, heeft z'n twijfels bij de operatie. De Japanse maatschappij is gebaseerd op netwerken en relaties, waardoor een samenklontering van vitale instellingen bijna onontkoombaar is. Daar komt bij dat het patroon van aardbevingen uitermate grillig blijft, waardoor schijnbaar veilige plaatsen onverwacht toch worden getroffen. Het Aziatische volk heeft dat feit volgens de Europese zakenman geaccepteerd. „Een van de bekendste Japanse uitspraken is: Niks aan te doen. De Japanner heeft een sterke drang om z'n bestaan veilig te stellen, maar er blijven zaken van overmacht in het leven. Zoals aardbevingen. Die worden met een zeker fatalisme aanvaard. Dat vertaalt zich ook in een diep besef van de vergankelijkheid van alles. Eeuwenoude tempels worden zonder enig bezwaar met de grond gelijk gemaakt en vervangen door een betonnen replica."

Nergens veilig
Op de Nederlander zelf legt de dreiging van een aardbeving een zwaardere druk dan hij had verwacht. Zeker na de ramp in Kobe. „Het is een onderwerp dat voortdurend in de gesprekken terugkeert. Je houdt er ook rekening mee bij de inrichting van je huis. Zo worden boekenkasten hier bij voorkeur aan een wand vastgeschroefd. Aan de andere kant is het niet zo dat je je elke dag bang zit te maken. Dan zou je je werk niet meer kunnen doen." „Wij Japanners denken er niet al te diep over na", zegt emeritus hoogleraar Eishi Nakamura in Kyoto. „Waarschijnlijk uit zelfbescherming. Als we het wel deden, hoe zouden we dan kunnen leven? Maar de angst kun je niet uitbannen. Als ik 's nachts wakker word omdat de grond trilt, ben ik doodsbang. Bij een aardbeving kun je niet ontkomen. En waarom zou het ons in Kyoto niet gebeuren? Er is geen enkele veilige plaats in Japan. Na Kobe is dat duidelijker dan ooit."

Volgende keer: Een Nederlander bij Nissan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.