+ Meer informatie

Aanvaardbaar of niet?

3 minuten leestijd

Al bijna anderhalve eeuw bevat onze grondwet een bepaling waarin het briefgeheim is vastgelegd. Alleen in bijzondere gevallen mag daar op last van de rechter van worden afgeweken. In de nieuwe grondwet Is die onschendbaarheid van het briefgeheim uitgebreid met een soortgelijke bepaling over het telefoon- en telegraafgeheim. Achterliggende gedachte is de bescherming van de privacy. Mensen moeten met anderen elders in het land kunnen communiceren zonder dat derden daar ongevraagd hun neus in steken. Maar soms zijn uitzonderingen op die regel onvermijdelijk.

Dat geldt met name bij de opsporing van criminele activiteiten. Dan kan het nodig zijn dat brieven worden geopend en vormt het afluisteren van de telefoon voor de politie een goed hanteerbaar middel. Nu is dat uiteraard de onderwereld ook niet onbekend. Vandaar dat die uitwijkt naar de autotelefoon of gebruik maakt van openbare telefooncellen.

Onlangs kwam naar buiten dat de Dokkumse politie een maand lang een openbare telefooncel had afgeluisterd. Zij wilde nagaan of een hasjdealer in de betreffende wijk ook in cocaïne en heroïne handelde. Dat bleek niet het geval te zijn. Althans het bewijs daarvoor kon —ook op basis van de afgeluisterde telefoongesprekken— niet geleverd worden.

De zaak zou verder geen aandacht hebben gekregen, ware het niet dat de advocaat van de verdachte nogal veel drukte maakte over deze zaak. Hij beschouwde het afluisteren van de openbare telefooncel als een „krankzinnige inbreuk op de privacy" van de bewoners van die wijk. Nu is er inderdaad verschil tussen het afluisteren van een particuliere telefoonaansluiting en een openbare telefooncel. In het laatste geval is het immers bij voorbaat duidelijk dat ook telefoongesprekken worden afgeluisterd van honderden mensen die op geen enkele wijze verdacht zijn en om praktische redenen (bij voorbeeld omdat zij zelf geen telefoon hebben) van die openbare telefooncel gebruik maken. Maar dat is onvermijdelijk. Het is wel een reden te meer om met het afluisteren van telefooncellen terughoudend om te springen.

De bestrijding van de criminaliteit vormt in ons land een groot probleem. Men kan zelfs wel spreken van een groeiend probleem. Ook elders in de wereld is dat het geval.

In de vorige eeuw is door 'verlichte' geesten wel gezegd: bouw scholen, dan kun je de gevangenissen sluiten. Met andere woorden: door de verbreiding van de kennis zal de misdaad afnemen. Beter opgeleide mensen zullen gaan beseffen dat het onverstandig en onverantwoord is om het criminele pad op te gaan.

Van dat optimisme is niets terecht gekomen. Het was ook een optimisme wat geen rekening hield met de realiteit van de zonde. De zondige aard van de mens is door onderwijs en beschaving niet weg te poetsen.

Veeleer moeten we in deze tijd beducht zijn voor een opmars van de criminaliteit. Daarbij maken criminelen gebruik van allerlei moderne technieken. In de strijd daartegen is het niet verstandig om de mogelijkheden van de politie erg in te perken.

Vandaar dat het ook mogelijk moet zijn om —zij het uiteraard niet onbeperkt— telefoongesprekken af te luisteren. Dat geldt eveneens voor telefoongesprekken vanuit openbare telefooncellen of bij voorbeeld hotels. Tegelijkertijd moeten er voldoende waarborgen zijn dat degenen die ambtshalve van die gesprekken kennis nemen, daar geen oneigenlijk gebruik van maken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.